Antilichamen en complement

Zowel alloantilichamen, autoantilichamen als therapeutische antilichamen spelen een belangrijke rol bij de verschillende onderzoeksprogramma’s van de afdeling Immunologie.

In de onderzoeksprogramma’s naar transplantatie en reproductieve immunologie worden met name anti-HLA antistoffen in detail bestudeerd. Er worden, aan de hand van epitoop specificiteit van anti-HLA antistoffen, nieuwe methodes ontwikkeld om tot een betere matching tussen donor en ontvanger te komen. Daarnaast wordt in kaart gebracht in welke mate identificatie van HLA-specifieke geheugen B cellen van toegevoegde waarde is voor de diagnostiek rondom transplantatie. Ook in de routine diagnostiek voor transplantatie spelen (anti-HLA) antistoffen een doorslaggevende rol.

Autoantilichamen tegen een breed scala aan al dan niet post-translationeel gemodificeerde zelf-eiwitten spelen een essentiële rol bij het onderzoeksprogramma autoimmuniteit. Hierbij is er een focus op autoantilichamen tegen complement, post-translationeel gemodificeerde eiwitten en bloedplaatjes en rode bloedcellen.

In de onderzoeksprogramma’s naar anti-kanker therapie en autoimmuniteit worden met name de werkingmechanismen bestudeerd van antilichamen tegen costimulatoire en coinhibitoire (“checkpoint”) receptoren op T cellen. Dit betreft onderzoek aan humane weefsels, cel preparaten en relevante in vivo muismodellen. Het vinden van nieuwe doelwitten en diagnostische markers voor kankerimmuuntherapie vormt een belangrijk onderdeel van het onderzoek.

Voor deze programma’s zijn de teams ook bezig verschillende allo- en autoantilichamen recombinant te produceren. Deze recombinante (bi-specifieke) antilichamen worden ontwikkeld in de context van transplantatie, autoimmuniteit en anti-kanker therapie.