Botbreuk van bovenarm of sleutelbeen bij pasgeborenen

Deze informatie is opgesteld door de afdeling(en) Willem-alexander kinderziekenhuis

Tijdens de bevalling heeft uw kind een botbreuk (fractuur) van het sleutelbeen en / of bovenarm opgelopen. Deze breuken kunnen de eerste 2 tot 3 weken pijnlijk zijn en genezen zonder spalk of gipsverband. Na 3 weken is meestal de botbreuk genezen (consolidatie) en is de pijn verdwenen.

Bij het vasthouden en verzorgen van uw kind is het belangrijk pijn te voorkomen.

Net als andere pasgeboren kinderen maakt uw kind onverwachte bewegingen. Deze bewegingen kunnen voor uw kind pijnlijk zijn. Door de arm zoveel mogelijk tegen het lichaam van uw kind te houden voorkomt u dit.

Adviezen bij botbreuken

Voor beide botbreuken gelden de eerste 3 weken de volgende adviezen voor uw kind.

Pijn en bewegen

  • bij veel pijn is het beter de arm onder het rompertje te dragen of het mouwtje van deze arm met een speld of pleister aan de kleding te bevestigen.
  • de arm met breuk niet meer dan 90 graden heffen (arm niet hoger dan de neus brengen).
  • de arm mag iets opzij worden gebracht voor het verzorgen van de oksel (smetplekken!).
  • niet aan de armen trekken bij optillen of bij kleding aantrekken.
  • bewegingen die pijn veroorzaken proberen aan te passen of proberen te vermijden. Zijwaartse beweging en opwaartse beweging zijn vaak pijnlijk.
  • optillen van uw kind is het minst pijnlijk vanaf de kant waar de breuk zich niet bevindt.
  • als uw kind in een doek wordt opgetild kan de arm niet “vallen”.

Houding

  • niet op de zijde leggen waar de botbreuk zich bevindt.
  • niet op de buik leggen.

Aan-  en uitkleden

  • kies kleding die gemakkelijk aan- en uitgetrokken kan worden (omslaghemdje i.p.v. rompertje).
  • voor het aankleden doet u eerst de kleding aan de arm met breuk en daarna de andere arm.
  • voor het uitkleden doet u eerst de kleding aan de arm zonder breuk uit en daarna de arm met breuk.
  • zorg ervoor dat de aangedane arm geen abnormale bewegingen maakt.

Verzorgen en vasthouden van uw kind

Bij het optillen en in bad doen is het handig om de arm zoveel mogelijk tegen het lichaam aan te houden (zie plaatje). Hierdoor wordt voorkomen dat de arm plotseling valt.

Vasthouden baby tegen de schouder

Vasthouden baby op de arm

Rechterarm van kind wordt vastgehouden zodat deze niet kan vallen.

Tot slot

Als uw kind geen pijn meer heeft zijn bovenstaande adviezen niet meer van toepassing. Dit kan al na 1 of 2 weken het geval zijn.
De breuk is genezen en de arm moet vrij kunnen bewegen zodat deze niet stijf gaat worden in zijn gewrichten.

Na 3 weken mag de arm niet meer vastgemaakt worden of onder een rompertje worden gestopt.

Soms is er naast de breuk ook nog sprake van zenuwletsel van de arm. Dit is vaker het geval bij sleutelbeenbreuken dan bij bovenarmbreuken.
Pas als de botbreuk genezen is, kan beoordeeld worden of er ook nog sprake is van zenuwletsel.

Ontslag

Kinderen met een bovenarmbreuk krijgen 1 week na de geboorte een afspraak op de polikliniek orthopedie. Naast het beoordelen van de botbreuk zal de orthopeed ook zenuwletsel kunnen uitsluiten.
Mocht er zenuwletsel zijn dan wordt er een afspraak gemaakt binnen 4 weken na de geboorte bij het zenuwcentrum.

Kinderen met een sleutelbeenbreuk hebben geen afspraak op de polikliniek orthopedie nodig en krijgen een afspraak bij het zenuwcentrum 4 weken na de geboorte.

Mocht u na het lezen van dit formulier nog vragen hebben dan kunt u naar de afdeling bellen waar uw kind was opgenomen.

Voor een kinderfysiotherapeutische vraag kunt u de Dienst Fysiotherapie bellen (071-5263457, van 8.30 tot 17.00 uur) die u vervolgens in contact brengt met één van de kinderfysiotherapeuten.

Januari 2014