Arne van Dam, verpleegkundige Spoedeisende Hulp

De A staat voor Airway, de B voor Breathing en de C voor Circulation. Het zijn de eerste drie stappen in de ‘primary survey’ die gecontroleerd moeten worden als een acuut zieke patiënt vanuit de ambulance de Spoedeisende Hulp (SEH) binnenkomt. “Het is een systematische, universele opvangtechniek die ervoor zorgt dat je niet in een tunnelvisie raakt”, vertelt Arne van Dam, senior verpleegkundige op de Spoedeisende hulp. “Het zorgt ervoor dat je alle stappen netjes afloopt en zeker weet dat je niets mist.”

En dat is belangrijk, zeker op een afdeling zoals de Spoedeisende hulp. “Patiënten die hier binnenkomen hebben nog geen diagnose. Het is dan ook niet altijd direct duidelijk wat er aan de hand is.” Het komt dan ook geregeld voor dat een patiënt na een ongeluk met de ambulance wordt binnengebracht. “Na de eerste opvang om het probleem in kaart te brengen zorgen we ervoor dat de patiënt adequate pijnstilling krijgt en onderzoeken we wat er aan de hand is. Dit kunnen breuken of een bloeding zijn op de plek die de patiënt als eerste aankaart of die je direct ziet. Maar belangrijk is dat we de rest niet vergeten: soms kan de pijn op een bepaalde plek zo hevig zijn dat een breuk of bloeding op een andere plek helemaal wegvalt. Aan ons de taak om ook dit naar boven te halen en te behandelen.”

Snel schakelen
Dat maakt het werk voor Arne juist zo interessant. “Tijdens de opleiding tot SEH-verpleegkundige word je breed opgeleid. Je leert alles over trauma’s en de opvang van instabiele patiënten, maar tegelijkertijd moet je ook een gebroken arm van een klein kind kunnen gipsen.” Het snel kunnen schakelen is volgens Arne dan ook essentieel op deze afdeling. “We werken in een hele dynamische setting en je weet nooit hoe de dag gaat lopen. Soms lijkt het rustig en komt er ineens een trauma binnen. Of je hebt net met het team een patiënt gereanimeerd en stapt bij de volgende patiënt naar binnen om een drukverband aan te leggen. Daar moet je echt van houden.”

Opleiding en doorgroeimogelijkheden
En om al deze kennis op peil te houden wordt er veel aandacht besteed aan scholing. Vaak wordt de ochtend hiervoor gebruikt, omdat het dan over het algemeen het rustigst is. “Artsen, verpleegkundigen en physician assistants trekken hierbij gezamenlijk op. We zijn één groot, hecht team en onderwijs gaat over alle lagen. Zo blijft iedereen betrokken en houd je je kennis up-to-date.” Maar die betrokkenheid en focus van het personeel gaat verder dan alleen scholing. Ook de doorgroeimogelijkheden die het LUMC biedt spelen hierin voor Arne een grote rol. “Ik ben hier doorgegroeid naar de rol van senior verpleegkundige. Dit betekent dat ik een meer leidinggevende rol heb gekregen en collega verpleegkundigen begeleid. Ik vind het heel belangrijk om te blijven groeien, zowel in mijn kennis als op persoonlijk vlak.”

Triage en stip
Zo heeft de ambitieuze verpleegkundige ook stip- en triagediensten. In zijn triagerol bepaalt hij de urgentie van patiënten die binnenkomen en geeft hij dit aan met de kleur rood, oranje, geel, groen of blauw. Rood betekent bijvoorbeeld dat een patiënt direct geholpen moet worden, oranje binnen tien minuten, en als iemand een blauw label krijgt dan zit daar juist geen spoed achter. “Je moet goed in de vingers krijgen hoe je naar iemand kijkt en hoe je de verschillende pijngrenzen kunt inschatten.” Als Arne een stipdienst heeft is hij de eerste verantwoordelijke verpleegkundige op de vloer. “Als de spoedlijn gaat neem ik die aan. Het kan een trauma, herseninfarct of reanimatie zijn en het is voor mij bijvoorbeeld belangrijk om te weten of er een cardio- of neuroloog bij moet zijn. Aan mij de taak om in samenspraak met de coördinerend SEH-arts het juiste team klaar te zetten en de bijbehorende voorbereidingen treffen zodat we gelijk aan de slag kunnen als de patiënt aankomt. Zo zorgen we met het gehele team elke dag weer voor de beste zorg voor onze patiënten.”

Word jij mijn nieuwe collega?

Bekijk onze vacatures en solliciteer naar jouw baan!