Interventie radiologie

De Sectie Interventieradiologie van de afdeling Radiologie houdt zich bezig met minimaal invasieve beeldgestuurde behandelingen. Veel van deze radiologische interventies kunnen onder lokale verdoving en in dagbehandeling worden uitgevoerd. Meer complexe behandelingen worden onder narcose uitgevoerd. De interventieradioloog voert de procedure uit in een team met gespecialiseerde laboranten. Voor de behandeling wordt de patiënt door een specialist verwezen naar de interventieradioloog.

Het belangrijkste kenmerk van een radiologische interventie is dat er gebruik gemaakt wordt van een beeldvormende techniek. Met behulp van echografie, röntgendoorlichting of CT- doorlichting is het mogelijk de instrumenten en het materiaal door de kleine opening in de huid op de juiste plaats te krijgen. Door bijvoorbeeld een katheter in de liesslagader in te brengen kan deze onder röntgendoorlichting naar vrijwel elke slagader in het menselijk lichaam worden gestuurd om daar een behandeling uit te voeren.

Voor onderzoek en therapie wordt gebruik gemaakt van de modernste apparatuur. Voor CT-diagnostiek beschikt de afdeling over een 3-tal moderne CT-scanners. CT- geleide behandelingen vinden plaats op een scanner met speciale doorlichtingfaciliteiten in een speciaal daarvoor ingerichte interventiekamer. Voor onderzoek en behandeling onder röntgendoorlichting zijn er twee kamers met vaste moderne digitale röntgenstatieven beschikbaar: een biplane statief en een monoplane statief. Op alle interventiekamers is moderne echografie apparatuur aanwezig. 

In de interventieradiologie zijn technische ontwikkelingen aan de orde van de dag. De sectie interventieradiologie van het LUMC beschikt over de modernste medische apparatuur en materialen en is betrokken  bij het ontwikkelen en implementeren van nieuwe diagnostische en therapeutische methoden en technieken.

Klinische Zorg 

De sectie interventieradiologie bestaat uit een groep van gespecialiseerde radiologische laboranten en radiologen. Binnen de sectie interventieradiologie is alle benodigde interventie radiologische expertise aanwezig en hebben radiologen zich gespecialiseerd in de verschillende aandachtsgebieden. 

  • Neurointerventies 

Patiënten met een aandoening aan de bloedvaten in de hersenen en het ruggenmerg kunnen worden behandeld door de neuro-interventionalist. De meest voorkomende aandoeningen zijn het herseninfarct, de subarachnoïdale bloeding en de hersenbloeding. Bij de behandeling van deze aandoeningen wordt via de liesslagader een katheter (dun slangetje) ingebracht en via de bloedvaten naar de afwijking in de hersenen of het ruggenmerg gebracht. Bij patiënten met een herseninfarct, welke veroorzaakt wordt door een stolsel in de grotere hersenbloedvaten, kan via de ingebrachte katheter het stolsel verwijderd worden (Zie behandeling herseninfarct). Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de uitkomst van patiënten hierdoor in belangrijke mate verbeterd. Deze behandeling kan worden uitgevoerd binnen 6 uur na ontstaan van de uitvalsverschijnselen. De verwachting is dat in de (nabije) toekomst deze behandeling ook langer na ontstaan van symptomen kan worden uitgevoerd. Een subarachnoïdale bloeding is een bloeding die optreedt tussen de hersenen en de omgevende hersenvliezen. Deze bloeding wordt meestal veroorzaakt door een aneurysma, een zwakke plek in een hersenbloedvat. Via een katheter worden coils (kleine metalen draadjes) in het aneurysma gebracht zodat nieuwe bloedingen in de toekomst voorkomen kunnen worden( Zie folder "Coilen van een aneurysma").
Deze behandeling kan ook uitgevoerd worden indien het aneurysma per toeval is ontdekt, m.a.w. voordat deze een bloeding heeft kunnen veroorzaken. Met deze minimaal invasieve techniek kan een meer ingrijpende operatie voorkomen worden. Een hersenbloeding, dit is een bloeding die in het hersenweefsel is opgetreden, kan verschillende oorzaken hebben zoals bv een arterioveneuze malformatie (een ‘vaatkluwen’). Afhankelijk van de oorzaak wordt altijd nagegaan of de behandeling door de neuro interventionalist kan worden uitgevoerd. In het LUMC werken drie gespecialiseerde neuro-interventionalisten die zich hebben toegelegd op de behandeling van vaataandoeningen in de hersenen en het ruggenmerg.

  • Vasculaire interventie 

Stenoses of occlusies van de bloedvaten naar de benen of andere lichaamsdelen kunnen ernstige klachten en problemen geven. Patiënten met claudicatio intermittens of slecht genezende wonden aan de benen worden door de vaatchirurg vaak voor behandeling naar de interventieradioloog verwezen. De interventieradioloog kan met katheters, ballonnetjes of stents de vernauwingen en verstoppingen behandelen zonder dat ingrijpende chirurgische ingrepen noodzakelijk zijn. 

