Totale (nieuwe) heupprothese

Deze informatie is opgesteld door de afdeling(en) Orthopedie

Deze brochure geeft u algemene informatie over de vervanging van een heupgewricht door een totale heupprothese ofwel kunstheup. Deze folder beschrijft de wijze waarop in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) de behandeling plaatsvindt.

Algemene informatie rondom de operatie

Het is van belang dat u de gang van zaken rond de operatie goed begrijpt. Pas dan kunt u toestemming geven voor de operatie. Bespreek daarom vóór de operatie al uw vragen en zorgen met de arts.

Na een gesprek met uw arts zou u eigenlijk een antwoord moeten weten op vragen als:

  • Waarom  is een operatie nodig?
  • Zijn er eventueel andere behandelingsmogelijkheden?
  • Wat wordt er bij de operatie gedaan?
  • Wat zijn de  mogelijke complicaties van de operatie?
  • Hoe bereid ik me voor op de operatie?
  • Wat staat mij te wachten na de operatie?
  • Is ziekenhuisopname noodzakelijk en zo ja, wanneer mag ik weer naar huis?
  • Wat staat mij te wachten  in de herstelfase direct na de operatie?
  • Wat kan ik op lange termijn verwachten?
  • Wat mag wel en wat niet na de operatie? 

Figuur 1

Veel informatie is ook te vinden op de website www.mijnheupprothese.nl.

Wat is een heupgewricht? 

De heup bevindt zich aan de bovenkant van uw been  (Figuur 1). Dit gewricht bestaat uit een heupkom en een heupkop. De kop en de kom zijn bekleed met glad kraakbeen. In een gezond gewricht zit gewrichtsvocht om de gewrichtsoppervlakken te smeren. Hierdoor kunt u soepel bewegen (Figuur 2)          

figuur 2

Wat is gewrichtsslijtage (artrose)?

Slijtage van de heup ontstaat door achteruitgang in de kwaliteit van het gewrichtskraakbeen. Het kraakbeenoppervlak is dus niet glad meer, maar ruw (Figuur 2, rechter afbeelding). Bij ernstige slijtage ontbreekt het gewrichtskraakbeen helemaal en bewegen de ruwe botoppervlakken tegen elkaar. De bewegingen verlopen dan niet meer soepel en gaan gepaard met kraken, stijfheid en pijn.  

Verschijnselen en klachten

De meest voorkomende klacht is pijn. In eerste instantie alleen bij bewegen en belasten, later ook in rust en tijdens de slaap. De pijn wordt gevoeld in de lies, met uitstraling naar de knie.

Het heupgewricht wordt stijver waardoor er (start)problemen ontstaan bij bewegingen zoals lopen en fietsen. De pijn is vaak een reden om af te zien van bijvoorbeeld lange wandelingen, bukken, traplopen en tillen. 

Het is van belang in beweging te blijven, maar de pijngrens zo min mogelijk te overschrijden.

Dit betekent dat meerdere keren een klein eindje lopen beter is, dan eenmaal een lange afstand. U kunt beter niet lopen op ongelijk terrein, zoals bos en strand. 

Oorzaak

Slijtage van de heup kan meerdere oorzaken hebben. Het kan ontstaan door veroudering, aangeboren heupafwijkingen, beschadiging van het gewrichtsoppervlak (bijvoorbeeld na een botbreuk), of na een ontsteking (bijvoorbeeld bij reuma).

Welke behandelingen zijn mogelijk?

In de beginfase van de aandoening worden fysiotherapie (oefentherapie) en pijnstillers voorgeschreven. Eventueel wordt u geadviseerd om een wandelstok of kruk te gebruiken bij het lopen. Als de pijnklachten erger worden, komt u soms in aanmerking voor een totale heupprothese. Het besluit daartoe wordt genomen in samenspraak tussen arts en patiënt, en ligt in elke situatie weer anders.

Wat is een totale heupprothese?

