Ouderen en alcohol

This information is provided by  Ouderengeneeskunde

Ouderen en alcohol

In deze folder worden de risico’s van alcoholgebruik beschreven en vindt u informatie over het stoppen of minderen met het drinken van alcohol.

​Alcoholgebruik

Alcoholgebruik is steeds gewoner geworden in onze samenleving. Veel ouderen vinden het gezellig en lekker om af en toe een glaasje wijn, een biertje of een jonge jenever te nemen. Er zijn ook ouderen die alcohol drinken om het gevoel van stress, eenzaamheid of depressie te verdrijven. 

Uit onderzoek is gebleken dat overmatig gebruik van alcohol is toegenomen onder senioren. In 10 jaar tijd is het aantal gevallen van alcoholvergiftiging onder 55-plussers verdrievoudigd. Ook gebeuren er meer ongelukken met ouderen door alcohol. In 2016 kwamen er 5000 55-plussers op de Spoedeisende Hulp terecht na een ongeval waarbij alcohol een rol speelde, bijvoorbeeld een valpartij.

Het gebruik van alcohol is niet zonder gevaren. Een ouder wordend lichaam verdraagt alcohol over het algemeen minder goed. Dit komt door allerlei veranderingen in het lichaam. Voor ouderen verhoogt alcoholgebruik bovendien het risico op vallen. Ouderen met gezondheidsproblemen en ouderen die medicijnen gebruiken moeten extra voorzichtig zijn. 

Het is daarom raadzaam om op het alcoholgebruik te letten. Op basis van wetenschappelijke onderzoeken geeft de Gezondheidsraad als advies: “Drink geen alcohol of in ieder geval niet meer dan één glas per dag” 

Waarom verdragen ouderen alcohol slechter?

Ouderen verdragen alcohol over het algemeen slechter. Ouderen hebben minder lichaamsvocht en vaak een relatieve toename van lichaamsvet. Daarnaast werken lever en nieren minder efficiënt.

Hierdoor wordt alcohol minder snel afgebroken en stijgt het alcoholpercentage in het bloed. Het (negatieve) effect van een glas alcohol (bier, wijn of sterke drank) is daarmee veel groter dan op jongere leeftijd.

Gevolgen overmatig alcoholgebruik:

Het risico op gezondheidsschade door alcohol hangt af van het totale alcoholgebruik van de drinker, maar ook van het drinkpatroon dat iemand heeft. Het drinkpatroon houdt in hoeveel alcohol iemand per keer drinkt en hoe vaak. In het algemeen geldt: 

  • Hoe hoger de totale consumptie van alcohol, hoe groter het risico op schade.
  • Hoe meer alcohol per keer wordt gedronken, des te ernstiger de schade (de aandoening of verwonding).

Voorbeelden van lichamelijke en psychische klachten die bij ouderen kunnen optreden door overmatig alcoholgebruik zijn: 

  • Hoge bloeddruk 
  • Maag- en darmproblemen 
  • Incontinentie 
  • Moeheid 
  • Seksuele problemen 
  • Angsten 
  • Lichtgeraaktheid 
  • Somberheid/depressie 
  • Slaapproblemen 
  • Desoriëntatie en geheugenproblemen 
  • Groter risico op vallen en op ongelukken met grotere gevolgen (zoals botbreuken)
  • Medicijnen werken niet, niet goed of averechts

Alcoholgebruik in combinatie met gezondheidsproblemen en medicijnen

Ouderen met gezondheidsproblemen en ouderen die medicijnen gebruiken, dienen extra voorzichtig te zijn met alcohol. Het is raadzaam om altijd te controleren wat in de bijsluiter staat over het gebruik van alcohol bij een medicijn. U kunt ook advies vragen aan de huisarts of de apotheker.

Gebruik van medicatie zoals: slaap- en kalmeringsmiddelen, antidepressiva, angstremmers, anti-epilepsie middelen, zware pijnstillers en bepaalde middelen tegen allergieën. 
- Deze middelen hebben doorgaans een verdovend effect. Alcohol zal de verdovende werking doen toenemen. Hierdoor daalt de concentratie, neemt de controle over bewegingen af en ontstaat een hogere kans op duizeligheid en evenwichtsstoornissen. Met meer kans op vallen en andere ongelukken.
- De combinatie met medicatie kan ook moeheid, slaapproblemen, depressieve klachten, desoriëntatie en vergeetachtigheid bevorderen.

Bloeddruk- en hartproblemen  
Zeer regelmatig of dagelijks alcohol drinken zorgt voor een hogere bloeddruk en daarmee samenhangende problemen. Omgekeerd kan zeer veel alcohol drinken de bloeddruk plots zeer sterk doen dalen.
- De werking van zowel bloeddrukverlagende als -verhogende medicatie kan door het drinken van alcohol verstoord worden.

Diabetes
Alcohol drinken kan tot een snelle bloedsuikerstijging leiden. Het doet de kans op de ontwikkeling van diabetes type 2 toenemen. Wie diabetes type 2 heeft, moet zich zeker aan de vermelde richtlijnen houden.
- Omgekeerd kan in 1 keer veel alcohol drinken bij iemand die diabetes heeft aanleiding geven tot een hypo. Mensen met diabetes die toch alcohol drinken, doen dat het best tijdens de maaltijd om zo de kans op een hypo te vermijden.

Hoog cholesterol
Regelmatig alcohol drinken verhoogt het cholesterolgehalte.
- Wie te maken heeft met een te hoog cholesterol, kan het best zo min mogelijk alcohol drinken.  Drinkt u toch, beperk dit dan tot maximum een glas per dag en hou zoveel mogelijk dagen alcoholvrij.
- Wie cholesterolverlagers neemt en daarbij te veel alcohol drinkt, riskeert bijwerkingen zoals spierklachten.

Andere fysieke problemen en medicijnen
Informeer bij uw huisarts, zeker wanneer u medicatie moet nemen.
- De meeste medicijnen moeten, net zoals alcohol, door de lever worden afgebroken. Dit vormt dus een extra belasting voor de lever, met als gevolg dat sommige afbraakstoffen (die soms nog schadelijker zijn) langer in het lichaam blijven.
- De werking van sommige geneesmiddelen kan afnemen of toenemen na het drinken van alcohol.

Alcoholgebruik minderen of stoppen

Het minderen of stoppen met alcohol levert zowel mentale als lichamelijke voordelen op:

  • Betere conditie en gewichtsverlies
  • Gezondere huid
  • Betere concentratie
  • Betere opname van vitamines
  • Beter slapen
  • Gevoelens van somberheid of angst verminderen
  • Geen beschamende vertoningen
  • Financiële voordelen

Wilt u stoppen of minderen met het gebruik van alcohol dan kunt u advies of hulp vragen via uw huisarts.

Op internet vindt u informatie over alcoholgebruik en over zelfhulpprogramma’s: 

www.minderdrinken.nl 
www.alcoholenouderen.mirro.nl
www.alcoholondercontrole.nl
www.alcoholinfo.nl
www.thuisarts.nl/alcohol

Tot slot

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen of wilt u advies of hulp, dan kunt u contact opnemen met uw huisarts.