Hoe goed is het ziekenhuis eigenlijk?

Kwaliteitsverbetering in de zorg

U wilt graag weten hoe goed het ziekenhuis is waar u naartoe gaat. U wilt weten hoeveel ervaring het ziekenhuis heeft met de ingreep die u moet ondergaan, en hoe die ingreep bij andere patiënten verliep. Om aan deze vraag tegemoet te komen geven ziekenhuizen steeds meer inzicht in de behandelresultaten en daarmee in de kwaliteit van zorg.

DICA (Dutch Institute for Clinical Auditing) is een instituut dat de uitkomsten van medische behandelingen in alle Nederlandse ziekenhuizen meet en vastlegt. Door de resultaten te vergelijken, verbetert de kwaliteit van de behandelingen enorm én er wordt flink op de kosten bespaard.

DICA is een betrouwbaar meetsysteem dat inzicht geeft in de kwaliteit van medische zorg en verbeterpunten aanwijst. Op dit moment is het een tool voor artsen, ziekenhuizen, verzekeraars en patiëntenverenigingen. In de loop van 2014 zullen de gegevens ook openbaar worden.

Prof.dr. Rob Tollenaar, chirurg en hoofd van de afdeling Heelkunde in het LUMC, is een van de oprichters van DICA. Met de steun van het LUMC werkte hij samen met andere chirurgen aan een betrouwbare manier om de kwaliteit van ziekenhuisbehandelingen met elkaar te vergelijken. Alhoewel deelname aan DICA niet verplicht is, werken alle ziekenhuizen in Nederland mee.

Eerlijk over zorg

Door de komst van DICA weten ziekenhuizen en chirurgen beter hoe ze presteren. Hierdoor kunnen ze behandelingen aanpassen en verbeteren. Daardoor gaat de kwaliteit vooruit. Tollenaar: “De buitenwereld vroeg steeds vaker: ‘Wat is nou eigenlijk de kwaliteit van zorg?’ We hadden daar geen goed antwoord op. Er was geen goed instrument voor; we waren appels met peren aan het vergelijken. Daarom hebben we samen een meetmethode ontwikkeld die de zorg op een betrouwbare manier meet en met elkaar vergelijkt”.

Wat wordt er gemeten?

DICA meet de medische uitkomst van behandelingen. Om dat goed te kunnen doen wordt de situatie van de patiënt nauwkeurig in kaart gebracht. Tollenaar: “Het is heel belangrijk dat de arts alles vastlegt. Niet alleen hoe de ingreep ging, maar ook wat de patiënt nog meer mankeert, of het een geplande of acute opname was, hoe lang de patiënt in het ziekenhuis moest blijven, hoe het herstel ging, etc. De patiënt wordt dus echt per persoon heel gedetailleerd bekeken. Dat is een flinke klus. Het kost een arts behoorlijk extra tijd, dus het is fantastisch dat ze hier allemaal aan meewerken. Momenteel volgen we de patiënt tot 30 dagen na de ingreep, maar dat zou in de toekomst wel eens 1 jaar kunnen worden”.

Voor welke operaties zijn er door DICA al normen vastgesteld?

Op dit moment wordt DICA gebruikt voor het registreren van alle behandelingen op het gebied van darmkanker, borstkanker, slokdarm- en maagkanker en longkanker in Nederland. Ook voor vaatchirurgie, hersenbloedingen en de ziekte van Parkinson is inmiddels een norm bepaald. Een aantal andere registraties komt er binnenkort aan.

Wat doet het LUMC met de uitslagen?

Het LUMC bekijkt de uitkomsten zeer serieus. Halverwege 2014 worden de uitslagen ook openbaar gepubliceerd. Tollenaar: “Ziekenhuizen bekijken zichzelf én elkaar zeer kritisch. Ze helpen elkaar om echt beter te worden. Waar nodig wordt extra kennis ingezet. Als het nodig is wordt de samenstelling van het medisch team bekeken, en soms wordt besloten dat een bepaalde ingreep helemaal niet meer gedaan wordt. DICA geeft ziekenhuizen dus echt de kans zich te verbeteren zodat ze de beste zorg tegen aanvaardbare kosten kunnen leveren. Een goed voorbeeld zijn de patiënten met darmkanker. Sinds alle artsen op dezelfde manier de behandeling zijn gaan bijhouden, zijn er per jaar 80 mensen minder overleden aan de gevolgen van de operatie”.

Hoe betrouwbaar zijn de DICA uitkomsten?

Een daling van sterfgevallen is een prachtig resultaat, maar hoe betrouwbaar zijn deze gegevens? Hoe weet u als patiënt zeker dat de cijfers ook echt kloppen? Tollenaar: “Om te voorkomen dat ziekenhuizen zich beter voordoen dan ze zijn, vergelijken we de resultaten altijd met een andere bron. Neem bijvoorbeeld de Nederlandse Kankerregistratie. Toen we onze uitkomsten vergeleken met die van de Kankerregistratie vonden we amper verschil. En verder doen we in het kader van de transparantie steekproefsgewijs registratiecontroles”.