Een totale heupprothese (Figuur 3.) ofwel kunstheup is een vervanging van uw eigen heupgewricht. Zowel de heupkop als de heupkom wordt vervangen.

Er zijn op dit moment twee soorten heupprothesen: de ongecementeerde en de gecementeerde prothese. Bij de ongecementeerde heup wordt de prothese in het bot vastgeslagen tijdens de operatie, waarna deze vervolgens vastgroeit. Bij de gecementeerde heup wordt de heupprothese met behulp van cement in het bot vastgezet. 

Afhankelijk van uw leeftijd en de kwaliteit van uw bot, wordt gekozen voor de gecementeerde of ongecementeerde prothese. De orthopedisch chirurg bespreekt met u wat de beste oplossing is.

Figuur 3

Voorbereiding op de operatie

De anesthesie

Met anesthesie wordt bedoeld: de wijze waarop u of de te opereren plaats verdoofd wordt tijdens de operatie. Bij de operatie aan uw heup kan gekozen worden voor regionale anesthesie, waarbij alleen de benen/heup verdoofd worden, of voor algehele anesthesie, waarbij u geheel verdoofd bent en dus slaapt. Er is ook een combinatie van beide mogelijk. 

De anesthesist zal dit met u bespreken. U krijgt daarvoor een afspraak op het zogenaamde PreOperatieve Spreekuur (POS). Soms kan dat aansluitend aan het polikliniekbezoek Orthopaedie. U maakt kennis met één van de anesthesisten. Hij/zij neemt een aantal zaken met u door, zoals type verdoving en medicijngebruik rondom de operatie. Eventueel worden er nog aanvullende onderzoeken gedaan.

In de folder Anesthesie (zie ook www.lumc.nl/patiëntenzorg/afdelingen/Anesthesiologie) leest u nog enkele zaken die u ter voorbereiding op de operatie moet doen of laten. Denk hierbij aan het nuchter zijn voor operatie (vanaf middernacht tot de operatie mag u niets meer eten of drinken), het verwijderen van make-up, sieraden en/of uw kunstgebit. De anesthesist neemt dit met u door.

Gebruikt u NSAID's, bloedverdunners en/of reumaremmers (DMARD's), overleg dan of u hiermee moet stoppen.

Voorbereiding thuis

Wij adviseren u de volgende hulpmiddelen vóór uw opname in huis te halen:

  • Lange schoenlepel 
  • Handy (grijper) 
  • Krukken / rollator/ looprek  (de fysiotherapeut kan helpen met afstellen)

Handige hulpmiddelen voor thuis zijn ook:

  • Een handgreep vóór of opzij van uw bed en toilet 
  • Een toiletverhoger 
  • Een stoel met armleuningen 
  • Blokken om uw bed te verhogen. U kunt er dan gemakkelijk in- en uitkomen. 

Genoemde artikelen zijn verkrijgbaar bij de thuiszorgwinkel.

N.B. : Indien u een niet-reanimeren verklaring heeft, neem deze mee naar het ziekenhuis.

Uw opname

Rondom de heupoperatie wordt u een paar dagen opgenomen in het ziekenhuis. Meestal komt u op de dag van operatie nuchter op de afdeling.

De precieze datum van opname wordt aan u doorgegeven door het zogenaamde Opnamebureau.

Meer informatie over de opnameprocedure vindt u in de folder “Uw opname”. 

De operatie

Tijdens de operatie ligt u meestal op uw zij. De anesthesist en de chirurg leggen u in de juiste positie. De orthopaedisch chirurg maakt een snee in de buitenkant van uw bovenbeen. Het heupgewricht bestaat uit twee delen, de heupkop en de heupkom. De heupkop wordt afgezaagd en verwijderd

In het bekken bevindt zich de heupkom. Uit de heupkom verwijdert de orthopaedisch chirurg het resterende kraakbeen en plaatst daarna een nieuwe kom (cup). Daarna plaatst de orthopaedisch chirurg een nieuwe kop met steel in uw bovenbeen. Hij zet de kop in de kom. In de wond laat hij soms een drain achter (een slangetje waardoor wondvocht afgevoerd kan worden). De operatiewond wordt met stalen nietjes gesloten.

