Levertransplantatie

Als u weer naar huis gaat

Een levertransplantatie is een ingrijpende behandeling. Daarom blijven we u ondersteunen, ook als u weer naar huis gaat. We nodigen u uit voor nacontroles en houden samen met u bij of u uw medicijnen goed inneemt.

Na de transplantatie krijgt u verschillende soorten medicijnen mee naar huis die afstoting en infecties moeten voorkomen. Sommige daarvan zult u de rest van uw leven moeten innemen. Op de verpleegafdeling leerde u hoe en wanneer u dat doet. Een overzicht van de bijwerkingen van een aantal belangrijke medicijnen vindt u in het dossier Leven na een transplantatie.

Zelfcontrole en nacontroles

In de periode na een levertransplantatie voert u thuis zelfcontroles uit. In een schrift noteert u dagelijks uw ochtendtemperatuur en gewicht. Ook houdt u daarin bij welke medicijnen u inneemt. De eerste weken na thuiskomst bezoekt u heel regelmatig de polikliniek. De leverspecialist, MDL-arts en/of de verpleegkundig specialist neemt daar samen met u het schrift door, bespreekt uw medicatie, doet lichamelijke controles en neemt bloed bij u af.

Na zes maanden is er een uitgebreide nacontrole. U verblijft dan meestal één nacht (twee dagen) in het ziekenhuis. Er worden dan een echo, MRI-scan, röntgenfoto, een leverbiopsie, urineonderzoek en bloedonderzoek uitgevoerd. 

Vervolgens nodigen we u elk jaar uit voor een uitgebreide controle. De verpleegkundig specialist zal u hierover meer vertellen.

Maatschappelijk werker

In de periode na de levertransplantatie kunt u terecht bij de maatschappelijk werker van het expertiseteam transplantatie. Deze helpt u bij praktische vragen, bijvoorbeeld over een aangepaste levensstijl, zodat u uw leven weer kunt oppakken na de ingreep. Bij de nacontrole na zes maanden plannen we standaard een follow-upafspraak voor u in bij een van de maatschappelijk werkers. Zij zijn bereikbaar op werkdagen van 08.30 – 16.30 uur via telefoonnummer 071-526 27 06.

Voeding

Na een levertransplantatie is aandacht voor goede voeding heel belangrijk. Na zo’n grote operatie heeft het lichaam extra voedingsstoffen nodig voor herstel. Daarom adviseren onze diëtisten u om een energierijke en eiwitrijke voeding te gebruiken. Om de nieuwe lever optimaal te laten werken is 2 tot 2½  liter drinken per dag nodig. In het belang van een goede gezondheid (oa de bloeddruk) krijgt u ook het advies om zout in uw voeding te blijven beperken (5-6 gram zout ofwel 2000-2400mg natrium per dag). 

Waar moet u op letten na de ingreep ?

Om de wond goed te laten genezen, is het verstandig om de eerste zes weken na de transplantatie niet te zwaar te tillen of zwaar huishoudelijk werk te verrichten.

U kunt zich nog enkele maanden snel vermoeid voelen. Forceer niets en rust wanneer u daar behoefte aan heeft. Probeer uw conditie weer langzaam op te bouwen. Lichaamsbeweging kan daarbij heel goed zijn, maar misschien zijn niet alle sporten even geschikt voor u. Ook het moment wanneer u weer aan het werk kunt, verschilt per persoon. Als u twijfelt of een activiteit bij u past, kunt u dit het beste vragen aan uw arts van de polikliniek.

Bij koorts, pijnklachten, geelzucht (een huid met gele kleur), bruine urine en ontkleurde ontlasting moet u direct contact opnemen met het LUMC. U hoeft dus niet eerst de huisarts te bellen.

Loopt u thuis na de transplantatie tegen problemen aan of hebt u nog vragen? Geef dit aan bij de nacontroles, of eerder als ze urgent zijn. 

Meer praktische informatie leest u in het dossier Leven na een transplantatie.