Beengeleidingsimplantaat (BGI)
KNO - Afdeling; sectie Implantologie & Otologie, zorgtraject BGI
een beengeleidingsimplantaat
Hoe werkt het gehoor?
We kunnen op 2 manieren geluid opvangen, zie figuur 1;
- via de lucht: dit heet luchtgeleiding
- via het bot: dit heet beengeleiding, want ‘been’ is een ander woord voor ‘bot’
Gewone hoortoestellen maken gebruik van luchtgeleiding: Het geluid wordt opgevangen en versterkt door het hoortoestel. Dit versterkte geluid wordt via de gehoorgang en het middenoor doorgegeven aan het slakkenhuis.
De tweede manier waarop men kan horen is via beengeleiding. Hierbij wordt het geluid via het bot direct doorgegeven aan het slakkenhuis. De gehoorgang en het middenoor worden overgeslagen.

Figuur 1: De processor zet geluid om in een trilling. Via beengeleiding komt dit geluid bij het slakkenhuis.
Hoe werkt een beengeleidingsimplantaat?
Een BGI bestaat uit twee delen (zie figuur 2);
- Het implantaat; dit vaste gedeelte is een klein, titanium implantaat (schroef) achter het oor, inclusief koppelstukje.
- Het hoortoestel, ofwel de processor, wordt hierop geklikt (zie figuur 2). Deze processor vangt het geluid op en zet het geluid om in trillingen. Deze trillingen komen via het bot rechtstreeks in het slakkenhuis. Op deze manier worden eventuele problemen in de gehoorgang en/of het middenoor overgeslagen.

Figuur 2: BGI implantaat (schroef en koppelstuk) en BGI processor
Andere benamingen voor een BGI zijn Bone Conduction Device (BCD) en Bone Anchored Hearing Aid (BAHA). Ponto (van Oticon) en Baha (van Cochlear) zijn merknamen.
Is een beengeleidingsimplantaat geschikt voor mij?
BGI bij oorontstekingen:
Soms kan door chronische middenoorontstekingen, ondanks behandeling bij een KNO-arts, geen hoortoestel gedragen worden. Een beengeleidingsimplantaat komt achter het oor, waardoor de gehoorgang niet wordt afgesloten.
BGI bij afgesloten gehoorgang:
Sommige mensen worden geboren met een dichte gehoorgang. Op latere leeftijd kan de gehoorgang door ontstekingen of na een operatie afgesloten zijn. Via een gewoon hoortoestel komt het geluid dan niet bij het slakkenhuis. De KNO-arts kan proberen om de gehoorgang met een operatie open te maken. Dit is niet altijd mogelijk. Een BGI kan in dit geval het probleem omzeilen doordat het geluid direct naar het slakkenhuis wordt geleid.
BGI bij éénzijdige doofheid:
Bij een blijvend, ernstig gehoorverlies aan één kant waarbij het slakkenhuis is uitgevallen, kan het geluid via een CROS hoortoestel of een BGI van de dove kant omgeleid worden naar de goedhorende kant. Ervaringen hiermee zijn wisselend.
Beengeleiding voor kinderen
Ook voor kinderen met bovenstaande problemen is een BGI mogelijk. Vanaf een leeftijd van ongeveer 4 jaar kan er een schroef geplaatst worden. Bij kinderen jonger dan deze leeftijd, of met wisselend gehoorverlies kan de BGI-processor op een softband (zie figuur 3) of SoundArc (zie figuur 4) gedragen worden. Voor deze draagopties is geen operatie nodig, en het kan tijdelijk zo gedragen worden. De BGI-processor is te verbinden met solo-apparatuur en digibord voor in de klas.

