Douwe Atsma
Uit onderzoek blijkt dat patiënten adviezen van artsen zelfs hoger inschatten dan die van diëtisten. “Heel veel dokters zijn zich niet bewust van die enorme invloed”, zegt hij. Dat bewustzijn is precies waar hij op inzet. Want een arts die een leefstijlgesprek voert, doet meer dan een patiënt helpen. Hij helpt niet alleen die ene patiënt, maar geeft mensen iets terug: tijd, energie, minder afhankelijkheid van medicijnen. Want gezondheid is wat zowel de patiënt als de dokter eigenlijk wil. En Douwe vertelt dat het begint met een gesprek van dertig seconden.
Dertig seconden dus. Daarmee doelt de cardioloog op het gesprek over leefstijl dat in de spreekkamer te vaak wordt overgeslagen. Niet uit onwil, maar vaak uit tijdgebrek. Atsma heeft hier een antwoord op gevonden. Met de leefstijlcheck, bestaande uit twaalf vragen, denken patiënten al voor het consult na over hun eigen gewoonten. “Die lijst is eigenlijk voor de patiënt zelf. Ze evalueren hun eigen leefstijl en geven aan waar ze aan willen werken. Als ze dan bij mij binnenkomen, hoef ik alleen maar te reageren.” Dat reageren is gebaseerd op wat hij zelf een magische zin noemt. “Ik vind het heel belangrijk dat u dit gaat doen, want dat is beter voor uw hart.” En gevolgd door de vraag of de patiënt doorverwezen mag worden naar een leefstijlcoach. Een klik in het systeem, en zo’n dertig seconden verder in het gesprek heeft de patiënt de hele reis al afgelegd: van bewustwording naar actie.
Teachable moments
Soms zijn er momenten waarin een patiënt van nature openstaat voor nieuwe informatie. Die momenten noemt de ervaren cardioloog teachable moments. Denk aan een verwijzing naar een specialist, een aanstaande ingreep of het doormaken van een hartinfarct. Op zulke momenten is de patiënt ontvankelijk en dat is waar hij een kans ziet. Want als een patiënt vraagt of er niet wat medicatie af kan, ziet hij geen probleem maar een opening. “Dan zeg ik: dat zou best weleens kunnen, maar wat gaat u daarvoor doen? Prachtige momenten, en wij als dokters moeten leren die momenten te herkennen.” Daarvoor heeft hij twee hulpmiddelen. De leefstijlcheck dus, aan de voorkant van het proces. En het leefstijlroer: een visueel hulpmiddel met zes pijlers van gezond gedrag dat hij samen met de patiënt doorneemt. “Gewoonteverandering is iets kleins veranderen en heel lang volhouden. Richt u op gedrag, niet op uitkomst,” vertelt de energieke Atsma.
‘Gun het alle mensen om zich gezond te voelen’
Dokter, geen personal trainer
Collega's die zeggen dat ze dokter zijn en geen personal trainer, kunnen rekenen op alle begrip van Atsma. “Dat vragen we dan ook zeker niet.” Het gaat er niet om dat artsen oeverloze gesprekken voeren over voeding, beweging of sport. Het gaat erom dat ze hun rol vervullen: het belang benoemen en doorverwijzen. Dertig seconden. Meer is het niet. Al blijven er voorlopig nog wel barrières. Een gesprek over leefstijl wordt nog niet vergoed door de zorgverzekeraar, terwijl dat voor ingrepen en medicatie wel geldt. “Als de Raad van Bestuur zegt: wij staan voor goede interventies en bevordering van gezonde leefstijl, dan gaat dat veel meer rondzingen.”
Maar de richting is duidelijk. Over tien jaar - in 2036 - ziet Atsma een ziekenhuis waar een patiënt bij binnenkomst merkt dat leefstijl serieus genomen wordt: door de posters aan de muur, het aanbod in het restaurant en de vragen bij elk consult. “Dat van elke patiënt bekend is wat zijn leefstijl is, en dat er een leefstijlplan is.” Niet als bijzaak, maar als standaard. Zorg die niet alleen reageert op ziekte, maar investeert in gezondheid. Dertig seconden per consult, vermenigvuldigd met elk gesprek dat een arts in het LUMC voert. Want wie mensen gezond houdt, heeft ook minder behandelingen, medicijnen en ingrepen nodig. “Dat,” zegt Atsma, “is uiteindelijk de meest duurzame keuze die de zorg kan maken.”