'Elk medicijn minder is mooi meegenomen'

Kan het afbouwen van bloeddrukverlagende medicijnen bijdragen tot een betere kwaliteit van leven en minder onbegrepen gedrag? Dit onderzoekt een team binnen het UNC-ZH in de DANTON-studie. Al meerdere zorginstellingen in ons netwerk zijn enthousiast over dit onderzoek.

Het verminderen van medicijnen spreekt in het algemeen erg aan bij zorgprofessionals. Vaak slikken cliënten al jaren deze medicijnen. Bij het afbouwen van de bloeddrukverlagende medicijnen tijdens dit onderzoek nemen zorgprofessionals al vaak waar dat mindering of stoppen geen kwaad kan. Zo loopt de DANTON-studie bij zorgorganisatie ActiVite voorspoedig. Verpleegkundig specialist Ingrid Verzijl en verpleegkundige Carla Weerdenburg vertellen hier over hun bijdrage aan het onderzoek.

Kritische blik op medicijngebruik

Ingrid: ‘Het mooie was dat ik dit onderzoek naar verminderen bloeddrukverlagende medicijnen al via LinkedIn was tegengekomen, dat ik al vroeg geïnformeerd heb naar de mogelijkheden om met onze instelling deel te nemen. Het was toen nog te vroeg in het onderzoeksstadium, maar uiteindelijk kwam het verzoek voor deelname via het bestuur alsnog binnen. De beslissing was toen natuurlijk snel genomen.’

Zij vervolgt: ‘Binnen de medische dienst wordt het ook als een heel leuk en praktisch onderzoek gezien: je kijkt weer eens kritisch naar de medicijnen. Dit doe je normaal ook, maar nu met begeleiding van onder andere een cardioloog op de achtergrond, is dat prettiger; je hebt laagdrempelig overleg, en je bouwt de medicatie af volgens een afgesproken schema.’

Aan de slag in de praktijk

Ingrid: ‘Voor de tussentijdse metingen heb ik Carla gevraagd, zij is ook heel onderzoeksminded, die bijt zich daarin vast. Onderzoeker Jonathan Bogaerts wilde graag alle zorgteams informeren, maar dat is lastig bij kleinschalig wonen. Hier hebben we uiteindelijk een andere oplossing voor gevonden. De samenwerking met Inge Mooyekind en Brenda Schakenbos van het onderzoeksteam van het LUMC verloopt ook heel prettig en soepel.’

Carla: ‘Bij de start kreeg het team een duidelijke uitleg door onderzoeker Jonathan Bogaerts, het was duidelijk wat we moesten doen. Ik heb samen met collega’s de bloeddrukmetingen op de gevraagde momenten gedaan. Het belangrijkste is om het niet te vergeten en zo nodig er bij collega’s achteraan te gaan. Dit ging eigenlijk altijd zonder problemen. Zelf heb ik het meeste werk gehad aan het verzamelen van de gegevens uit alle dossiers, hier moet je gewoon even tijd voor vrij maken. Het meewerken aan het onderzoek heeft voor mij niet veel extra werk gegeven en was goed te combineren met mijn reguliere werk.’

‘De bewoners merken er niet veel van’, aldus Carla, ‘zij ondergaan de metingen als normaal. Het is niet zo anders dan het normale werk. Er was een cliënt die het eerst helemaal niks vond, maar ook dat is goed gekomen.’  

Meewerken aan onderzoek is leuk en levert wat op

‘Ik vind het altijd leuk om mee te werken aan onderzoek naast mijn gewone werk,’ vertelt Carla. ‘Je wilt toch de beste zorg geven. Ik ben heel benieuwd wat er uit dit onderzoek komt, of we inderdaad bloeddrukverlagende medicijnen kunnen minderen. Elk medicijn dat minder gegeven wordt is mooi meegenomen.’

Ingrid: ‘Het levert ook direct wat op: met minder medicatie gaat de bloeddruk weer omhoog. De invloed op het gedrag is nu nog niet bekend, dat moet blijken uit de onderzoeksresultaten, maar je weet al dat het goed is voor de hersen- en nierdoorbloeding. Ook de familie hierin meenemen gaat makkelijk, al vinden ze het soms spannend. Maar dan is de goede begeleiding ook voor hen een voordeel.’

‘We zijn zelfs zo enthousiast dat ik het jammer vind dat we het niet gelijk kunnen toepassen bij de controlegroepen,’ vindt Ingrid, ‘natuurlijk passen we de medicatie wel aan als dat echt nodig is, verder zullen we de onderzoeksresultaten afwachten. We hebben wel een tweede groep deelnemers kunnen regelen, dus in totaal doen nu ruim veertig cliënten van ons mee aan dit onderzoek.’

‘Voor mijn werk vind ik het belangrijk om mee te doen aan onderzoek om meer kennis te vergaren en betere zorg te kunnen geven. Ik vind het ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid die je als zorgprofessional hebt. En het is daarnaast gewoon leuk om te doen.’