Peritoneaal dialysebehandeling

Deze informatie is opgesteld door de afdeling(en) Nierziekten

In deze folder vindt u informatie over de peritoneaal dialysebehandeling, die het Niercentrum van het LUMC biedt. Mondeling heeft u mogelijk al informatie gehad of bent u al begonnen met de peritoneaal dialysebehandeling. Natuurlijk houdt u, zeker in het begin, vragen over verschillende aspecten. De behandelend arts of de verpleegkundigen van de Peritoneaaldialyse afdeling zijn altijd bereid op uw vragen het juiste antwoord te geven. Het zorgboek dat u namens de Nierstichting wordt aangeboden is te gebruiken als naslagwerk. Het boek bevat uitgebreide informatie over de verschillende niervervangende behandelingen.

 

De peritoneaal dialyse behandeling 

 

Peritoneaal dialyse

Gaat uw nierfunctie achteruit, dan worden afvalstoffen en een te veel aan vocht niet meer uitgescheiden in de urine. Dieet en medicamenten kunnen een korte of lange periode helpen, maar uiteindelijk dient het lichaam ontdaan te worden van de afvalstoffen en het vocht. De ophoping van afvalstoffen in uw lichaam kan leiden tot verschillende klachten als verminderde eetlust, gewichtsverlies, jeuk, tintelingen, pijn of gevoelloosheid in de armen of benen en algehele lusteloosheid. Er kunnen zich echter ook afvalstoffen ophopen waar u geen klachten van heeft, maar die gevaar op kunnen leveren voor de functie van het hart, de functie van de bijschildklieren of de kwaliteit van de botten. 

De peritoneaal dialysebehandeling zorgt voor de verwijdering van afvalstoffen en het te veel aan vocht. Hier is een directe verbinding met de buikholte voor nodig. Via een catheter wordt steriele dialysevloeistof (dialysaat) in de buikholte gebracht. Afvalstoffen en overtollig vocht kunnen via het buikvlies vanuit het bloed worden overgedragen naar de dialysevloeistof. Na enige uren laat men de vloeistof met daarin verzamelde afvalstoffen weer naar buiten lopen in een afvalzak en wordt opnieuw schone vloeistof in de buikholte gebracht. Om voldoende mate van reiniging van het bloed plaats te laten vinden moet deze behandeling dagelijks enkele malen plaatsvinden.  

De wisselingen van de PD vloeistof kunnen op 2 manieren plaatsvinden: 

Via CAPD (Continue Ambulante Peritoneaal Dialyse). Hierbij worden over 24 uur vier wisselingen van dialysevloeistof toegepast. Drie wisselingen overdag, waarbij de dialysevloeistof ongeveer drie tot zes uur in de buikholte verblijft, gevolgd door een avondwisseling met een verblijftijd van ongeveer tien uur gedurende de nacht. 

Via APD (Automatische Peritoneaal Dialyse). Hierbij worden vijf tot zes wisselingen over een periode van ongeveer acht tot tien uur uitgevoerd, gebruikmakend van een nauwkeurig in te stellen machine. Op deze manier is het mogelijk om ’s nachts de wisselingen uit te voeren, waarbij eventueel overdag nog een bepaalde hoeveelheid dialysevloeistof in de buik aanwezig kan zijn. Deze vloeistof loopt ’s avonds via de machine weer uit.  

Of CAPD dan wel APD voor u de meest geschikte optie is hangt niet alleen af van uw eigen voorkeur, maar ook van de eigenschappen van het buikvlies. De eigenschappen van het buikvlies kunnen zodanig zijn dat het onttrekken van vocht en het verwijderen van afvalstoffen beter gaat als de vloeistof langere tijd in de buik verblijft (CAPD) of juist als de vloeistof korte tijd in de buikholte verblijft (APD).  

