Vrouwengezondheid | Waarom is er zo weinig bekend over vrouwengezondheid?

29 juni 2026
leestijd
Er komt steeds meer aandacht voor de verschillen tussen het mannen- en het vrouwenlichaam. Maar hoe komt het eigenlijk dat de kennis over vrouwengezondheid in de geneeskunde beperkt is? Mieneke te Hennepe, hoogleraar Medische Geschiedenis, neemt je mee op een reis door de tijd.

Anatomische les met historische figuren en hedendaagse figuren

“’Het vrouwtje is als het ware een mislukt mannetje.’ Dat is een uitspraak die lange tijd heel invloedrijk is geweest. Dit werd gezegd door de Griekse filosoof Aristoteles en eigenlijk is dat idee, van een vrouwelijk inferieur lichaam, lange tijd in de geneeskunde bepalend geweest. Ook in onderzoek en onderwijs is het mannelijke lichaam lang als norm aangehouden. Mede door de mannelijke standaard in de geneeskunde, zijn klachten en ziekten van vrouwen vaak niet serieus genomen of uitgelegd als afwijkend.”

De mannelijke standaard

“De mannelijke standaard in de anatomie gaat al eeuwen terug. Zelfs in de oudste atlassen stond het (witte) mannenlichaam centraal als bron van kennis. Toen in de 16e eeuw de studie van de menselijke anatomie consistenter werd, lieten anatomen mannen afbeelden als gespierde, bewegende figuren. Spierfiguren van vrouwen waren er niet. Anatomen ontleedden in deze tijd soms ook vrouwenlichamen. Maar ze zagen het vrouwenlichaam als een object dat als een doosje geopend kon worden, niet als iets dat ze laag voor laag onderzochten. Daarnaast waren er minder vrouwenlichamen om te ontleden dan mannen. Vaak waren de lichamen van mensen die ter dood veroordeeld waren en dit waren minder vrouwen dan mannen.”

“De beroemde anatomische atlas uit 1555  ‘De humani fabrica’ van de anatoom Andreas Vesalius bevat meer dan 200 afbeeldingen van het menselijk lichaam, waarvan er slechts twee ontleedde vrouwenlichamen tonen. En dat zijn dan ook nog de voortplantingsorganen. Dat had niet alleen te maken met dat vrouwenlichamen minder beschikbaar waren om te ontleden, maar ook met de angst voor censuur als er te expliciete afbeeldingen in zouden staan.”

Anatomische atlas Andreas Vesalius, beeld: Rijksmuseum Boerhaave

“Dat het mannenlichaam lang als norm gold in de geneeskunde wil overigens niet zeggen dat artsen in het verleden niet geïnteresseerd waren in het vrouwenlichaam. Zo maakte de bekende arts Reinier de Graaf al in 1672 een einde aan de twijfel over het bestaan van de clitoris. Na het onderzoeken van overleden vrouwen en het behandelen van patiënten, concludeerde hij dat iedere vrouw een clitoris heeft. Hij verbaasde zich erover dat eerdere onderzoekers dit orgaan nauwelijks hadden beschreven, omdat het volgens hem eenvoudig te vinden was. In zijn boek gaf De Graaf een zeer gedetailleerde beschrijving van zowel de uitwendige als inwendige delen van de clitoris, inclusief de zwellichamen, spieren en veranderingen bij opwinding. Helaas is die kennis daarna nog vrij weinig doorgedrongen tot andere publieke bronnen vanwege het gebrek aan informatie over en het taboe rond vrouwelijke seksualiteit.”

Illustratie clitoris van Reinder de Graaf, beeld: Rijksmuseum Boerhaave

Aandacht voor vrouwengezondheid wordt groter

“Eind 19e eeuw wordt de aandacht voor vrouwengezondheid groter. Zo strijden vrouwen al langer voor meer zeggenschap over hun eigen gezondheid. Tijdens de eerste feministische golf (1870-1920) streden artsen bijvoorbeeld voor toegang tot anticonceptie, gezondere arbeidsomstandigheden voor vrouwen en emancipatie in het artsenberoep.”

