Slokdarmkanker - buismaag operatie

This information is provided by Heelkunde; Oncologie

Deze patiënteninformatiefolder is bedoeld om een duidelijke uitleg te geven aan degene die de buismaagoperatie zal ondergaan. De folder vertelt u over de ingreep en het opnameverloop van de buismaagoperatie zoals deze wordt uitgevoerd in het LUMC. Voordat u de folder doorleest is het belangrijk om te weten dat niet iedere opname rondom de buismaagoperatie hetzelfde verloopt. Hierover leest u meer als het gaat over ‘mogelijke complicaties’. In deze folder leest u regelmatig het woord buismaagoperatie. Deze term wordt vaak gebruikt in plaats van de daadwerkelijke naam: oesofagusresectie (betekent: verwijderen van slokdarm) + buismaagreconstructie. Naast de informatie die u als patiënt al van verschillende disciplines heeft gekregen, wordt in deze folder alles nog eens op een rijtje gezet. Ook wordt hierin verteld over de opnamedag op de verpleegafdeling, het verblijf op de PACU-afdeling (wordt later uitgelegd) en de herstelperiode op de afdeling na de operatie.

Wanneer wordt een buismaagoperatie uitgevoerd?

Als de diagnose slokdarmkanker bij u is gesteld zijn er verschillende behandelingen mogelijk.

Afhankelijk van de grootte en de plaats van de tumor kan deze operatief worden verwijderd of alleen worden bestraald. Van de patiëntengroep die met slokdarmkanker komt 25-30 procent in aanmerking voor de operatie.

De operatie

Wanneer u wordt geopereerd, wordt de slokdarmtumor verwijderd. Omdat het niet mogelijk is om alleen de tumor weg te halen, moet de hele slokdarm en de overgang van de slokdarm naar de maag worden weggehaald. Van de maag die overblijft wordt door de chirurg een soort buis gemaakt die als slokdarm gaat fungeren. Hier komt de naam Buismaag vandaan.

In het kort: Bij een buismaagoperatie wordt de slokdarm verwijderd en een nieuwe slokdarm gemaakt door de buitenbocht van de maag te gebruiken als slokdarm.

Voor het begin van de operatie krijgt u een ruggenprik, waarna een slangetje wordt achtergelaten voor de pijnstilling. Als u de anesthesie (narcose) heeft gekregen zal de chirurg de operatie beginnen. De slokdarm wordt eerst losgemaakt van alle andere organen. Als dit is gebeurd, wordt bovenin de hals een opening gemaakt en de slokdarm losgemaakt.

Vervolgens wordt de oude slokdarm met de tumor verwijderd en wordt van de buitenbocht van de maag een nieuwe slokdarm gemaakt. Als deze bovenin is vastgehecht, wordt een voedingssonde ingebracht bovenin de dunne darm (jejunum) en vervolgens worden de buik en de hals dichtgehecht.

vooraf

    na

Dag van opname

Op de dag vóór de operatie komt een aantal medewerkers van de afdeling bij u langs om informatie te geven en informatie te verkrijgen. Als u nog niet eerder bent geweest voor het opnamegesprek, wordt dat deze dag gedaan. Bij het opnamegesprek voert de verpleegkundige, eventueel met uw partner of familie erbij, een verpleegkundig opnamegesprek waarin onder andere aan de orde komen:

  • De voorbereiding voor de operatie;
  • Het nuchter zijn (niet meer eten en drinken) voor de operatie;
  • Controles, pijnscore en vochtbalans;
  • Fysiotherapie oefeningen;
  • Het verblijf op de PACU na de operatie;
  • Het tijdstip waarop de contactpersoon informatie ontvangt na de operatie;
  • Inventarisatie van de thuissituatie in verband met mogelijke thuiszorg na uw opname.

De co-assistent voert deze dag met u een medisch opnamegesprek en doet een algemeen lichamelijk onderzoek. Een medewerker van de prikdienst komt bloed bij u afnemen.
In de loop van de dag komt de chirurg nog bij u langs op de afdeling om de operatie nogmaals met u te bespreken en eventuele vragen van u te beantwoorden.

Verblijf op PACU

Na de operatie zal u niet direct terugkeren op de afdeling. Vanwege de lange operatie ligt u nog tot de volgende dag op de PACU. Dit is een  afdeling waar intensieve zorg en bewaking mogelijk is (zie folder: ‘het verblijf op de PACU’).

Dag van operatie

’s Morgens wordt u gewekt door de verpleegkundige. De verpleegkundige zal bij u de controles doen en u mag de door de arts voorgeschreven medicatie innemen met een slokje water. Vervolgens kunt u gaan douchen. Mogelijk krijgt u ook premedicatie, een medicijn waar u slaperig van wordt en wat de spanning iets wegneemt. Hierna gaat u naar de holding, de afdeling waar de voorbereidingen voor de operatie worden uitgevoerd, zoals het meten van de bloeddruk en het inbrengen van een infuus. Vanuit deze afdeling gaat u naar de operatiekamer, waar u onder algehele anesthesie gebracht wordt door een anesthesist. Deze vorm van anesthesie is met u besproken op de anesthesiepoli net als de manier van pijnbestrijding.

