Vroeg eerste hapje gluten kan coeliakie niet voorkomen

15 december 2016• PERSBERICHT

Kun je coeliakie (gluten-intolerantie) voorkomen door baby’s al op jonge leeftijd gluten te geven? Lang werd gedacht van wel. Onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) toonden aan dat dit advies niet wetenschappelijk onderbouwd kan worden. Sabine Vriezinga promoveerde 7 december cum laude aan het LUMC op haar proefschrift over onder meer dit onderzoek.

Geleidelijk starten met de inname van kleine hoeveelheden gluten vóór de leeftijd van 6 maanden en het liefste gedurende de periode waarin borstvoeding wordt gegeven, zou je baby beschermen tegen coeliakie. Zweeds onderzoek was een belangrijke basis voor dit advies. Maar dat onderzoek was nooit bevestigd in een onderzoek waarbij je twee groepen met elkaar vergelijkt, vertelt Sabine Vriezinga. “Dat doet onze studie wel. Wij hebben in Europees verband 944 kinderen gevolgd. Deze grote studie wordt gecoördineerd vanuit het LUMC, door mijn copromotor Dr. Luisa Mearin.”

Gluten en borstvoeding

De deelnemende kinderen zijn erfelijk belast, waardoor ze een grotere kans hebben op coeliakie. Ook zit in hun familie tenminste één eerstegraads lid met de ziekte. Tijdens de leeftijd van 4 tot 6 maanden kregen de kinderen dagelijks gluten, of een placebo. Drie jaar lang werden vervolgens op vaste momenten de groei en gezondheid van de kinderen in beeld gebracht, en werd hun bloed geanalyseerd. Ook of en hoe lang de kinderen borstvoeding kregen werd vastgelegd. 

Richtlijnen aangepast

En wat bleek? Vriezinga: “We zagen dat coeliakie al heel jong ontstaat, en dat meisjes en kinderen die zowel vanuit hun vader als van hun moeder erfelijk zijn belast een duidelijk hoger risico hadden op coeliakie. Maar: zowel de leeftijd van glutenintroductie als het krijgen van borstvoeding had geen effect op het wel of niet ontwikkelen van coeliakie op 3-jarige leeftijd. Een verbazingwekkend resultaat, dat sindsdien ook door andere studies is bevestigd. De Europese richtlijnen op het gebied van glutenintroductie zijn inmiddels aangepast.”

Consult

Vriezinga onderzocht nog meer. “We hebben ook gekeken naar manieren om de zorg voor kinderen en jongvolwassenen met coeliakie te verbeteren. Bijvoorbeeld door het vervangen van het jaarlijkse consult door een online consult.” EHealth is in opkomst, en wordt al ingezet bij andere afdelingen. 

Het kan grote voordelen hebben. Patiënten die thuis ‘op consult’ gaan ervaren vaak meer controle over hun eigen gezondheid. En het bespaart tijd en geld. “We hebben een online consult ontwikkeld genaamd CoelKids, en dat vergeleken met het traditionele poliklinische consult. Bij het online consult moesten patiënten thuis zelf lengte en gewicht meten, bloed afnemen met een vingerprik en vragenlijsten invullen. Een half jaar na het consult gaven de patiënten uit de thuisgroep aan dat ze het minder vervelend vonden om over hun ziekte te praten, en hadden ze een betere kwaliteit van leven.” 

Blijven volgen

Hoopvolle resultaten, die nog om verder onderzoek vragen, aldus Vriezinga. “We willen het online consult graag op de coeliakie-poli van het LUMC gaan gebruiken en onderzoeken nu hoe we dat gaan aanpakken. En de groep van 944 kinderen willen we nauwgezet blijven volgen. Van hen kunnen we nog heel veel leren over het ontstaan en verloop van coeliakie. De groep is op zoek naar financiële middelen om het voortzetten van deze belangrijke studie mogelijk te maken.”

Het proefschrift van Sabine Vriezinga, Coeliac disease. Prevention and improvement of care, is online te lezen. Haar promotor is Prof. E.H.H.M. Rings, en haar co-promotor is Dr. M.L. Mearin (beiden kinder-MDL arts, LUMC). 

Wilt u op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen bij het LUMC?
Abonneer u dan op onze tweewekelijkse nieuwsbrief of neem een abonnement op het LUMC Magazine.