Radiostereometrische Analyse (RSA)

Als een heup of knie versleten is door artrose is het mogelijk om het gewricht te vervangen door een prothese. Zo’n operatie zorgt ervoor dat de pijn veel minder wordt en de patient weer goed kan bewegen. Voor meer dan 90% van de patienten werkt een prothese meer dan 15 jaar zonder problemen, maar bij een klein aantal patiënten kan de prothese in de loop van de tijd los gaan zitten waardoor het vervangen moet worden. Artsen en fabrikanten van protheses proberen continu de werking en duurzaamheid van prostheses te verbeteren. Het is belangrijk om zo snel mogelijk te weten of zo’n verbeterd ontwerp er voor zorgt dat de levensduur van de prothese niet korter wordt. 
  
Met stereo rontgenfoto’s (RSA) is het mogelijk om binnen twee jaar heel nauwkeurig te meten of een prosthese goed vast zit in het bot. Met de RSA metingen kan een nieuw prothese-ontwerp getest worden en kan de duurzaamheid op lange termijn voorspeld worden.  
  
De RSA techniek is in 1989 ontwikkeld in Zweden en sinds 1993 doet de afdeling Orthopaedie van het LUMC onderzoek met RSA om protheses te testen.  Tijdens de operatie worden een aantal kleine metalen balletjes rond de prothese in het bot geplaatst. Deze balletjes zijn nodig om met behulp van speciale röntgenfoto’s de positie van de prothese in het bot te meten. Door de positie van de prothese in het bot op een aantal momenten in de eerste 2 jaar na de operatie te vergelijken, wordt bepaald of de prothese vast zit. Als de prothese na de operatie niet vast zit binnen 2 jaar, dan is de kans groot dat de prothese vroegtijdig vervangen moet worden. 
  
De afdeling Orthopaedie van het LUMC is wereldwijd een van de expertise centra op het gebied van RSA. Verschillende andere ziekenhuizen in de wereld maken gebruik van de speciale software die de afdeling ontwikkeld heeft en raadplegen de RSA specialisten van afdeling met grote regelmaat over RSA onderzoek.