De operatie duurt ongeveer 2 uur. Daarbij is geen rekening gehouden met de voorbereidingstijd van de anesthesist. Hoe lang de voorbereiding duurt, kunt u aan de anesthesist vragen. 

Na de operatie

Houding

U mag het been een beetje buigen in de heup en de knie. Het is belangrijk dat u uw voet regelmatig beweegt, zodat de enkel niet stijf wordt. 

Verzorging

U kunt uzelf wassen op bed, zo nodig met hulp van de verpleegkundige. Zodra u uit bed mag, kunt u zich zelfstandig gaan wassen bij de wastafel.

Pijn

De gewrichtspijn van vóór de operatie zal grotendeels verdwenen zijn. U kunt nog wel pijn hebben aan de wond en eventueel ook aan de spieren, maar deze pijn zal na verloop van tijd verdwijnen. De pijnstilling gaat via een slangetje naar het infuus of naar de rug. Door op een pompje te drukken, dient u zelf pijnstilling toe. Het kan ook zijn dat u de pijnstilling krijgt in de vorm van een injectie of tablet. U kunt de verpleegkundige hiernaar vragen.

Wond

De wond bevindt zich aan de buitenzijde van de heup. Uw verband blijft meestal 2 dagen zitten. Hierna krijgt u een nieuw verband of een pleister, afhankelijk van de genezing.

U krijgt hechtingen /nietjes die 2 tot 3 weken blijven zitten. Deze worden op de polikliniek Orthopaedie (of door de huisarts) verwijderd.

Katheter

Tijdens de operatie wordt soms een urinekatheter ingebracht. Deze wordt meestal binnen 2 dagen na de operatie verwijderd.

Lopen

Al snel (1 dag) na de operatie komt u uit bed. Eerst controleert de fysiotherapeut hoe goed  u uw heup kunt bewegen. Vervolgens helpt hij/zij u in een stoel. Als dit goed gaat, kunt u beginnen met lopen.

U kunt uw geopereerde heup met uw hele lichaamsgewicht belasten. In het begin is dit pijnlijk en uw heupspieren zijn soms nog niet sterk genoeg. Daarom maakt u in de eerste periode gebruik van krukken of een rollator. De fysiotherapeut geeft u daarbij instructies en besteedt aandacht aan de manier waarop u loopt (looppatroon).

Door de vaak jarenlange klachten hebt u mogelijk een afwijkende manier van lopen ontwikkeld. Het is belangrijk om na de operatie weer zo normaal mogelijk te lopen. Omdat u niet te ver mag bukken, zijn schoenen met veters niet aan te raden. Draag liever stevige instapschoenen met een goed voetbed. 

Als u oefeningen doet, verbetert de beweeglijkheid van uw nieuwe heup en worden uw spieren sterker. De fysiotherapeut leert u de oefeningen die u thuis zelf voortzet. 

Mogelijke complicaties van de operatie

Meer informatie hieromtrent is ook te vinden op www.mijnheupprothese.nl/naoperatie.

Wondinfectie

De kans hierop is klein. Over het algemeen zullen wondinfecties na 5‑6 dagen zichtbaar zijn, soms later. Wondinfecties zijn zichtbaar door roodheid van de wond, pijn aan de wond en door temperatuurverhoging. Behandeling kan bestaan uit rust, antibiotica en soms zelfs een operatie waarbij getracht wordt de heup schoon te spoelen. Geprobeerd wordt om een diepe infectie van de prothese te voorkomen. Als er thuis meer roodheid en/of pijn optreedt, dient u contact op te nemen met de huisarts of de polikliniek Orthopaedie. Voor contactgegevens zie onderaan deze folder.  

