Niertransplantatiepatiënten tevreden met thuis meten van nierfunctie

7 maart 2019• PERSBERICHT

Patiënten die na een niertransplantatie een apparaatje meekregen om thuis hun nierfunctie te meten, waren daar tevreden over. Thuismeten verlaagde ook het aantal polibezoeken, zonder daarbij in te boeten op de kwaliteit van zorg. Dat concludeert psycholoog Céline van Lint in haar proefschrift dat ze op 5 maart 2019 verdedigde.

Het apparaat voor thuismeting lijkt op een glucosemeter.Van Lint startte in 2012 met haar onderzoek waarbij ze 119 niertransplantatiepatiënten willekeurig in twee groepen indeelde. De ene helft kreeg een apparaatje om thuis de nierfunctie (creatinine) te meten, en de andere helft kreeg de standaard zorg. “We zagen dat thuis meten ervoor zorgde dat patiënten minder vaak de polikliniek bezochten, zonder dat dit afbreuk deed aan de kwaliteit van zorg. Dat is fijn, want vooral kort na de transplantatie zijn patiënten nog niet zo fit. Dan is het prettig als je niet hoeft te reizen”, aldus Van Lint.

Grip op behandeling

Niertransplantatiepatiënten zelf waren tevreden met het thuismeetapparaat, dat lijkt op een glucosemeter. Van Lint: “Patiënten zeggen er een veilig gevoel van te krijgen. Ze hebben meer grip op hun eigen gezondheid, omdat ze niet nagelbijtend in de wachtkamer hoeven te zitten in afwachting van de uitslag. Ze zijn meer betrokken bij hun eigen behandeling.”

Thuismeten is, ondanks de goede resultaten nog geen standaard zorg geworden. Van Lint denkt dat dit wel gaat gebeuren. “E-health en thuismetingen zijn sowieso de toekomst, want het aantal chronische patiënten neemt de komende jaren alleen maar toe.” 

Vertrouwen in apparaat

Maar voor die tijd zijn er nog wat drempels te overwinnen. Dat begint bij gebruik van een meter, waar zowel artsen als patiënten achter staan. Van Lint: “Zorgverleners moeten ervanuit kunnen gaan dat de apparaten en de geregistreerde metingen betrouwbaar zijn.” Dat kan bijvoorbeeld door de metingen van het apparaat automatisch door te sturen naar de behandeld arts. “In onze studie moesten patiënten de resultaten zelf invoeren in een softwaresysteem. Gek genoeg zagen we dat de ingevulde gegevens regelmatig afweken van de gemeten waarde. Ik heb hier geen verklaring voor, maar met automatisch doorsturen hebben we dat opgelost”, aldus Van Lint. 

Meer weten? Lees het proefschrift ‘Exploring the potential of self-monitoring kidney function after transplantation’.

Wilt u op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen bij het LUMC?
Abonneer u dan op onze tweewekelijkse nieuwsbrief of neem een abonnement op het LUMC Magazine.