Toegang tot de buikholte

Voorafgaand aan het starten met de Peritoneaal dialyse wordt door de chirurg een PD (Peritoneaal Dialyse)-catheter ingebracht in de buikholte. Tevoren wordt door de PD verpleegkundige, in overleg met u,, de juiste plaats van de catheter bepaald. De PD catheter wordt direct na het inbrengen een keer doorgespoeld ter controle van de functie. Daarna wordt de catheter goed gefixeerd. Meestal wordt de catheter niet direct gebruikt. Er wordt ongeveer tien dagen afgewacht zodat de catheter vast kan groeien in de buikwand en de gaatjes in de buikwand en in het buikvlies zich eerst kunnen sluiten. Hierna begint de training en wordt er gestart met korte wisselingen met kleine hoeveelheden bijvoorbeeld van 500 ml dialysevloeistof. In de loop van de week wordt het volume opgehoogd tot de uiteindelijk gewenste hoeveelheid van ongeveer 2 liter.  

Uw dialysevoorschrift

Door uw behandelend arts wordt bij het starten van de peritoneaaldialyse een voorschrift opgesteld wat betreft het aantal wisselingen per dag en de samenstelling van de PD vloeistof. Hoeveel vloeistof u per dag moet wisselen en de samenstelling van de vloeistof hangt af van een aantal factoren:

De grootte van uw lichaam.

De mate waarin uw eigen nieren nog werkzaam zijn (de restfunctie). Deze wordt bepaald aan de hand van uw bloeduitslagen, de hoeveelheid urine die u eventueel nog produceert en de hoeveelheid afvalstoffen in de urine.

De hoeveelheid vocht die dagelijks verwijderd moet worden.

De mate waarin de afvalstoffen uit uw lichaam worden verwijderd met de behandeling.

De werking van uw peritoneum/ buikvlies. 

Een belangrijk onderdeel van het dialysevoorschrift is het streefgewicht of drooggewicht, dat door de arts wordt bepaald tijdens de eerste weken na de start van de dialyse. Het streefgewicht is het gewicht waarbij het lichaam de juiste hoeveelheid vocht bevat. Bij te weinig vocht in uw lichaam, is het mogelijk dat u een lage bloeddruk heeftt en duizelig bent bij het opstaan. Uw lichaam mag zeker ook niet teveel vocht bevatten, omdat dit kan leiden tot benauwdheid, hoge bloeddruk en tot overbelasting en vergroting van het hart, met als gevolg een vermindering van de hartfunctie.  

Aandachtspunten bij de peritoneaaldialysebehandeling

Regelmatig zal de kwaliteit van de dialysebehandeling worden gecontroleerd. Belangrijk is hierbij een dialysevoorschrift te vinden dat zo goed mogelijk aansluit bij uw wensen en waarbij voldoende vocht en afvalstoffen verwijderd worden. Tevens is het van belang dat uw lichaam in een zo goed mogelijke conditie blijft. Uw arts zal daarom aandacht besteden aan:

De bloeddruk. Deze moet zo goed mogelijk geregeld zijn om schade aan hart en bloedvaten te voorkomen. Belangrijk is dat u de bloeddruk zelf dagelijks controleert.

Het gewicht.

Controle van de kalk en fosfaat stofwisseling. Dit is belangrijk voor de kwaliteit van uw botten. Het is vaak nodig om hiervoor extra medicijnen te gebruiken.

Dialyse patiënten hebben een verhoogd risico op het ontstaan van aderverkalking. Het is daarom belangrijk om het cholesterol en vetgehalte van uw bloed regelmatig te controleren. Als dit te hoog is zal de diëtiste beoordelen of aanpassing van uw voeding in uw geval zinvol is. Soms is het nodig medicijnen hiervoor te gebruiken.

Belangrijk is de controle van het kaliumgehalte in uw bloed. Bij verminderde nierfunctie kan het lichaam onvoldoende kalium uitscheiden. Een verhoogd kaliumgehalte kan snel optredende nadelige effecten hebben op het hart. Om deze reden is vaak een kaliumbeperking in het dieet nodig, soms aangevuld met kaliumbindende medicijnen (Resonium®).

Uw behandelend arts zal ook regelmatig nagaan of er sprake is van bloedarmoede. De bloedvorming wordt gestimuleerd door een hormoon, erytropoetine (EPO), wat door de nier geproduceerd wordt. Bij afnemende nierfunctie kan de productie van EPO afnemen met als gevolg het optreden van bloedarmoede. In dat geval kan het hormoon door middel van onderhuidse injecties toegediend worden, zodat het bloedgehalte weer op peil komt.

Tijdens dialyse kunnen bepaalde vitamines uit het lichaam verloren gaan. Hiervoor krijgt u vitaminecapsules voorgeschreven.