Een aneurysma van de aorta is in bepaalde gevallen een levensbedreigende aandoening. Afhankelijk van de grootte en groei van het aneurysma kan deze namelijk barsten. In een team met de thoraxchirurgen en vaatchirurgen worden deze aneurysmata met een endoprothese behandeld via een kleine incisie in de lies. Een ingrijpende operatie is dan niet nodig). 

Arterioveneuze malformaties zijn gecompliceerde bloedvatmisvormingen. Deze kunnen behalve in de hersenen ook in de rest van het lichaam voorkomen en ernstige klachten geven. Volledige genezing van deze afwijkingen is vaak niet mogelijk maar met speciale embolisatie technieken kan de interventieradioloog een rol spelen bij het beheersbaar maken van de klachten en symptomen.

  • Oncologische interventies

Patiënten met levermetastasen van colorectale maligniteiten kunnen in geselecteerde gevallen worden genezen met chirurgische resectie. Radiofrequente ablatie (RFA) is een alternatieve en minimaal invasieve techniek om de levermetastasen te behandelen. Onder narcose wordt, door een klein gaatje in de huid, een RFA naald in de metastase in  de lever gestoken en wordt dit gebied zodanig verhit dat de tumorcellen dood gaan. In bepaalde gevallen is dit een goed alternatief voor ingrijpende chirurgie.

Het hepatocellulair carcinoom is een kwaadaardige tumor van de lever die vaak in een door cirrose aangetaste lever optreedt. Een dergelijke tumor kan het beste worden behandeld door deze operatief te verwijderen en met een levertransplantatie. In bepaalde gevallen is chirurgische verwijdering of transplantatie (nog) niet mogelijk en kan de tumor worden behandeld met RFA,  transarteriele chemo-embolisatie (TACE) of transarteriele radio-embolisatie (TARE). Bij chemo-embolisatie wordt de chemotherapie gekoppeld aan kleine bolletjes die door de interventieradioloog selectief in de arteria hepatica worden gespoten. Zodoende krijgt de tumor een zeer hoge dosis chemotherapie, terwijl de rest van het lichaam een zeer lage dosis krijgt en er dus geringere bijwerkingen ontstaan. Bij radio-embolisatie worden kleine radioactieve bolletjes door de interventieradioloog selectief in de arteria hepatica ingespoten waarbij de tumor(en) van binnenuit worden bestraald.

Geisoleerde leverperfusie bij levermetastasen van dikke darm kanker of oogmelanoom is een  behandeling die alleen in het LUMC wordt uitgevoerd. Hierbij wordt een hoge dosis chemotherapie in de leverslagader toegediend. Het bloed met de chemotherapie wordt via een afzonderlijk systeem uit de lever opgevangen en gefilterd. Het ‘schone’ bloed wordt aan weer u teruggegeven via een halsader. 

  • Musculoskeletale interventies 

Osteoïd osteomen zijn zeer kleine goedaardige tumoren van het skelet. Hoewel deze afwijkingen niet levensbedreigend zijn kunnen ze wel veel pijnklachten geven. Chirurgische resectie van een osteoid osteoom is effectief, maar vaak zeer ingrijpend. In het LUMC bestaat een zeer ruime ervaring met het behandelen van deze afwijkingen met radiofrequente ablatie (RFA). Onder narcose wordt met behulp van CT-doorlichting door een sneetje in de huid van enkele millimeters een speciale naald in de kleine tumor geplaatst en de tumor tot 90 graden verhit zodat de tumorcellen dood gaan. 

Het LUMC heeft een grote expertise op het gebied van de diagnostiek en behandeling van skelet- en wekedelen-tumoren. Het nemen van een biopsie maakt vaak onderdeel uit van het diagnostisch proces. De juiste plaats en benadering is essentieel bij het nemen van een biopsie en daarom wordt dit vaak onder echo- of CT - geleide gedaan door de interventieradioloog.  

Voorlichting

Er zijn diverse voorlichtingsfolders voor procedures die worden uitgevoerd door de interventie radioloog met daarin opgenomen verschillende You tube filmpjes. In de voorlichtingsfilmpjes is gebruik gemaakt van figuranten.  Van de volgende procedures zijn er Youtube voorlichtingsfilmpjes in de voorlichtingsfolder opgenomen:

Biopsie algemeen echogeleidRFA van een LongtumorRFA van een bottumorRFA van een levertumoRFA van een niertumorChemo-embolisatie van een levertumor(TACE) en radio-embolisatie.

Aandachtsgebieden sectieleden 

Binnen de sectie interventieradiologie hebben de radiologen zich toegelegd op bepaalde gebieden van expertise:  

  • Vasculaire, oncologische en musculoskeletale interventies:   Mw. Dr. C.S.P. van Rijswijk (sectiehoofd), Dr. A.R. van Erkel , Dr. M.C. Burgmans en Dr. R.W. van der Meer.
  • Neurointerventies: Mw. Dr. M.A.A. van Walderveen, Dr. P.W.A Willems, Dr. I.R. van den Wijngaard.

Research
Faciliteiten Radiologie
Folders LUMC, afdeling Radiologie