Figuur 3: Softband

Figuur 4: SoundArc
Wat gaat er vooraf aan het onderzoek of de behandeling?
De stappen na verwijzing door de KNO-arts
Onderstaande stappen worden gevolgd om te bepalen of een beengeleidingsimplantaat geschikt is voor u.
Gehooronderzoeken: De ernst en het type van het gehoorverlies wordt in kaart gebracht.
Afspraak bij de audioloog: Het gehoorprobleem wordt in kaart gebracht en er wordt besproken wat de voordelen zijn van een BGI ten opzichte van andere revalidatiemogelijkheden (zoals een hoortoestel). Er kan een test worden gedaan met een BGI-processor op hoofdbeugel om de verbetering in het spraakverstaan te bepalen. Eventueel volgt een thuisproef om uit te proberen wat de meerwaarde voor u zou zijn. Met de audioloog wordt besproken of de BGI een goede oplossing biedt en de kant van plaatsing wordt gekozen.
Afspraak bij de KNO-arts: Risico’s worden besproken en er wordt in kaart gebracht of het medisch mogelijk is. Bij goedkeuring van de arts wordt u op de wachtlijst voor de ingreep geplaatst.
Hoe gaat het onderzoek / de behandeling in zijn werk?
De operatie zelf
Op de dag van de operatie komt u `s ochtends naar het ziekenhuis. U wordt dan voorbereid voor de operatiekamer en u krijgt zo nodig een middel om u te ontspannen. U blijft wel wakker en maakt de operatie mee.
Voordat de operatie kan beginnen, wordt eerst wat haar achter het oor weggeschoren en wordt de locatie van het implantaat bepaald. Met een klein naaldje wordt de dikte van de huid gemeten zodat de juiste lengtemaat van het abutment bepaald kan worden. De abutment is het gedeelde van het implantaat dat door de huid komt en waar later het toestel op geklikt kan worden. Met enkele prikken wordt de verdovingsvloeistof toegediend, vergelijkbaar met tandartsverdoving. Na het steriel afdekken van het gebied achter het oor, wordt een kleine snede in de huid gemaakt. Er wordt een klein gaatje geboord in het schedelbot met een diepte van maximaal 4 mm. Hierin wordt het titanium implantaat geplaatst. Daarna wordt de huid gesloten met enkele hechtingen. Tenslotte wordt op de schroef een klein plastic schijfje geplaatst, de zogenaamde healing cap, met daaronder een drukverbandje met antibiotische zalf. Eventueel krijgt u nog een hoofdverband wat u er na 24 uur zelf af mag halen. De healing cap laat u zitten. Wij adviseren dat u niet zelf naar huis rijdt.
Waar moet u op letten direct na het onderzoek / de behandeling?
Medische controles
Na 1 week komt u voor controle op het verpleegkundig spreekuur. De healing cap met het verbandje worden eraf gehaald. De verpleegkundige controleert de wond en geeft u uitleg hoe u in de komende weken zelf het beste de wond kunt schoonhouden en behandelen. Dit bestaat voornamelijk uit het aanbrengen van zalf op de huid totdat de wond gesloten is. Het recept voor de zalf krijgt u mee, evenals een reserverecept dat u moet gebruiken als de huid rondom het abutment eventueel later onrustig wordt. De eerste 3 weken moet u de wond droog houden. Daarna mag u douchen met lauwwarm water en zo nodig met natte (baby)doekjes de kleine korstjes rondom de abutment verwijderen.

Figuur 5: het implantaat met koppelstuk na de operatie
Na 6 weken vindt een controle plaats door de arts of de wond goed is genezen. Wij proberen deze afspraak op de polikliniek te combineren met de afspraak voor keuze BGI-processor op het Audiologisch centrum. Er volgen alleen afspraken op het verpleegkundig spreekuur als u klachten heeft.
Keuze en aanpassing BGI 6-8 weken na operatie
Keuze BGI-processor:
Ongeveer 6-8 weken na de operatie krijgt u een afspraak bij de audioloog om een keuze te maken voor het merk en type BGI-processor. Hierbij zal bepaald worden welke BGI-processor (merk en sterkte) het beste bij uw gehoorsituatie past. Er zijn 2 fabrikanten van BGI-processoren: Cochlear (www.cochlear.nl) en Oticon Medical (www.oticonmedical.nl). Indien mogelijk laten we processoren van beide merken aan u horen. Op basis van audiologische resultaten maken we een keuze. Vervolgens wordt uw eigen toestel besteld en zodra deze binnen is, meestal na een aantal weken, wordt een afspraak gemaakt voor de uitlevering.
Uitlevering BCD: Een aantal weken na de keuze zal de nieuwe BGI-processoruitgeleverd worden en ingesteld worden op uw gehoor. Tijdens deze uitlever-afspraak legt de audioloog de werking van het toestel uit en oefent met u ook het aanklikken en verwijderen.
Na de uitlevering:
De BGI-processor heeft garantie voor een periode van 5 jaar, zolang het defect niet is ontstaan door oneigenlijk gebruik. Als de processor defect is kunt u contact opnemen met de fabrikant. We adviseren de processor te verzekeren tegen verlies en diefstal. Bij klachten over de geluidskwaliteit kunt u, na het uitsluiten van een technisch mankement, een afspraak maken bij het Audiolgisch Centrum. Na 5 jaar komt u weer in aanmerking voor vervanging van de BGI-processor.
Wat zijn de risico's, bijwerkingen of complicaties?
Zoals bij iedere operatie kunnen er soms complicaties optreden. Er kan bijvoorbeeld een infectie optreden of een onverwachte bloeding. Er is een kleine kans dat bij de operatie de gevoelszenuw van een klein stukje van uw hoofdhuid wordt doorgesneden waardoor de huid daar gevoelloos wordt. Ook dient u er rekening mee te houden dat de wond een tijdlang gevoelig blijft.
Aangezien deze operatie niet ín uw oor wordt uitgevoerd maar in het bot áchter uw oor is er geen gevaar voor het slakkenhuis, de gehoorbeentjes of het evenwichtsorgaan. Ook is er geen risico dat bij de operatie uw hersenen beschadigd raken. Uw hersenen worden goed beschermd door het hersenvlies.
Contactgegevens van de betrokken poliklinieken
Als u nog vragen hebt dan kunt u contact met ons opnemen via het secretariaat. Het secretariaat is dagelijks telefonisch bereikbaar van 09:00 tot 12:30 uur via 071 – 526 80 20 of per e-mail via bgi@lumc.nl.
Centrum voor Audiologie en Hoor-Implantaten Leiden (CAHIL)