Als u ergens op of in uw lichaam een infectie heeft, vooral aan het been met de heupprothese, wees dan alert op veranderingen. Als het gewricht of de wond anders voelt, pijnlijker wordt, er anders uit gaat zien of als u het niet vertrouwt, neem dan direct contact op.                          

Nabloeding

De eerste 24 uur is de kans het grootst dat de wond nabloedt. U kunt dan een drukverband krijgen. Soms is een bloedtransfusie  nodig om het tekort aan bloed weer aan te vullen. 

Heup uit de kom

De kop van de nieuwe heup kan onder bepaalde omstandigheden uit de kom schieten (de zogenaamde luxatie). De kans hierop is het grootst in de eerste 6 weken na de operatie. U krijgt van de fysiotherapeut instructies welke bewegingen u niet mag maken om dit te voorkomen (bijvoorbeeld met gekruiste benen zitten, hurken). 

U merkt dit als een voelbare klik met hevige pijnscheut. U moet dan direct contact opnemen met de huisarts, de afdeling Orthopaedie of het Centrum Eerste Hulp LUMC. 

Trombosebeen

Patiënten die een heupoperatie hebben ondergaan, hebben meer kans op het krijgen van een trombosebeen (aderverstopping door bloedstolsel). Om dit te voorkomen krijgt u vanaf de operatie bloedverdunnende medicijnen (Fraxiparine) in injectievorm gedurende een periode van 6 weken.

Beschadiging van een zenuw

In uw bovenbeen  kan een zenuw bekneld of opgerekt raken tijdens de operatie. Mogelijk kunt u uw voet daardoor tijdelijk niet optillen. De kans hierop is zeer klein, minder dan 1%. Meestal herstelt het vanzelf binnen een jaar. U revalideert hierdoor wel langzamer.                                

Verschil in beenlengte

Door de operatie is het mogelijk dat  uw  geopereerde been langer of juist korter is geworden. Meestal is dit minder dan 2 cm en dit behoeft dan geen therapie. Een schoenverhoging is eventueel mogelijk.

Infectie van de heupprothese

Hiervoor verwijzen we u naar de folder ‘Infectie van een prothese’. 
Loslaten van de prothese

Heupprothesen kunnen na 15‑20 jaar of soms eerder door bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld een infectie) loslaten. Een nieuwe operatie is dan meestal noodzakelijk.

Roken

Roken vergroot de kans op complicaties bij het herstel. Zelfs wie tijdelijk stopt (van minimaal 4 weken voor de operatie tot ten minste 4 weken na de operatie), halveert die kans.

Vertrek uit het ziekenhuis

Hiervoor verwijzen wij u ook naar de folder ‘Uw ontslag’. De dag na de operatie wordt met u besproken wanneer de verwachte datum van ontslag is. Dit is meestal na 4 dagen. Soms mag u eerder naar huis. 

Waarschijnlijk functioneert u op dat moment met uw nieuwe heup al beter dan voor de operatie. Het is raadzaam eventuele hulp thuis (voor het doen van boodschappen e.d.) vooraf al te regelen met familie/buren etc. Het is handig als u uw huishouden al voor de opname voorbereidt op uw thuiskomst.

Als u uw heup nog niet optimaal kunt bewegen of nog niet "normaal" loopt, kunt u de fysiotherapeutische behandeling buiten het ziekenhuis voortzetten. Dit is echter niet altijd nodig. Wel krijgt u het advies thuis door te gaan met de oefeningen die de fysiotherapeut u in het ziekenhuis geleerd heeft. 

Soms is het niet mogelijk om rechtstreeks vanuit het ziekenhuis naar huis te gaan. 

Het LUMC werkt samen met verschillende verpleeghuizen in de regio. Binnen deze verpleeghuizen zijn afdelingen ingericht waar patiënten na opname in het ziekenhuis tijdelijk kunnen verblijven. Dit zijn schakelunits. Op deze schakelunit is alles gericht op intensieve revalidatie en herstel met als doel terugkeer naar de thuissituatie.

