SIAS studie

De SIAS studie staat voor Sensitive Imaging in Ankylosing Spondylitis studie. De ziekte van Bechterew is een ziekte die gekarakteriseerd wordt door chronische ontstekingen in de wervelkolom. Deze ontstekingen leiden tot vorming van syndesmofyten, benige uitsteeksels aan de hoeken van wervels die uiteindelijk kunnen uitmonden in een volledig benige overbrugging tussen de wervels. Syndesmofytvorming is reeds zichtbaar op een röntgenfoto na 1 jaar, maar een termijn van twee jaar wordt geadviseerd om voldoende verandering aan te kunnen tonen. Magnetic resonance imaging (MRI) kan ontsteking reeds in een vroeg stadium aantonen.

De algemene veronderstelling is dat ontsteking leidt tot botnieuwvorming. Echter, de gegevens die momenteel voorhanden zijn ondersteunen deze theorie slechts ten dele. Er kon geen verband aangetoond worden tussen de mate van ontsteking in de wervelkolom en het aantal nieuwe syndesmofyten. Gedetailleerde analyses van ontsteking in een wervel en syndesmofytvorming in dezelfde wervel toonden aan dat er inderdaad iets meer syndesmofyten in wervels met ontsteking dan in wervels zonder ontsteking gevormd werden. Het grootste aantal syndesmofyten werd echter gevormd in wervels zonder ontsteking gedurende een periode van twee jaar. Recente gegevens wijzen erop dat vooral vetinfiltratie een voorspellende waarde kan hebben.. Een van de hypothese is dat zolang er ontsteking is dat er dan geen syndesmofyten kunnen ontstaan, maar dat als de ontsteking verdwijnt en vervangen wordt door vet dat er dan syndesmofyten ontstaan. Terwijl als de ontsteking verdwijnt zonder vetinfiltratie, dat er dan geen syndesmofyten ontstaan. Een hypothese die er op gericht is om te verklaren dat de meeste syndesmofyten ontstaan op die plekken waar geen ontsteking te zien is, is dat de beeldvormende technieken mogelijk niet alle ontsteking ontdekken. Daarnaast is gebleken dat anti-TNF middelen zeer goed in staat zijn om ontsteking gezien op MRI te onderdrukken, maar dat zij de vorming van syndesmofyten niet remmen.

Doelen
Het bestuderen van de relatie tussen ontsteking waargenomen op MRI en syndesmofytvorming met zeer gevoelige beeldvormingstechnieken: röntgen, CT, MRI (3 en 7 Tesla). Het onderzoeken van de tijdsvolgorde van pathologische veranderingen als ontsteking, vetinfiltratie, erosie en syndesmofytvorming. Het beoordelen van de overeenkomst tussen 3 en 7 Tesla aangaande ontsteking. Het beoordelen van de overeenkomst tussen CT en röntgen van de cervicale en lumbale wervelkolom aangaande de detectie van structurele veranderingen. Het onderzoeken of de thoracale wervelkolom andere (aanvullende) informatie verschaft vergeleken met de cervicale en lumbale wervelkolom.

Methoden
In een prospectief follow-up onderzoek zullen 30 patiënten met de ziekte van Bechterew deelnemen, die voldoen aan de ‘Modified New York’ criteria en tenminste 1 syndesmofyt in de cervicale of lumbale wervelkolom op baseline niveau hebben. Patiënten worden verwezen via de polikliniek Reumatologie van het LUMC en zullen zowel poliklinisch als radiologisch onderzoek ondergaan. Deze 30 patiënten zullen gedurende twee jaar gevolgd worden met jaarlijkse (MRI) en twee-jaarlijkse (röntgen, CT) opnames van de gehele wervelkolom.

Verwachte resultaten
De resultaten van dit onderzoek zullen duidelijkheid verschaffen over hoe de behandeling van patiënten met de ziekte van Bechterew aangepakt moet worden om syndesmofytvorming te voorkomen: hetzij door betere onderdrukking van de ontsteking of het eerder instellen van therapie, hetzij door andere aangrijpingspunten die rechtstreeks met botvorming te maken hebben.