Indien dit nog niet poliklinisch gebeurd is, zal u bij aanvang van de dialyse starten met vaccinatie tegen hepatitis B. 

Standaard controles

U wordt regelmatig gecontroleerd op de PD polikliniek. In het begin van de behandeling zal dit frequent plaatsvinden. Als er eenmaal sprake is van een stabiele situatie zal dit eenmaal per zes tot acht weken plaatsvinden. Belangrijk is dat u dagelijks uw gewicht, bloeddruk en vochtonttrekking controleert en noteert op lijsten.

Bij ieder bezoek wordt uw bloeddruk (zittend en staand) en gewicht gemeten door de verpleegkundige. Er zal ook een huidpoortinspectie plaatsvinden. De dialyse arts zal deze gegevens bekijken en nagaan of het streefgewicht nog klopt. Tevens zal met u besproken worden of er nog speciale problemen zijn, die extra aandacht behoeven, zoals bijvoorbeeld lichamelijke klachten.

Regelmatig wordt bloedonderzoek verricht wat betreft het bloedgehalte, de gehaltes aan afvalstoffen (ureum, creatinine) en de werking van de bijschildklieren.

Ongeveer twee keer per jaar wordt nagegaan of de hoeveelheid afvalstoffen die bij dialyse verwijderd worden voldoende is en hoeveel restfunctie uw nieren hebben. Om dit te bepalen wordt de gebruikelijke ‘niet schone’ dialysevloeistof gedurende 24 uur verzameld en zal u tevens gevraagd worden om urine te verzamelen, indien er nog urineproductie is.

Een keer per jaar worden de eigenschappen van het buikvlies gemeten door middel van een zogenaamde PET-test.

Bij patiënten die mogelijk in aanmerking komen voor een niertransplantatie, zal een keer per drie maanden extra bloed afgenomen worden zodat Eurotransplant altijd beschikt over recente bloedmonsters om te kunnen testen of een eventuele donornier bij een bepaalde ontvanger past.

Jaarlijks wordt een algemeen lichamelijk onderzoek verricht, ECG, longfoto en een echo-onderzoek van het hart. 

Complicaties van Peritoneaal dialyse

Het ondergaan van PD is meestal weinig belastend voor het lichaam, omdat vocht en afvalstoffen die zich in het lichaam dagelijks opstapelen eveneens dagelijks worden verwijderd. Er zijn echter wel een aantal mogelijke complicaties die bij deze behandeling kunnen optreden:

Pijn bij inlopen en / of uitlopen van de dialysevloeistof. Dit komt vrij vaak voor bij het starten van de behandeling. Meestal is dit kortdurend en van voorbijgaande aard.

Het optreden van lies- en/ of navelbreuken of breuken in het middenrif. Dit kan voorkomen door de toenemende druk in de buikholte door de dialysevloeistof.

Verkeerde positie van de PD catheter. Om goed te kunnen wisselen dient de tip van de catheter in de diepste punt van de buikholte te liggen. Soms kan de tip zich verplaatsen, zodat deze meer naar de zijkant van de buik gericht is. U merkt dit doordat er onvoldoende vloeistof terugkomt bij het uitlopen, soms voelt u ook de tip van de catheter tegen de zijkant van het buikvlies aan prikken.

In- of uitloopproblemen. Soms kan door verkeerde ligging van de catheter, obstipatie of eiwitdraden de vloeistof moeizaam in- of uitlopen. Het is daarom van belang uw ontlastingspatroon goed in de gaten te houden en de uitlopen te controleren op eiwitdraden.

Ontsteking/ infectie van de huidpoort, de cathetertunnel en/of buikvlies. De aanwezigheid van een kunststof catheter in het lichaam kan een ontsteking veroorzaken of een bron van infectie zijn.

Infectie van de huidpoort uit zich in roodheid en soms pijn ter plaatse van de huidpoort. Er kan wat pus zichtbaar zijn rondom de huidpoort of op de huidpoortpleister. Vaak is dit goed te behandelen met antibiotica. Goede hygiëne is hierbij van belang.

