Schot- en steekwonden dagelijkse realiteit in ziekenhuis

In Zuid-Afrika leerde LUMC-chirurg Gerrit Jan Liefers opereren alsof het oorlog is

3 maart 2026
leestijd
Als reservist bij Defensie vertrok LUMC-chirurg Gerrit Jan Liefers deze zomer naar Zuid-Afrika. In een ziekenhuis in een van de gewelddadigste steden ter wereld, leerde hij opereren onder omstandigheden die in Nederland zelden voorkomen. “Als militair-chirurg moet je weten wat je doet als iemand met een kogelwond binnenkomt.”

Door: Lennart 't Hart

‘Luitenant-Kolonel Liefers’ volgde drie maanden een praktijkstage in een Zuid-Afrikaans ziekenhuis. Wat hij daar meemaakte, was te vergelijken met een oorlogssituatie. En dat was, hoe wrang ook, precies de reden waarom Defensie de stage daar faciliteert. “Ik had in mijn hele carrière misschien twee messteken geopereerd en nog nooit een kogelwond. In Zuid-Afrika heb ik daar in korte tijd zo’n 35 gevallen van gezien.”

De stage is onderdeel van opleiding tot militair chirurg. Liefers: “Binnen Defensie bouw je een portfolio op, en deze ‘exposure-stage’ hoort daar bij. Je draait mee in een medisch team in een lokaal ziekenhuis. In mijn geval was dat een publiek ziekenhuis, waar je als arts dagelijks geconfronteerd wordt met patiënten met zwaar lichamelijk letsel door geweld.”

Slachtoffers liggen soms uren op straat

De problemen zijn het grootst in de townships, woongebieden aan de rand van de stad die tijdens de Apartheid zijn opgezet om de zwarte bevolking gescheiden te houden van de witte bevolking.

“In de townships rijden vaak geen ambulances. Slachtoffers liggen soms uren op straat, voordat ze door iemand worden opgepikt. Gemiddeld duurt het 9 tot 12 uur voordat ze het ziekenhuis bereiken. Ze zijn dan vaak ernstig gewond en ondervoed. En dit zijn de overlevenden, mensen die niet een kogel door hun hoofdslagader hebben gekregen bijvoorbeeld”, vertelt hij.

8 op de 10 patiënten besmet met hiv

De omstandigheden in het ziekenhuis waren compleet anders dan hij gewend was. Liefers: “De verpleegafdelingen bestonden uit grote zalen met zo’n vijftig bedden dicht bij elkaar. Privacy was er niet.” Ook de hygiëne liet volgens hem te wensen over. “Er waren overal vliegen en de geur van infecties hing voortdurend in de lucht. Patiënten lagen met mutsen en sjaals, want de ramen stonden wijd open, ondanks dat het daar winter was.

Bovenop die situatie heeft ongeveer 8 op de 10 patiënten hiv en 7 op de 10 tuberculose. Dat maakte het werk niet alleen medisch complex, maar ook risicovol. Bovendien waren er niet genoeg beschermingsmiddelen voor het personeel. Zo waren er wel handschoenen, maar geen goede mondkapjes. Bij prikincidenten liggen er hiv-preventiepillen klaar.

 

 

 

 

 

Volledig openen van de buik

In het ziekenhuis was Liefers voortdurend beschikbaar. “Ik liep visite mee en was aanwezig bij de overdracht, zodat ik wist wat er speelde. Als er dan een patiënt binnenkwam met een schot- of steekwond, belden ze mij: ‘We gaan nu opereren, doe je mee? Dan ging ik er gelijk heen en was ik erbij. Niet als hoofdchirurg, maar als meewerkend arts.”

Zo leerde hij een spoed-laparotomie uitvoeren. Bij deze trauma-operatie wordt de buik volledig geopend en stap voor stap onderzocht. “Chirurgen verdelen de buik in vier denkbeeldige vakken en bekijken elk deel zorgvuldig: de organen voorin, de ruimte achter de buikholte, de milt en het middenrif. Het is een manier van werken die hij in Nederland nauwelijks hoeft toe te passen, omdat zulke verwondingen hier zeldzaam zijn. Maar in een oorlogssituatie kan het van levensbelang zijn om dit systeem te beheersen.

In de buik genaaide infuuszakken

De omstandigheden in de OK waren volgens hem verre van ideaal. Toch is de kennis van de lokale artsen indrukwekkend, vindt hij. “Ze hebben daar niet de moderne apparatuur die wij gewend zijn. Waar wij geholpen worden met staplers, ligasure (een chirurgisch hulpmiddel om bloedvaten dicht te branden en door te snijden bij operaties) en dergelijken was het daar allemaal nog handwerk. Zo gebruikten ze voor het afbinden van darmen linten van een buikgaas. Het was houtje-touwtje, maar met vakmanschap. Ik vond dat indrukwekkend.”

Liefers zag met eigen ogen hoe het gebrek aan materialen chirurgen dwong tot improvisatie. “Na een buikoperatie kan het voorkomen dat de wond niet direct gesloten kan worden, bijvoorbeeld door opgezwollen darmen. In Nederland bestaan daar speciale medische hulpmiddelen voor, maar daar werd gewerkt met infuuszakken.”

Deze zakken, normaal bedoeld voor vochttoediening, werden steriel bewaard en vervolgens hergebruikt als tijdelijke bedekking van de buikholte. Het dikke plastic bleek effectief: “de zakken werden letterlijk vastgenaaid aan de buikwand zodat de organen beschermd bleven. Zodra de zwelling na enkele dagen afnam, werd de zak verwijderd en kon de buik alsnog worden gesloten”, vertelt hij.

 

 

 

 

 

‘Je leert je grenzen kennen’

Het LUMC werkt al jaren samen met Defensie via het Instituut samenwerking Defensie en Relatieziekenhuizen (IDR). Dat programma koppelt civiele ziekenhuizen aan de krijgsmacht: artsen en verpleegkundigen worden opgeleid tot reservist en zijn enkele maanden per jaar beschikbaar voor oefeningen of uitzendingen. In ruil daarvoor krijgen zij unieke ervaring in zorg onder extreme omstandigheden.

Voor Gerrit Jan Liefers betekende dat niet alleen opereren in Zuid‑Afrika, maar ook een stevige militaire basisopleiding. “Acht weken door de modder kruipen, schieten, bivakkeren; alles wat je als militair moet kunnen. Het was pittig, maar ook een geweldige ervaring. Je leert samenwerken onder druk en je leert je grenzen kennen.”

Hij ziet de samenwerking als een win‑win. “Defensie krijgt toegang tot medische teams met ervaring. En wij krijgen de kans om ervaring op te doen die je in Nederland nooit opdoet.”

Leren omgaan met geweldstrauma’s

Terugkijkend op zijn stageperiode in Zuid-Afrika is hij trots op wat hij geleerd heeft, maar ook diep geraakt door wat hij heeft gezien. “Ik heb leren improviseren, leren omgaan met geweldstrauma’s, en ervaren wat het betekent om arts te zijn in een militair team. En ik heb ontdekt waar mijn grenzen liggen, en dat is misschien wel de belangrijkste les,” zegt hij.

 

 

 

 

 

 

 

LUMC-chirurg Gerrit Jan Liefers

 

Meer informatie over de samenwerking tussen Defensie en civiele ziekenhuizen vind je op Defensie.nl.

Voetnoot: In overleg met Defensie is besloten om de namen van de stad en het ziekenhuis waar Gerrit Jan stage deed om veiligheidsredenen niet te noemen  

Strategie-Banner-Samen met de regio.png