Of u hiervoor in aanmerking komt, bepaalt een transferverpleegkundige. 

Bespreek met uw familie van te voren de thuissituatie en hulpmogelijkheden. U komt dan na de operatie minder voor verrassingen te staan.

Bij ontslag krijgt u de volgende zaken  mee:

  • afspraak op de polikliniek Orthopedie
  • recept voor medicijnen 
  • overdracht voor de thuis zorg/verpleeghuis/revalidatieplaats
  • overdracht voor de fysiotherapeut thuis
  • indien van toepassing  afspraak met de trombosedienst 
  • eventueel recept voor verbandmiddelen

Weer thuis

Hierbij treft u adviezen aan voor de eerste periode dat u weer thuis bent.

Infectie voorkomen

Raak de wond niet met uw handen aan, zolang hij nog niet helemaal is genezen. 

In verband met de kans op infectie van de ingebrachte prothese is het zeer belangrijk om uw huisarts direct te raadplegen bij koorts of ontstekingen, bijvoorbeeld steenpuist ergens op uw lichaam, ontstekingen bij nagelriemen (bv. ingegroeide nagels), pussende wonden of ontstekingen van blaas of gebit. Ook jaren  na de operatie kan er nog een infectie van uw prothese optreden.

Daarnaast is het van belang dat u onder bepaalde omstandigheden antibiotica gebruikt ter bescherming van uw heupprothese. Denk hierbij aan: grotere tandartsbehandelingen, (kijk)operaties of inwendige ingrepen, verwondingen. Geef bij opname in een ziekenhuis aan dat u een heupprothese heeft. 

Lichaamsbeweging

Afhankelijk van uw situatie krijgt u thuis fysiotherapie of gaat u zelfstandig door met de oefeningen die u hebt geleerd in het ziekenhuis. U mag bij het lopen (afhankelijk van uw vorderingen) een rollator of twee krukken gebruiken. U kunt licht huishoudelijk werk verrichten. Ga er zoveel mogelijk bij zitten, op een hoge stabiele stoel. Bij zware werkzaamheden, zoals stofzuigen en bedden verschonen, hebt u voorlopig hulp nodig. Ook bij gebruik van de wasmachine hebt u hulp nodig want dan moet u veel bukken.

Koken kan in het begin moeilijk zijn. Ga er zo veel mogelijk bij zitten of maak gebruik van een alternatief, zoals diepvriesmaaltijden of Tafeltje-dek-je.

U mag pas weer fietsen, autorijden en sporten  na overleg met uw behandelend arts. 

Werkhervatting

U kunt uw werk hervatten in overleg met uw behandelend arts of bedrijfsarts.

Lichamelijke verzorging

U kunt douchen en de wond met douchepleister mag daarbij nat worden. Zeker in het begin is het aan te raden zittend  te douchen, zo kunt u niet uitglijden. Maak na het douchen de wond droog en breng een verband aan, zodat de hechtingen niet aan  uw kleding blijven haken. Vervang het verband als het nat is geworden. Tot ongeveer drie weken na de operatie mag u niet in bad.

Begin bij het aankleden  met  uw geopereerde been. Bij het uitkleden begint u bij het niet-geopereerde been. Dit oefent  u eerst onder begeleiding in het ziekenhuis.