Infectie van de onderhuidse tunnel kan zich uiten in plaatselijke roodheid en zwelling en soms kan er wat pus langs de huidpoortopening naar buiten komen. De omgeving kan pijnlijk zijn. Bij een uitgebreide infectie zal het niet meer mogelijk zijn deze te behandelen met antibiotica, maar zal er een nieuwe catheter geplaatst moeten worden op een andere plaats in de buik.

Infectie van het buikvlies uit zich door koorts, buikpijn en troebele uitloopzakken. Vaak komen deze verschijnselen samen voor. 

Bij uiting van een van deze drie oorzaken dient u te allen tijde contact op te nemen met de PD verpleegkundige. Deze zal u dan zo goed mogelijk verder helpen. 


Levering dialysevloeistof

De dialysevloeistof wordt bij u thuis afgeleverd door de firma Baxter of de firma Fresenius. Het recept wordt via de verpleegkundige aan de firma doorgegeven. De firma heeft een vaste beldag en een vaste route. De PD verpleegkundigen zullen u aanvullende informatie geven over hoe te handelen indien de voorraad niet meer toereikend is en over de levering van dialysevloeistoffen op een buitenlands vakantieadres. 

Vakantie en Peritoneaal dialyse

Het is heel goed mogelijk om als PD-patiënt met vakantie te gaan in Nederland of in het buitenland. Zo kunt u via de Nierstichting deelnemen aan groepsreizen, maar uiteraard ook zelf een individuele reis plannen. Vaak zal de firma in staat zijn om spoelvloeistofzakken af te leveren op uw vakantieadres. Het is aan te raden om voor u op vakantie gaat te informeren welk dialysecentrum dichtbij uw vakantieadres is. 

Uw actieve betrokkenheid bij de behandeling

Na verloop van tijd bent u zelf actief betrokken en verantwoordelijk voor uw behandeling. Dit betekent dat u zelf, of met hulp van een partner of de thuiszorg, de CAPD of APD behandeling uitvoert. U wordt hierin getraind en begeleid door de dialyseverpleegkundige. Het is daarom belangrijk dat u zelf goed op de hoogte bent van de behandeling, de medicijnen die u moet innemen, de controles die u bij uzelf uitvoert, de gevolgen daarvan en eventuele complicaties die kunnen optreden. Met deze actieve betrokkenheid bij de behandeling krijgt u meer kennis, inzicht en zeggenschap in de wijze waarop u dialyseert. 

De Peritoneaaldialyse  afdeling 

 

Personen betrokken bij uw behandeling

Het peritoneaal dialyseteam bestaat uit behandelend dialyseartsen, twee teamleiders, een verpleegkundig specialist, (dialyse-) verpleegkundigen, diëtisten, maatschappelijk werkers en secretaresses. 

Behandelend dialyseartsen

In het LUMC worden internisten, onder supervisie van de chef de clinique, opgeleid tot nefroloog. Zij lopen hierbij stage op de dialyseafdeling. U zult daarom ongeveer één keer per acht maanden een andere behandelend arts (internist-nefroloog) krijgen. Deze internist-nefroloog is samen met de verpleegkundig specialist verantwoordelijk voor uw medisch behandelplan. Voor de totale behandeling op de dialyseafdeling draagt het medisch hoofd van de afdeling de eindverantwoordelijkheid. 

De verpleegkundig specialist

Naast de arts is er een verpleegkundig specialist op de afdeling werkzaam. Zij zal u zien tijdens uw polibezoek en samen met de verpleegkundige uw medische en/of sociaal-maatschappelijke situatie bespreken.  Zo worden bijvoorbeeld de bloeduitslagen besproken wanneer ze eventueel afwijkend zijn en wat voor consequenties dit met zich mee brengt. De medicatie of de dialysebehandeling zal dan bijvoorbeeld aangepast worden. Tijdens de visite is er gelegenheid tot het stellen van vragen. 

Artsenvisite tijdens polibezoek


Tijdens het polibezoek wordt u gezien door de verpleegkundige van de PD afdeling, de verpleegkundig specialist en/of uw nefroloog.. Tijdens de visite kunt u met uw behandelend arts of de verpleegkundig specialist en verpleegkundige uw medische en/ of sociaal-maatschappelijke situatie bespreken. Zo worden bijvoorbeeld de bloeduitslagen besproken wanneer ze eventueel te hoog of te laag zijn en wat voor consequenties dit met zich mee brengt. De arts zal bijvoorbeeld uw medicatie of de dialysebehandeling aanpassen. Er is mogelijkheid tot stellen van vragen. Recepten die u nodig heeft kunt u op de dag van uw poliafspraak meekrijgen. Wij verzoeken u daarom vriendelijk om op deze dagen de medicatielijst van thuis mee te nemen. Bij afwezigheid van uw behandelend arts zal een dienstdoende internist voor spoedeisende klachten waarnemen. 