Na de operatie gaat u waarschijnlijk naar de PACU waar u één nacht blijft. De operatie duurt zo’n 4 á 5 uur.

Na de operatie

Als u na de operatie wakker wordt op de PACU-afdeling, voelt en ziet u een aantal slangen en infusen. Hieronder een aantal slangen die u kunt verwachten.

  • Maagsonde: een slang door de neus naar uw maag voor het afvoeren van maag- en darmsappen. Deze blijft minimaal 7 dagen zitten om de buismaag te beschermen tegen maagsappen en zo de genezing te bevorderen.
  • Infuus in uw arm en in uw hals voor toediening van vocht en medicijnen. Deze worden na enkele dagen verwijderd in overleg met de zaalarts.
  • Blaaskatheter voor de afvoer van urine. Omdat u veel vocht toegediend krijgt tijdens de operatie, wordt de urineproductie de eerste dagen nauwkeurig gemeten.  Na enkele dagen wordt de blaaskatheter verwijderd
  • Zuurstofslangetje in de neus. De eerste dag (en) krijgt u als ondersteuning wat zuurstof totdat uw longen weer voldoende zijn hersteld na de operatie.
  • 1 of meer  drains in het wondgebied voor het wegvloeien van wondvocht. Deze zal afhankelijk van de productie na enkele dagen worden verwijderd in overleg met de zaalarts.
  • Pijnpomp die u zelf kunt bedienen. Deze pijnpomp zit aangesloten op het slangetje in uw rug die u voor de operatie heeft gekregen.

Afhankelijk van uw pijnscore wordt dit slangetje in de rug na 2 of 3 dagen verwijderd.

  • Voedingsjejunostomie: een slangetje die links in de buik zit waardoor u sondevoeding krijgt toegediend.

Mogelijke complicaties na de operatie

Elke ingreep heeft een kans op complicaties. Ook de buismaagoperatie kent de normale risico's van een operatie bijvoorbeeld wondinfectie, trombose, longontsteking en nabloeding. De buismaag kent ook nog enkele specifieke, mogelijke complicaties:

  • Naadlekkage: de operatienaad moet rust krijgen om te genezen, soms verloopt dit niet vlot genoeg en kan er lekkage optreden.
  • Miltruptuur: de milt ligt pal naast de maag en kan worden geraakt of beschadigd. Soms moet de hele  milt worden verwijderd na beschadiging.

Jejunostomiesonde en voeding

Na de operatie moet de operatienaad van de slokdarm kans krijgen te genezen. Daarom mag u gedurende 7 dagen niet eten en drinken. Om u goed te kunnen voeden is een sonde/slang in de dunne darm achtergelaten. Hierdoor wordt u gedurende deze 7 dagen gevoed. Na 7 dagen wordt een slikfoto gemaakt op de röntgenafdeling om te zien of er naadlekkage is te zien. Als er geen lekkage te zien is, krijgt u van de chirurg te horen dat u weer mag eten.. Het is raadzaam om het eten weer rustig op te bouwen. Daarom is het verstandig om dit in overleg met de diëtist.

Omdat u na de operatie in principe geen maag meer heeft, kunt u beduidend minder eten tegelijk nuttigen. U zult moeten wennen aan kleinere porties eten. Omdat uw lichaam voldoende voedingsstoffen nodig heeft dient u zo’n 6 tot 8 maal per dag te eten. De diëtiste zal hierover uitgebreid informatie verstrekken.

Ontslag:

Als alles goed verloopt en er geen complicaties optreden, blijft u ongeveer 10 tot 12 dagen in het ziekenhuis. Als de ontslagdatum bekend is, dan zal in overleg met u gekeken worden of u hulp in de thuissituatie nodig heeft. Mocht dit het geval zijn, dan zal dit in overleg met u geregeld worden. Als het zover is en u gaat met ontslag, dan krijgt u het volgende mee:

  • Leefregels, adviezen met betrekking tot onder andere werkhervatting, en wondzorg;
  • Voedingsadviezen van de diëtist;
  • Poliafspraak voor de chirurgen en diëtist;
  • Eventueel recepten voor medicatie;
  • Materialen om thuis de jejunumsonde door te spuiten.

Overig

Belangrijke mededelingen voor tijdens de opname:

  • U gaat met de jejunumsonde naar huis, deze gaat u zelf (4 maal per dag) leren doorspuiten tijdens uw verblijf in het ziekenhuis.
  • De fysiotherapeut begeleidt u gedurende de opname met ademhalingsoefeningen en mobiliseren.
  • Voor het goed kunnen mobiliseren, zijn ruime/stevige schoenen belangrijk.
  • Om de longen goed te kunnen ontplooien krijgt u van de fysiotherapeut naast de ademhalingsoefeningen een hulpapparaat voor de longen. 

Tot slot

Hopelijk bent u voldoende geïnformeerd over de buismaagoperatie.
Heeft u nog vragen? Deze kunt u altijd stellen aan een verpleegkundige op de afdeling

September 2009
100/1