Verwijderen van de okselklieren bij borstkanker

Deze informatie is opgesteld door de afdeling(en)  Klinische Oncologie

Deze informatie is bestemd voor patiënten die een borstoperatie ondergaan waarbij eveneens de lymfeklieren uit de oksel verwijderd gaan worden. Met behulp van deze folder willen wij u informeren over de werking van het lymfestelsel, over wat lymfoedeem is en hoe u lymfoedeem zoveel mogelijk kunt voorkomen.

De functie van het lymfestelsel

Het lymfestelsel bestaat uit lymfeklieren en lymfebanen en zorgt voor het verwijderen van allerlei afvalstoffen uit het lichaam. De klieren staan in onderling contact met de lymfebanen die voor het vervoer van de lymfe zorgen. Via steeds grotere lymfebanen komt dit weefselvocht, de lymfe, uiteindelijk in het bloed terecht. De lymfeklieren bevinden zich op verschillende plaatsen in het lichaam, zoals in de hals, de oksels en de liezen.

Hoe ontstaat lymfoedeem

De lymfe uit de armen wordt afgevoerd via de lymfeklieren in de oksels. Als de lymfeklieren zijn verwijderd of beschadigd, kan dit de afvoer van het weefselvocht bemoeilijken. Er kan ophoping ontstaan. Deze ophoping wordt lymfoedeem genoemd.

Lymfoedeem kan dus ontstaan als gevolg van de behandeling van borstkanker, waarbij ook de lymfeklieren uit de oksel worden verwijderd of worden beschadigd door bestraling. De lymfe kan dan minder goed worden afgevoerd omdat lymfe zeer eiwitrijk is blijft er bij verminderde afvoer meer eiwit in het weefsel achter. Die toegenomen hoeveelheid eiwit is een goede voedingsbodem voor bacteriën en vergroot de kans op een ontsteking.

Lymfoedeem kan echter ook ontstaan als gevolg van uitzaaiingen in de lymfeklieren. Het is daarom altijd belangrijk na te gaan wat de oorzaak is van het ontstaan van lymfoedeem.

Niet iedereen bij wie de okselklieren zijn verwijderd, krijgt lymfoedeem. De afvoer van lymfe zal namelijk voor een deel worden overgenomen door andere lymfebanen en door de bloedbaan.

Wel is het belangrijk dat u een aantal voorzorgsmaatregelen in acht neemt, om de kans op het ontstaan van lymfoedeem zoveel mogelijk te beperken en dat u beginnend lymfoedeem kunt herkennen. Hoe eerder met een behandeling wordt begonnen, hoe meer effect hiervan kan worden verwacht.

Als u een okselkliertoilet heeft ondergaan wordt er mogelijk een okseldrain achtergelaten (een drain is een slangetje in het wondgebied om bloed en wondvocht af te voeren). Deze drain wordt de dag na de operatie verwijderd tenzij de arts anders beslist.

Mogelijke complicaties van het verwijderen van de okselklieren

Verminderd gevoel in bovenarm

U kunt na de operatie last hebben van een pijnlijk, doof of overprikkeld gevoel aan de binnen- en achterzijde van de bovenarm. Dit komt doordat er tijdens de operatie een gevoelszenuw in de oksel wordt beschadigd. Hoe u dit ervaart, is niet te voorspellen. Er zijn vrouwen die zeggen geen last te hebben en er zijn vrouwen die dit als zeer vervelend ervaren. Na verloop van tijd her­stelt het gevoel zich weer enigszins.

Seroomvorming

Het komt voor dat wondvocht ophoopt in het wondgebied waardoor er een zwelling ontstaat. Dit wondvocht wordt seroom genoemd. Het kan zijn dat deze vochtophoping hinder geeft. In dat geval wordt het vocht soms weggeno­men. Dit heet een seroompunctie; dit is niet pijnlijk en moet soms meerdere keren gebeuren. Een seroompunctie wordt gedaan op de polikliniek door de verpleegkundig specialist. 

Lymfoedeem

Omdat de oksellymfeklieren zijn verwijderd dient u een aantal maatregelen in acht te nemen om ophoping van lymfevocht (lymf­oedeem) zoveel mogelijk te voorkomen. Dit lymfoedeem treedt niet direct na de operatie op maar kan in een latere fase van uw herstel optreden; soms zelfs jaren na uw operatie.

Herkennen

Lymfoedeem geeft meestal als eerste de klacht dat uw arm wat dikker is dan u gewend bent. U merkt dat bijvoorbeeld aan het knellen van uw ring of horloge en u voelt dat uw kleding daar wat strakker zit. Het kan gepaard gaan met een gevoel van ‘vermoeidheid’, ‘zwaarder’ worden of tintelingen in uw arm.