Diëtiste

Het gebruik van een juist dieet is van groot belang. De diëtiste zal letten op de samenstelling van uw voeding, zoals de hoeveelheid mineralen (natrium, kalium, fosfaat) de hoeveelheid eiwit en energie. Tevens kan zij u adviezen geven over hoe het beste om te gaan met de vochtbeperking. Zij zal een afspraak met u maken indien de arts, verpleegkundige of uzelf het noodzakelijk vindt. Ook is het mogelijk een telefonisch consult op maandag, dinsdag en woensdag af te spreken onder nummer: 071 - 5263764.  

De maatschappelijk werker

De maatschappelijk werker kan u en/ of uw directe sociale omgeving begeleiden met betrekking tot de gevolgen die de nierziekte kan hebben, zowel voor u persoonlijk als in sociaal, maatschappelijk en materieel opzicht. Indien de arts, verpleegkundige of uzelf het noodzakelijk vindt zal de maatschappelijk werker met u een afspraak maken.De coördinator van de PD afdeling en de verpleegkundig specialist houden overzicht over uw gehele zorgproces en zullen u vertegenwoordigen tijdens het zogenaamde multidisciplinaire overleg. 

Multidisciplinaire Overleg (MDO)

Het MDO vindt twee keer per jaar plaats. Dit overleg, waarbij uw behandelend arts, de verpleegkundig specialist, diëtiste, maatschappelijk werker en de coördinator van de PD aan deelnemen,  is er op gericht om u een zo optimaal mogelijke zorg aan te bieden. In het overleg worden onder andere uw wensen en opmerkingen t.a.v. de behandeling besproken, evenals medische, verpleegkundige, sociale- of dieetproblemen, waar wij extra aandacht aan moeten schenken om uw behandeling in alle opzichten zo goed mogelijk te laten verlopen. De behandeling wordt aan de hand van deze bespreking, indien nodig, bijgestuurd. Telefonisch of op uw volgende poliafspraak wordt u op de hoogte gebracht van het verloop van het MDO. 

Het secretariaat

Voor de volgende zaken kunt u bij de medewerkers van het secretariaat terecht:

Voor het verkrijgen van het formulier om in aanmerking te komen voor een kortingskaart in de parkeergarage.

Patiënten en/of familie die langer dan 4 uur aaneengesloten in het LUMC moeten verblijven, kunnen hiervoor in aanmerking komen. Met het ingevulde formulier gaat u naar het Patiëntenservicebureau op de tweede etage. Hier kunt u uw kortingskaart afhalen.

Voor het wijzigen van poli-afspraken, alleen in dringende gevallen.  

Rechten en plichten van patiënt en hulpverlener

Om uw behandeling zo goed mogelijk te laten verlopen, mag u een aantal zaken van het behandelteam verwachten:

Dat zij u naar beste weten en op een correcte manier behandelen.

Dat uw privacy gewaarborgd wordt.

Dat er correct wordt omgegaan met uw persoonlijke gegevens.

Dat u gekend wordt in de uitkomsten van het overleg over uw behandeling.

Dat zonder uw toestemming er geen andere hulpverleners bij uw behandeling ingeschakeld zullen worden of belangrijke veranderingen in uw behandeling worden doorgevoerd.

 

Omgekeerd verwacht het team ook van u een aantal zaken, zoals:

Het geven van alle informatie die nodig is om tot een goede beoordeling van uw medische, sociale of psychische omstandigheden te komen.

Evenals dat u van ons verwacht dat wij u met respect behandelen, wordt van u verwacht dat u correct bent tegenover leden van het behandelteam.

