Big-data voor pijn op de borst

Big-data voor pijn op de borst

Bij Nederlandse huisartspraktijken melden zich elke dag 1400 mensen met pijn op de borst. Bij 80% van de patiënten blijkt de pijn uiteindelijk niet veroorzaakt te worden door het hart. Het is voor de huisarts dus een uitdaging om te bepalen of pijn op de borst wordt veroorzaakt door het hart. Veel patiënten met pijn op de borst worden dan ook naar de cardioloog verwezen door de huisarts.

Dit was voor het Zorginstituut reden om in een zogenaamd ‘verbetersignalement’ in het kader van Zinnige Zorg nader onderzoek te doen naar de huidige stand van zorg bij patiënten met pijn op de borst.

Onderzoekers onder leiding van Tobias Bonten van onze afdeling droegen hieraan bij. Data van het ELAN datawarehouse en STIZON ( 1.8 miljoen patiënten) werden onder andere gebruikt om te bekijken hoe vaak huisartsen op dit moment doorverwijzen bij patiënten met stabiele pijn op de borst.  Hieruit bleek dat respectievelijk 63% en 28% van de patiënten met hoog en laag risico verwezen werden naar de cardioloog terwijl de NHG-standaard Stabiele Angina Pectoris aanbeveelt dit niet te doen. In de huisartsenpraktijk is de groep mensen met een laag risico het grootst en de potentiële winst van een meer zinnige verwijzing daarmee ook.

Het rapport gaf zo een mooie inkijk in de mogelijkheden van ELAN-data. Ook voor andere metingen over verbetering van kwaliteit van zorg liggen hier goede mogelijkheden. Ook ondersteunde het rapport de motivatie om vervolgonderzoek te gaan doen naar de waarde van een beslisregel voor pijn op de borst in de huisartsenpraktijk, om zo de huisarts een beter handvat te bieden bij verwijzing voor pijn op de borst.

Tobias Bonten

Volledige rapport: 

https://www.zorginstituutnederland.nl/publicaties/rapport/2018/01/31/verbetersignalement-‘pijn-op-de-borst