Verwardheid

Deze informatie is opgesteld door de afdeling(en) Ouderengeneeskunde

Uw partner (of familielid) is in ons ziekenhuis opgenomen vanwege ziekte, een ongeval en/of een operatie. Er blijkt sprake te zijn van een plotseling optredende verwardheid. In deze folder leest u meer over de mogelijke oorzaak, de verschijnselen en de behandeling van deze verwardheid. 

Verschijnselen 

Waarschijnlijk heeft u gemerkt dat uw partner (of familielid) niet reageert zoals u verwacht of gewend bent. Degene die u “in normale doen” goed kent, is nu onrustig. U bent misschien geschrokken van de toestand waarin u hem aantrof. Daarom vinden wij het belangrijk u meer te vertellen over dit voor u “vreemde gedrag”. 

Een plotseling optredende verwardheid 

Iemand met een plotseling optredende verwardheid is onrustig, kan moeite hebben anderen te begrijpen of denkt op een andere plaats te zijn. Ook kan de patiënt het besef van tijd kwijt zijn. Daarom is het moeilijk een gesprek te voeren. Deze vorm van verwardheid wordt ook wel een delier genoemd. Een delier is iets anders dan dementie, al kunnen patiënten met een dementie ook een delier krijgen. Acute verwardheid is in de meeste gevallen tijdelijk. 

Als de patiënt lichamelijk weer opknapt, wordt de verwardheid minder. Hoe lang de patiënt verward blijft is afhankelijk van de ernst van de ziekte, de conditie en de leeftijd van de patiënt. Sommige mensen zijn een paar uur verward, anderen blijven enkele dagen tot weken in de war. 

Deze verwardheid is helaas niet altijd te voorkomen. 

Oorzaken 

Acute verwardheid kan verschillende oorzaken hebben, zoals: 

  • Grote operatie(s) 
  • Ziekten aan hart en/of longen 
  • Infecties 
  • Stoornissen in de stofwisseling of hormonen 
  • Neurologische aandoening, zoals een hersenschudding, een beroerte of een epileptische aanval 
  • Hoge koorts 
  • Medicijngebruik (bijvoorbeeld tegen de pijn) 
  • Slaaptekort 
  • Stress en/of angst 
  • Veranderde omgevingsfactoren 
  • Verslavingen (alcohol, roken), met name acute onttrekking bij eerder fors gebruik 
  • Leeftijd hoger dan 70 jaar 

Verschijnselen 

Bij acute verwardheid kunnen zich één of meer van de volgende verschijnselen voordoen: 

  • Moeilijk contact kunnen maken en onderhouden. Iemand met een plotseling optredende verwardheid is niet zo helder als normaal. Het lijkt alsof de dingen langs hem heen gaan in een soort dromerigheid; 
  • Vergeetachtigheid. Het geheugen kan iemand in de steek laten. Dit betreft met name de dingen die kort geleden gebeurd/verteld zijn; 
  • Angstig zijn, agressief gedrag of achterdocht vertonen. Dit gedrag kan ontstaan doordat iemand niet meer goed weet waar hij/zij is en niet meer “bij de tijd” is. Hij/zij heeft geen vat op zichzelf en de omgeving. Iemand kan zich juist ook stilletjes terugtrekken; 
  • Onrust, plukken aan de lakens, steeds uit bed willen stappen; 
  • Geen tijdsbesef hebben en dag en nacht door elkaar halen; 
  • Dingen zien die er niet zijn (visuele hallucinaties; reuk-, gevoel-, smaak- of gehoorhallucinaties komen echter ook voor). 

Behandeling van delier 

De arts zal proberen zo snel mogelijk de oorzaak van de verwardheid vast te stellen en deze te behandelen. Behandeling met specifieke medicijnen kan de verschijnselen verminderen en is belangrijk voor het herstel. Zo nodig wordt een andere specialist (internist-ouderengeneeskunde of psychiater) om advies gevraagd. 

Het kan voorkomen dat uw partner erg onrustig is en dat het daarom voor zijn veiligheid noodzakelijk is hem vast te maken (fixeren). Dit wordt zo lang mogelijk uitgesteld, maar voorkomen moet worden dat patiënt uit bed valt of bijv. het infuus lostrekt. Het vastmaken gebeurt in principe altijd in overleg met u. Het kan voorkomen dat het noodgedwongen gebeurt voordat er met u overlegd is. Het gesprek hierover zal dan zo snel mogelijk daarna met u plaatsvinden. 

De noodzaak van het vastmaken wordt dagelijks beoordeeld door de verpleegkundige en de zaalarts en uiteraard wordt u hierbij betrokken. 

Wat kunt u doen?   

De aanwezigheid van een vertrouwd persoon kan de patiënt rustiger maken. U kunt daarom gevraagd worden bij bepaalde handelingen van de arts of verpleegkundige aanwezig te zijn. 

Hieronder nog een aantal tips om ervoor te zorgen dat de patiënt rustiger wordt. 

  • Bezoek is erg belangrijk, maar teveel personen, of een te lange bezoektijd in één keer, werkt vermoeiend en verwarrend; 
  • Komt u met (maximaal) 2 personen op bezoek? Ga aan één kant van het bed zitten of de stoel zitten, zodat patiënt zich op één punt kan richten; 
  • Vertel aan de patiënt wie u bent, waarom u komt en herhaal dit zo nodig; 
  • Vertel de patiënt (indien mogelijk) dat hij/zij ziek is en in het ziekenhuis ligt; 
  • Spreek rustig en in korte, duidelijke zinnen. Stel eenvoudige vragen, bijvoorbeeld “Heeft u lekker geslapen?” in plaats van “Heeft u lekker geslapen of bent u steeds wakker geweest?”;  
  • Let erop dat patiënt zo nodig zijn bril en/of gehoorapparaat gebruikt; 
  • Het is beter voor de patiënt dat u niet meegaat in de dingen die de patiënt denkt te zien of te horen, probeer niet tegen te spreken, maak wel duidelijk dat uw waarneming anders is; 
  • Praat over bestaande personen en echte gebeurtenissen; 
  • Probeer patiënt te betrekken bij het hier en nu door de (regionale of buurt) krant mee te nemen en er stukjes uit voor te lezen; 
  • Een vertrouwde omgeving creëren kan ondersteunend werken, denk hierbij aan foto’s, een bedlampje op het nachtkastje dat ’s nachts brandt, een eigen kussen etc.; 
  • Plaats eventueel een goed zichtbare klok of wekker met verlichte cijfers in de buurt, zodat uw partner op elk moment van de dag kan zien hoe laat het is; 
  • Geef aan wat de patiënt graag eet of gewend is te eten. Ook tijdens de maaltijden kan het fijn zijn als u aanwezig bent omdat de ervaring leert dat de verwarde patiënt positief reageert op een bekende en in gezelschap (mogelijk) beter eet. Een goede voedingstoestand is erg belangrijk, zeker ook in het ziekenhuis; 
  • Vertel duidelijk dat u weggaat en dat u op een volgend moment weer terugkomt. 

Tot slot 

Heeft u na het lezen van deze folder vragen dan kunt u altijd contact opnemen met de verpleegkundige die voor uw partner (familielid) zorgt. 

Oktober 2017