Tot slot gaan we er vanuit dat u het advies van uw behandelaar zo goed mogelijk opvolgt, want voor het welslagen van de behandeling is het minstens zo belangrijk wat er zich thuis afspeelt. Voor dat deel van de behandeling bent u zelf verantwoordelijk. Wij realiseren ons echter goed, dat de dialysepatiënt heel veel regels (bijvoorbeeld vochtbeperking) en voorschriften (bijvoorbeeld groot medicatiegebruik) heeft en dat het niet gemakkelijk is om deze allemaal op te volgen. Geef aan indien u moeite heeft met een gemaakte afspraak. Wij zullen proberen u hierbij te helpen door u hierover te adviseren. 

Gevraagd voor medisch wetenschappelijk onderzoek

In het LUMC doen hulpverleners ook medisch-wetenschappelijk onderzoek.

Het is mogelijk dat uw behandelend arts u benadert om mee te werken aan een wetenschappelijk onderzoek. In dat geval zult u uitgebreide mondelinge en schriftelijke informatie ontvangen over het medisch-wetenschappelijk onderzoek. Uw medewerking aan het onderzoek is geheel vrijwillig. Bovendien kunt u nadat u uw toestemming gegeven hebt, altijd op uw beslissing terugkomen. Als u besluit niet mee te doen, heeft dat geen gevolgen voor uw behandeling of de relatie met uw arts. Meer informatie hierover vindt u in de brochure ‘Gevraagd voor medisch-wetenschappelijk onderzoek’. 

Klachten

Het kan voorkomen dat u ontevreden bent over uw behandeling of bejegening. Wij stellen het op prijs wanneer u uw klacht direct bespreekt met de betrokkene. Het is ook mogelijk om hierover contact te zoeken met leidinggevenden van de afdeling Verder kunt u het kenbaar maken via het Patiëntenservicebureau, een klachtenbemiddelaar of via de klachtencommissie. Meer informatie over de werkwijze rond de klachtenprocedure is te vinden op www.lumc.nl  

Contact

De dialyseafdeling kunt u vinden in het Niercentrum in zone J8-P. De afdeling is geopend van maandag tot en met zaterdag.

Telefonisch bereikbaar van 8.00 tot 21.00 uur op nummer 071 - 526 1957/5261960 en via de mail: PD@lumc.nl 

Buiten bovengenoemde tijdstippen is er een dienstdoende internist voor spoedeisende klachten, die gerelateerd zijn met de dialyse, oproepbaar via de afdeling Spoedeisende hulp onder nummer: 071 - 526 2025.

Voor niet-dialyse gerelateerde klachten kunt u contact opnemen met de dienstdoende huisarts. Deze kan desgewenst contact opnemen met de dienstdoende internist via de Spoedeisende hulp van het LUMC onder nummer: 071 - 526 2025. 

U kunt ook contact opnemen met de telefooncentrale onder nummer 071 - 526 9111, indien u op bovengenoemde telefoonnummers geen gehoor krijgt.  

Mocht u onverhoopt op de SEH terecht komen of voor een geplande opname in het ziekenhuis opgenomen worden, dan is het raadzaam om uw laatste gegevens als gewicht, bloeddruk, vochtlijst, dialyseschema (evt op een procard) en een volle uitloopzak mee te nemen. (Dit laatste bij PD gerelateerde klachten). 

Meer informatie

Voor meer informatie over de afdeling en informatie wijzen we u graag naar de website van onze afdeling te bereiken via www.lumc.nl/con/1030 

Vereniging Nierpatiënten LUMC

Diavaria is de naam van de Vereniging Nierpatiënten LUMC. De vereniging behartigt de algemene belangen van nierpatiënten van het LUMC. Daarnaast organiseert Diavaria verschillende activiteiten, die het karakter van voorlichting en/ of ontspanning hebben.

Voor meer informatie verwijzen wij u graag naar de website van Diavaria: www.diavaria.nl 

Uw actieve deelname in de vereniging wordt op prijs gesteld aangezien uw mening over de behandeling of organisatie een bijdrage kan leveren aan een betere zorgverlening. Indien u hiervoor belangstelling heeft, kunt u contact opnemen met één van de teamleiders van de afdeling. U kunt ook lid worden van de vereniging. Het lidmaatschapsformulier kunt u ophalen bij het secretariaat van onze afdeling of downloaden via de website. Het ingevulde formulier kunt u inleveren op het secretariaat.


April 2013