Waarom dierproeven

Het LUMC doet veel onderzoek naar oorzaken en behandelingen van ziekten. Hiervoor gebruiken we zoveel mogelijk cellen of klompjes cellen (organoids). In sommige gevallen is het echter nodig dat er interactie is tussen organen of speelt het immuunsysteem een grote rol. Daarom maken wij gebruik van proefdieren. Het LUMC doet alleen dierproeven als het niet anders kan.

Noodzaak dierproeven

Een dierproef is een experiment met levende gewervelde dieren. Het liefst doet het LUMC geen dierproeven. Toch is dit soms nodig voor bepaalde onderzoeksvragen. Bijvoorbeeld om medicijnen en nieuwe  behandelmethoden te testen, er wordt door internationale organisaties altijd een werkzaamheidsprofiel gevraagd, voordat we in mensen verder gaan. Dieren geven daarbij belangrijke informatie over de werking en veiligheid van medicijnen of behandelingen. Via dierproeven weten we of medicijnen geschikt kunnen zijn voor toepassing in mensen. Wetenschappers verzamelen ook veel belangrijke kennis via dierproeven. Zoals over de werking en ontwikkeling van het lichaam en bijvoorbeeld het ontstaan van ziekten, op die manier kunnen we daarna ook mogelijke behandelingen testen.

Soorten onderzoeken

Het LUMC ondersteunt het dierproevenonderzoek van verschillende wetenschappelijke afdelingen, zoals:

  • Immunologie
  • Oncologie
  • Parasitologie
  • Neurobiologie
  • Hart- en vaatziekte
  • Nierziekten
  • Endocrinologie

In het LUMC wordt zowel fundamenteel wetenschappelijk als toegepast onderzoek uitgevoerd. Het overgrote deel van de proefdieren wordt gebruikt voor fundamenteel wetenschappelijk onderzoek (79%), 17% van de proefdieren wordt gebruikt voor toegepast onderzoek en 4% voor andere doeleinden. Ons fundamentele onderzoek richt zich op het ontdekken van nieuwe ziektes, oorzaken en mogelijke behandelroutes. Het toegepast onderzoek is veelal in het kader van ziektes, het genezen daarvan. De andere doeleinden zijn variërend, een deel is onderwijs, gegeven onze wettelijk verplichte opleiding voor de onderzoekers die wij 4 maal per jaar geven.

Welke proefdieren

In het LUMC gebruiken we verschillende soorten proefdieren. Dit zijn grotendeels muizen en daarnaast nog ratten en hamsters. Onderzoek met andere dieren wordt in  andere faciliteiten uitgevoerd zoals vissenonderzoek bij de Universiteit Leiden. Het LUMC gebruikt deze proefdieren voor het ontwikkelen van nieuwe behandelmethoden, zoals voor COVID-19, malaria en migraine. Ook onderzoeken we manieren om een diagnose te stellen voor ziekten. Of om beter te weten of een behandeling werkt, zoals bij kanker. Daarnaast wordt samen met ‘Academic Pharma’ onderzoek uitgevoerd naar een veilige toepassing van nieuwe medicijnen.

Bekijk het overzicht gebruikte diersoorten hieronder.

 

  Fundamenteel onderzoek Toegepast onderzoek
Muis 12.331 2182
Rat 140 41
Hamster - 216
Andere knaagdieren 15 -
  Fundamenteel onderzoek Toegepast onderzoek Onderwijs Fok* Totaal
Muis 12.331 2182 440 2894 17.847
Rat 140 41 5 - 186
Hamster - 216 - - 216
Andere knaagdieren 15 - - - 15
Zebravissen 240 - - - 240
Totaal 12.726 2439 445 2894 18.504

Verantwoord en zorgvuldig

Dieren zijn wezens met gevoel; het LUMC doet proeven met dieren dan ook niet zomaar. We gaan  verantwoord en zorgvuldig met proefdieren om. Voor een dierproef maken onze onderzoekers de volgende afwegingen:

  1. Noodzaak: We doen alleen onderzoek met proefdieren als het niet anders kan. Dat betekent: alleen als we de onderzoeksvraag niet op een andere manier kunnen beantwoorden gebruiken we dieren.
  2. Ethische afweging: We wegen vooraf altijd het onderzoeksbelang en het ongerief bij de dieren af. Oftewel: weegt het nut van de proef op tegen het verwachte ongerief voor het dier? Ook een onafhankelijke dierexperimentencommissie maakt deze ethische afweging alvorens het LUMC een vergunning hiervoor krijgt.

3 V’s: We willen alleen dierproeven uitvoeren waarbij zoveel mogelijk rekening is gehouden met de zogenoemde 3 V’s: vervanging, vermindering en verfijning.

Onderzoeken met dierproeven

Het proefdiercentrum van het LUMC huisvest en verzorgt de proefdieren en helpt bij de uitvoering van het onderzoek. Het proefdier staat als het ware ‘model’ voor de ziekte die wordt bestudeerd. Ook wordt in het model onderzocht of een bepaalde behandeling voor die ziekte gaat helpen de ziekte te stoppen of te genezen.

De Instantie voor Dierenwelzijn ziet er op toe dat voldaan wordt aan alle eisen van de wet- en regelgeving zoals vergunningen en de uitvoering van de experimenten.

Contact

Wilt u meer informatie over dierproeven en het LUMC? Stuur een e-mail naar: pdc-bedrijfsbureau@lumc.nl