“Ook Aletta Jacobs, de eerste vrouwelijke arts in Nederland, merkte dat er bij vrouwen vragen leefden over de werking van het lichaam. En dan met name over de geslachtsorganen. Ze wilde de vrouwen meer leren over hun lichaam. Daarom schreef ze in 1899 speciaal een boek over het vrouwelijke lichaam voor vrouwen met een beperkt budget.”

Boek Aletta Jacobs, beeld: Rijksmuseum Boerhaave









Uitklapplaten boek Aletta Jacobs, beeld: Rijksmuseum Boerhaave

“Een ander strijdpunt eind 19e eeuw voor feministen was de argumentatie van wetenschappers over lichamelijke verschillen tussen man en vrouw: wat betekenden die eigenlijk? En wat kon je daaruit afleiden? Die argumentatie ging bijvoorbeeld over het volume van organen, zoals de hersenen. Destijds werd gezegd dat dit zou aantonen dat het vrouwelijk lichaam inferieur was. Puur seksistisch gedachtegoed vinden we nu. Dat vonden de feministen toen ook al. Daarom gingen zij volop tegen die argumentatie in.”

“Vanaf de jaren ’70 van de vorige eeuw waren vrijheid van reproductie, en kennis en macht over het eigen lijf uitgangspunten binnen de feministische beweging. Vrouwen deelden kennis over onderwerpen als anticonceptie, borstkanker, menstruatieklachten, overgangsklachten, seksueel misbruik en ‘vage gezondheidsklachten’. De beweging zorgde voor meer aandacht voor vrouwspecifieke problemen.”

Hedendaags onderzoek

“Het duurde relatief lang voordat vrouwen in medisch onderzoek werden betrokken en man-vrouwverschillen in het vizier kwamen. Sinds het begin van de 20e  eeuw kreeg de vrouw bijvoorbeeld pas aandacht binnen de psychologie. En pas tussen 1920 en 1930 richtten onderzoekers zich op reproductie en hormonen, zoals de ontwikkeling van anticonceptie. Vanaf de jaren ‘60 ontstond er kritiek op studies die vooral mannen onderzochten. Feministen eisten dat vrouwen serieus werden genomen in onderzoek. Sinds 1993 is het in klinische studies in de Verenigde Staten verplicht om vrouwen te laten deelnemen. Europese regelgeving schrijft sinds 2014 voor dat vrouwelijke deelnemers meegenomen moeten worden in geneesmiddelenstudies als zij tot de beoogde gebruikers van dat geneesmiddel behoren, tenzij er een goede reden is om hen niet op te nemen.”

“Toch dringen historisch ingebakken standaarden uit onderzoek in het verleden nog door tot de wetenschappelijke standaarden van vandaag: denk aan het gebruik van mannelijke muizen ten opzichte van vrouwelijke muizen. Of hoe zit het bij databanken en lichaamsmateriaal dat op oude standaarden uit het verleden is verzameld?”

“De geschiedenis laat zien dat we van ver komen als het gaat over vrouwengezondheid. Tegelijkertijd is er de komende jaren nog veel te ontdekken.”

Mieneke te Hennepe

Maand van de vrouwengezondheid

In het LUMC zetten we ons in om vrouwengezondheid en -zorg meer op de kaart te zetten. Lange tijd was het mannelijk lichaam de norm in de gezondheidszorg, terwijl er belangrijke verschillen zijn tussen mannen en vrouwen. Daarom brengen we in het LUMC kennis en expertise uit verschillende specialismen samen om de zorg voor vrouwen te verbeteren. In de maand juni laten we zien wat we op dit gebied doen en vertellen we meer over vrouwenzorg in het LUMC. Lees er meer over op onze website.