WMO-criteria

De beoordeling van onderzoek in de zin van de WMO geschiedt aan de hand van een aantal criteria. Aan deze criteria moet worden voldaan om een positief oordeel te krijgen van de CME.

De criteria voor de beoordeling van een onderzoeksprotocol staan opgesomd in artikel 3 van de WMO.

Regels voor wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen, artikel 3

Een commissie kan slechts een positief oordeel over een onderzoeksprotocol geven, indien:

  1. redelijkerwijs aannemelijk is dat het wetenschappelijk onderzoektot de vaststelling van nieuwe inzichten op het gebied van de geneeskunst zal leiden,
  2. redelijkerwijs aannemelijk is dat de vaststelling, bedoeld onder a, niet door andere vormen of methoden van wetenschappelijk onderzoek dan wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen of door het verrichten van onderzoek van minder ingrijpende aard kan geschieden,
  3. redelijkerwijs aannemelijk is dat het met het onderzoek te dienen belang in evenredige verhouding staat tot de bezwaren en het risico voor de proefpersoon,
  4. het onderzoek voldoet aan de eisen van een juiste methodologie van wetenschappelijk onderzoek,
  5. het onderzoek wordt uitgevoerd door of onder leiding van personen die deskundig zijn op het gebied van wetenschappelijk onderzoek en waarvan er ten minste een deskundig is op het gebied van de verrichtingen die ter uitvoering van het onderzoek ten aanzien van de proefpersoon plaatsvinden,
  6. redelijkerwijs aannemelijk is dat aan de proefpersoon te betalen vergoedingen niet in onevenredige mate van invloed zijn op het geven van toestemming voor deelneming aan het onderzoek,
  7. in het onderzoeksprotocol duidelijk is aangegeven in hoeverre het wetenschappelijk onderzoek aan de betrokken proefpersoon ten goede kan komen,
  8. het onderzoek ook overigens voldoet aan redelijkerwijs daaraan te stellen eisen.

De gehele wettekst vindt u onder wetgeving.