Hyperparathyreoïdie

Behandeling

Hyperparathyreoïdie is goed te behandelen. Wel is het zo dat de behandeling per patiënt erg kan verschillen. Dit hangt samen met de aard van de klachten, het soort hyperparathyreoïdie en de complexiteit van de aandoening. Juist omdat maatwerk zo belangrijk is bij de behandeling, is het goed om te weten dat u bij het LUMC wordt geholpen door een team met uitgebreide ervaring en expertise.

Welke behandelingen zijn er?

Voor iedere vorm van hyperparathyreoïdie bestaan verschillende behandelmogelijkheden. Uw behandelend arts zal deze uitgebreid met u doorspreken. De keuze voor een behandeling nemen we altijd samen met u.

Primaire hyperparathyreoïdie

Bij primaire hyperparathyreoïdie zijn er drie behandelmogelijkheden:

  • Bijschildklieroperatie. Dit is de standaard behandeling bij primaire hyperparathyreoïdie. Tijdens de operatie verwijderen we de overactieve bijschildklier(en). Meestal is het probleem daarmee voorgoed verholpen. Zeker als u nierstenen, osteoporose of een ernstig verstoorde kalkspiegel hebt, gaat de voorkeur uit naar een operatie.
  • Medicijnen. Het kan zijn dat een operatie te riskant voor u is. Of dat u zelf liever geen operatie wilt. In dat geval kunnen we u behandelen met medicijnen die het gehalte bijschildklierhormoon – en daarmee ook de kalkspiegel – verlagen. Het is ook mogelijk dat u bisfosfonaten krijgt toegediend. Deze gaan de botafbraak tegen. U krijgt de middelen toegediend via een infuus of u neemt ze in via tabletten.
  • Afwachten. Primaire hyperparathyreoïdie hoeft niet altijd tot klachten te leiden. Het kan zijn dat u slechts een licht verhoogde kalkspiegel hebt en geen last hebt van nierstenen of osteoporose. Als we in dat geval ook geen overduidelijk vergrote bijschildklier vinden, kan het zijn dat we besluiten af te wachten. U blijft wel onder controle. Dit kan bij het LUMC, maar ook bij uw eigen huisarts. Via deze controles houden we het kalk- en fosfaatgehalte van uw bloed en de activiteit van de bijschildklieren in de gaten. Neemt de activiteit van de bijschildklieren toe, dan kijken we opnieuw naar de behandelmogelijkheden.

Secundaire hyperparathyreoïdie

Bij secundaire hyperparathyreoïdie krijgt u extra vitamine D toegediend. Deze behandeling is vrijwel altijd succesvol. Enkele maanden na de start van de behandeling controleren we of de waardes vitamine D, kalk en fosfaat weer op peil zijn en hoe het staat met de overactiviteit van de bijschildklieren. Ook achterhalen we wat het tekort aan vitamine D veroorzaakt. Dat kan leiden tot leefstijladviezen en een medicijnadvies.

Tertiaire hyperparathyreoïdie

De behandeling van tertiaire hyperparathyreoïdie hangt heel erg af van de wijze waarop de aandoening zich manifesteert. In eerste instantie houden we net als bij secundaire hyperparathyreoïdie een vinger aan de pols tijdens controles. Hebt u nierproblemen of staat u een niertransplantatie te wachten, dan houdt de arts daar ook rekening mee. Mocht u toch klachten krijgen die we niet met medicijnen tegen kunnen gaan, dan kan een operatie noodzakelijk zijn.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

We zullen u voor en na een behandeling zo goed mogelijk begeleiden en voorlichten. Daarnaast is het goed als u zich oriënteert. Bijvoorbeeld als u binnenkort geopereerd wordt. U kunt over hyperparathyreoïdie lezen en erover praten met uw familie en vrienden.

Vragen kunt u altijd stellen in het gesprek met uw behandelaar. Of neem gerust contact op als er thuis opeens vragen boven komen. De polikliniek Interne Geneeskunde/Endocrinologie is bereikbaar via tel. 071 – 526 35 05 (op werkdagen tussen 9.00 en 12.00 uur) of via e-mail: bot@lumc.nl.

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

In het LUMC zoeken we continu naar beter methoden om hyperparathyreoïdie te behandelen. Uw arts vraagt u mogelijk of u mee wilt doen aan een wetenschappelijk onderzoek (clinical trial). U kunt het ook zelf aangeven als u hier in geïnteresseerd bent.