Risicofactoren en voorzorgsmaatregelen

Er zijn een aantal factoren die de kans op lymfoedeem kunnen vergroten. Met een aantal voorzorgsmaatregelen kunt u lymfoedeem zoveel mogelijk proberen te voorkomen.

Infectie 

Omdat de afweer in uw arm aan de geopereerde zijde verminderd is, loopt u een grotere kans op het ontstaan van een ontsteking in die arm. Probeert u, om de kans op infectie zo klein mogelijk te houden, zoveel mogelijk het ontstaan van wondjes aan die arm te voorkomen. 

  • Draag bij het werken in de tuin, bij het werken met bijtende stoffen en bij het schoonmaken van rozen handschoenen om u te beschermen 
  • Gebruik bij het ontharen van uw oksel een ontharing crème of een elektrisch scheerapparaat in plaats van een scheermesje 
  • Probeer beten en krassen van uw huisdier te voorkomen door deze met uw andere hand te aaien 
  • Gebruik een afweermiddel voor insecten
  • Houd uw huid soepel met een bodylotion; dit om kloofjes te voorkomen
  • Bloedafname en bloeddruk meten is gewoon toegestaan.

Mocht er toch een wondje ontstaan, dan spoelt u eerst het vuil eruit onder de lauwwarme kraan en vervolgens desinfecteert u het wondje met bijv. Sterilon, Chloorhexidine 0,5 % of Jodiumtinctuur 1%. Het is dan ook raadzaam een van bovengenoemde producten ‘in huis’ te hebben’. Als het wondje opzwelt en rood ziet, of als u hieraan twijfelt, neemt u contact op met uw huisarts .U zult eerder met antibiotica worden behandeld dan iemand bij wie geen operatie aan de lymfeklieren is uitgevoerd. Mocht u reeds bekend zijn met lymfoedeem dan dient u bij roodheid dezelfde dag contact met u huisarts op te nemen. 

Overbelasting

Het is goed om in beweging te blijven; lichte werkzaamheden en sport bevorderen de lymfe afvloed. Spierbewegingen in de armen stimuleren de afvoer van lymfe.

Indien u echter merkt dat bepaalde inspanning een zwelling van uw arm of hand veroorzaakt, dient u de belasting van de arm te verminderen.

Zwaar werk (tillen, sjouwen), langdurige inspanning en steeds herhalende bewegingen waarbij belasting van deze arm plaatsvindt, kunt u beter proberen te vermijden.

Het is belangrijk om uw activiteiten op te bouwen en uw grenzen hierin te leren kennen. Hebt u uw arm te veel belast, leg uw arm dan op een kussen om de lymfe wat makkelijker te kunnen laten afvoeren.

  • Probeer het werken met de computer over de dag te verdelen; probeer pauzes in te bouwen en maak voor zover mogelijk bij voorkeur gebruik van de functietoetsen in plaats van de muis
  • Verdeel uw boodschappen in twee tassen in plaats van een zware tas of maak eventueel gebruik van een boodschappenkarretje
  • Probeer uw huishoudelijke taken zoals ramen zemen en stofzuigen ‘over de week’ te verdelen in plaats van alle ramen op een dag te zemen. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor strijken; het is beter om 2 keer een half uur te strijken in plaats van 1 uur achter elkaar
  • Probeer het sjouwen van zware spullen, zoals bijvoorbeeld het verplaatsen van meubels, zoveel mogelijk aan anderen over te laten
  • Als u een sport beoefent, waarbij u uw arm intensief gebruikt zoals tennis of golf, adviseren wij u dit weer langzaam op te bouwen en uw grenzen hierin te leren kennen. Dit geldt ook voor het gebruik van de computer en voor hobby’s zoals breien en haken.

Stuwing

Door het knellen van strakke kleding (beha), maar ook ten gevolge van sieraden (ring of horloge) kan de afvoer van lymfe bemoeilijkt worden. Op die manier ontstaat stuwing.

Vermijd knellende kleding en/of sieraden.

Zorg voor een goed passende, steunende beha (liefst zonder beugel). U kunt hierover advies vragen aan de verpleegkundig specialist.

Extreme warmte

Door warmte stroomt er veel bloed naar het weefsel. Als de afvoer niet goed is, kan opeenhoping van lymfe toenemen. Bijvoorbeeld door de sauna of de zonnebank, maar ook door hete baden of ‘heet sop’, kan lymfoedeem verergeren. Dit wil niet zeggen dat u de zonnebank of de sauna niet meer mag bezoeken. Probeer dit echter op te bouwen en ook hierin uw grenzen te leren kennen.