Voorkomen van luxatie van de heup

De eerste 6 weken na de operatie is het risico van luxatie (het uit de kom schieten) van de heup het grootst. Om dit te voorkomen mag u de volgende bewegingen absoluut niet maken:

  • het geopereerde been over het andere been  heen leggen 
  • de geopereerde heup verder buigen dan 90º 
  • het geopereerde been tegelijkertijd buigen en draaien in de heup 

Dit betekent dat u:

  • Niet met uw handen bij uw voeten mag komen. U mag dus niet zelf zonder hulpmiddelen uw kousen, broek en schoenen aantrekken en niet zelf uw voeten wassen. 
  • Niet op te lage stoelen of banken mag gaan zitten. Zorg voor een hoge stoel met armleuningen, bv. een tuinstoel. Ook mag u niet op een laag toilet zitten. Gebruik daarvoor een toiletverhoger. Bedden zijn over het algemeen erg laag. U kunt uw bed  tijdelijk op bedverhogers laten zetten.
  • Niet mag bukken, bijvoorbeeld om  iets van de grond op te rapen.
  • Niet op uw geopereerde zijde mag gaan liggen. Wanneer u op uw gezonde zijde wil liggen, moet u een dik kussen tussen uw benen plaatsen. 
  • Niet uw benen over elkaar mag kruisen als u zit of ligt. 
  • Moet uitkijken voor kleedjes en drempels in verband met struikel-gevaar. 

Volg deze adviezen in ieder geval op totdat uw arts bij de controle iets anders aangeeft.

Registratie

Uw operatie gegevens worden opgenomen in de “Landelijke Registratie Orthopaedische Implantaten”. Indien u hier bezwaar tegen heeft kunt u dit kenbaar maken aan uw behandelend specialist.

Prothesepas

Nadat de prothese is geplaatst, ontvangt u per post een prothesepas. Hierop staan de gegevens van uw prothese genoemd. Op de andere zijde vindt u terug wanneer u contact op dient te nemen met het ziekenhuis in geval van infectie.

  figuur 4

Veelgestelde vragen

Wat kan ik doen ter voorbereiding op de operatie?

Zorg dat u goed bent geïnformeerd, bijv. door het lezen van deze informatiefolder. Stel de vragen die u heeft op tijd. Zie de Fysiotherapiefolder voor oefeningen voorafgaand aan de ingreep. Bereidt uw thuiskomst na de operatie voor (zie kopje Voorbereiding thuis)

Moet ik antibiotica krijgen bij bijvoorbeeld een  tandartsbehandeling?

Dat is bij een gewone/onderhoudsbehandeling bij de tandarts of mondhygiëniste niet nodig en niet zinvol. Alleen bij grotere procedures (zoals een wortelkanaalbehandeling of een kaakabces) is het gebruik van antibiotica verstandig. 

Wanneer mag ik weer autorijden?

Als u goed loopt met 1 kruk en veilig de auto kunt besturen, mag u weer gaan autorijden. 

Wanneer loop ik weer zonder krukken?

Dat wordt bepaald in overleg met uw fysiotherapeut. Na 6 weken lopen de meeste patiënten zonder of nog slechts met 1 kruk.

Gaan de metaaldetectiepoortjes op Schiphol af door de heupprothese?

Ja, meestal wel. U kunt evt. de prothesepas tonen of uw litteken aanwijzen.

Waar moet ik in het dagelijkse leven rekening mee houden?

Pas op met diep buigen in de heup, de benen over elkaar doen. De eerste 6 weken is de kans op uit de kom schieten van de heup het grootst, echter het is verstandig deze regels blijvend in acht te nemen. Goede hygiëne is noodzakelijk in het voorkomen van infectie. 

Welke sporten kan ik met een heupprothese doen en welke niet?

De meeste sporten kunnen –zij het met in acht nemen van de bewegingsregels hierboven genoemd – rustig worden uitgeoefend. Risicovolle sporten (bijv. door hoge kans op vallen of piekbelasting) zijn skiën, bergbeklimmen en (lange afstand) hardlopen.

Telefoonnummers

Mocht u naar aanleiding van deze informatie nog vragen hebben, dan kunt u daarmee terecht bij 

Telefoonnummers:

LUMC Algemeen  071-526 9111

Polikliniek Orthopaedie 071- 526 8003

Verpleegafdeling Orthopaedie 071 - 526 2099

Centrum Eerste Hulp 071 - 526 2025

Interessante websites

April 2018