Beperking van de schouder en armfunctie

U zult u vlak na de operatie beperkt voelen in de bewegingen van uw arm aan de geope­reerde zijde; met name bij in het omhoog doen en het van uw lichaam af bewegen van de arm. Om de kans op blijvende bewe­gingsbeperking te verkleinen is het van belang dat u na de operatie regelmatig arm- en schouderoefeningen doet. Het is niet goed om uw arm geheel te ont­zien, maar het is ook niet de bedoeling dat u heel fanatiek uw arm gaat bewegen.

Armoefeningen

Oefeningen voor de eerste dagen na de operatie 

  1. Breng, op de rug liggend, beide armen omhoog. Houdt hierbij een bal in de handen en knijp meerdere malen in deze bal.
  2. Beweeg de vingers een voor een, gebruik hierbij eventueel een zacht balletje en rol hiermee over uw handpalm.
  3. Maak opwaartse, zijwaartse en ronddraaiende bewegingen met uw pols.
  4. Ga op uw rug liggen en breng uw arm omhoog. Probeer uw arm zover mogelijk naar achteren en naar voren te bewegen.
  5. Beweeg uw arm zijwaarts omhoog en breng uw elleboog op gelijke hoogte met uw schouder. Buig vervolgens uw onderarm richting oor.
  6. Laat uw schouders ontspannen hangen en beweeg uw hoofd rustig van links naar rechts.
  7. U heeft uw schouders nog steeds ontspannen en u maakt nu een ronddraaiende beweging met uw hoofd. Draai afwisselend linksom en rechtsom.
  8. Maak in staande houding een kruislingse beweging met uw hand naar de schouder aan de andere zijde.

Vervolgoefeningen 

Als er geen wondproblemen zijn, kunt u uw oefeningen uitbreiden  De volgende oefeningen kunt u het beste doen wanneer u goed rechtop zit op een stoel zonder armleuningen. Houd hierbij de schouders iets naar achteren getrokken.

A. Breng uw handen boven uw hoofd, tik aan en klap.

B. Breng uw handen achter uw rug, tik aan en klap.

C. Houd uw handen in uw nek met de vingers op elkaar, breng uw ellebogen zover  mogelijk naar achteren.

D. Maak met een handdoek de beweging alsof u uw rug aan het afdrogen bent. Eerst in zijwaartse richting en vervolgens van boven naar beneden.

Nacontrole of follow up

Bij de controle zal de verpleegkundig specialist, u regelmatig vragen of u klachten heeft met betrekking tot de armfunctie. Ervaart u klachten, of heeft u twijfels hierover dan is het goed om dit bespreekbaar te maken. U hoeft hier niet mee te wachten tot een bezoek aan de polikliniek. 

Behandeling

In het geval van lymfoedeem kan eventueel een behandeling door een oedeemtherapeut of een huidtherapeut worden ingezet. Deze behandeling kan bestaan uit massage, al dan niet met behulp van speciale apparatuur, uit het aanmeten van een ‘kous’ of uit het zwachtelen of ‘tapen’ van uw arm. Een combinatie van de genoemde behandelingen is ook mogelijk. De therapeuten die deze behandeling uitvoeren zijn therapeuten die een speciale opleiding hebben gevolgd om lymfoedeem te kunnen behandelen.

Mocht u voor behandeling in aanmerking komen dan adviseren wij u bij uw verzekering na te gaan in hoeverre deze behandeling vergoed wordt. De verpleegkundig specialist zal u verwijzen naar een erkend therapeut op het gebied van lymfoedeem.

Contactgegevens

Mammapolikliniek

De mammapolikliniek is bereikbaar van maandag t/m vrijdag (8:00 – 16:30 uur) op telefoonnummer: 071-526 53 55, ook voor vragen aan de verpleegkundig specialist kunt u dit nummer bellen. 

Het is ook mogelijk om een e-mail te sturen: mammapoli@lumc.nl; dit is een algemeen e-mail adres, ook kunt u de verpleegkundig specialist een e-mail sturen voor reguliere vragen.

In geval van spoedeisende hulp

Buiten kantoortijden kunt u contact opnemen met het Centrum Eerste Hulp via telefoonnummer: 071-526 20 25. 

Website mammapolikliniek

De mammapolikliniek heeft ook een website: www.lumc.nl/mammapoli

Website

www.lymfoedeem.nl

www.nvfl.nl

www.huidtherapeut.nl

Lotgenotencontact

Wanneer u daar behoefte aan heeft kunt u in contact komen met lotgenoten (BVN) of kijk op www.borstkanker.nl