Bijwerkingen Radiotherapie

In de loop van de bestralingsserie kunnen bijwerkingen optreden. Sommige mensen hebben veel last van bijwerkingen, anderen merken weinig. De reacties van het lichaam op de bestraling zeggen niets over het effect van de behandeling.

De bijwerkingen hangen samen met het gebied dat bestraald wordt. Maar er zijn ook een aantal algemene reacties die op kunnen treden, zoals vermoeidheid, meer behoefte aan slaap en minder eetlust. De meeste bijwerkingen verdwijnen enkele weken na de laatste bestraling.

  • Vermoeidheid
  • Verminderde eetlust
  • Haaruitval
  • Slikklachten
  • Buikklachten
  • Psychosociale gevolgen
  • Huidreactie
    -  Huidverzorging

Vermoeidheid

Vermoeidheid komt vaak voor bij patiënten die bestraald worden. Uw lichaam verbruikt extra energie voor het herstel van gezond weefsel en het opruimen van dode kankercellen. Daarnaast kan het heen en weer reizen naar onze afdeling, maar ook de spanningen rondom de ziekte en de behandeling, een flinke belasting voor u zijn.

Probeer zoveel mogelijk ontspanning te zoeken en dingen te doen die u prettig vindt. Als u zich moe voelt, probeer dan inspanningen te vermijden en extra rust te nemen.
De vermoeidheid kan enige tijd na de behandeling weer verdwijnen maar kan ook nog geruime tijd aanhouden, dit verschilt per persoon.

Verminderde eetlust

Door de bestraling kan u te maken krijgen met verminderde eetlust. Voor het herstel van uw lichaam is het echter van belang dat u toch goed en gevarieerd blijft eten. Het kan een oplossing zijn om vaker kleinere hoeveelheden te nemen. U krijgt een boekje met voedingsadviezen wanneer u met de bestraling start. Eventueel kunnen we een diëtiste voor u inschakelen. Ook voldoende drinken is belangrijk, liefst zo'n 2 liter per dag. De afvalstoffen, die zijn ontstaan ten gevolge van de bestraling, kunnen dan beter afgevoerd worden. Na de behandeling zal de eetlust geleidelijk weer toenemen.

Haaruitval

Als u bestraald wordt op een plaats met haargroei, dus op het behaarde hoofd, oksel of schaamstreek, kan het haar ter plaatse uit gaan vallen. De mate van haaruitval is afhankelijk van de dosis die u krijgt en de grootte van het bestralingsgebied. Haaruitval treedt meestal op na enkele weken. De haargroei kan pas na enkele maanden weer op gang komen maar soms komt het haar niet meer terug, afhankelijk van de toegediende dosis. Als door de bestraling haaruitval verwacht wordt, kunt u al aan het begin van de behandeling een haarstukje of pruik laten aanmeten. Met een machtiging van de arts zal uw ziektenkostenverzekering de kosten voor een deel vergoeden.

Slikklachten

Bij bestraling van de mond, keel of slokdarm kunnen slikklachten ontstaan. De slijmvliezen zijn erg gevoelig voor straling en kunnen wat beschadigd raken waardoor pijnklachten ontstaan bij met name het eten en drinken. Ook kan smaakverandering optreden of zelfs verlies van de smaak. Als de speekselklieren mee bestraald worden, kunt u last krijgen van een droge mond en taai slijm in de keel. Een goede mondverzorging is belangrijk in deze periode. Als het nodig is schakelen we de mondhygiëniste en/of de diëtiste voor u in.

Buikklachten

Bij bestraling op de buik kunt u last krijgen van diarree of darmkrampen indien de darmen gedeeltelijk in het bestralingsgebied liggen. Ligt de blaas in het bestralingsgebied dan zult u sneller aandrang hebben en dus vaker moeten plassen. Tevens kunt u bij het plassen last hebben van een branderig gevoel. Het is erg belangrijk om goed te blijven drinken.

Mochten deze klachten in hevigheid toenemen, meld het dan aan de laboranten, radiotherapeut-oncoloog of verpleegkundigen. U kunt medicijnen krijgen die deze klachten weer wat doen afnemen en adviezen over uw voeding in deze periode.

Psychosociale gevolgen

Door de ziekte en de behandeling hiervan maakt u waarschijnlijk een moeilijke periode door. Angst, ongerustheid, verdriet, hoop en het verwerken van deze hele situatie. Ook als u na de behandeling uw dagelijkse bezigheden weer op wilt pakken, gaat dat niet altijd even gemakkelijk. Het is voor veel mensen vaak moeilijk om over hun problemen en zorgen te praten, hoewel dat veel opluchting kan geven. Soms willen mensen hun partner, familie of vrienden niet belasten. Natuurlijk kunt u altijd bij de radiotherapeutisch laboranten terecht, zij zijn immers voor u het eerste aanspreekpunt en u ziet ze dagelijks. Ook kunt u uw problemen bespreken met de radiotherapeut-oncoloog of verpleegkundige. Als u dat wilt, kunnen we een afspraak voor u maken met een maatschappelijk werker die aan de afdeling verbonden is.

Bestraling op zich heeft geen invloed op de seksualiteit. Wel kunnen bijwerkingen zoals vermoeidheid en psychische belasting de zin om te vrijen verminderen. Het is belangrijk dat u zelf aangeeft waar u behoefte aan heeft. Geslachtsgemeenschap heeft geen nadelige invloed op de behandeling. De bestraling geeft geen risico voor uw partner, want u bent niet radioactief na de bestraling; er blijft geen straling in uw lichaam achter.

Huidreactie

Het is heel normaal dat uw huid reageert op de bestraling. De mate waarin uw huid reageert hangt af van het soort stralen dat wordt gebruikt, de hoogte van de stralingsdosis en de plaats van de bestraling. De huidreactie is vaak het hevigst rondom operatielittekens en in huidplooien, zoals oksels en liezen. De huid in het bestraalde gebied kan na verloop van tijd rood en gevoelig worden en wat gaan trekken. Ook kan er na een aantal weken extra pigmentatie ontstaan waardoor de bestraalde huid donkerder wordt. Soms treedt jeuk op of verschijnen er kleine blaasjes. De huid kan stuk gaan en vochtig worden. Meestal herstelt de huid zich weer binnen twee tot vier weken na afloop van de bestralingen.
Na de behandelperiode kan de huid echter kwetsbaar blijven en ook kan de kleur van de huid enigszins veranderen.

Adviezen huidverzorging

Wij willen u graag een aantal adviezen geven over de verzorging van de bestraalde huid:

  • gebruik milde zeep, milde deodorant en ongeparfumeerde huidverzorgingsproducten op de bestraalde huid
  • gebruik bij rode huid, irritatie of jeuk Cetomacrogol crème of overleg met de verpleegkundige van de Zorgpost
  • ga gerust onder de douche, liever niet in bad of zwemmen
  • droogdeppen met een zachte handdoek, dus niet wrijven
  • scheer u alleen met een elektrisch scheerapparaat
  • draag geen schurende kleding
  • houd de bestraalde huid uit de zon
  • plak geen pleisters op de bestraalde huid
  • probeer vooral niet te krabben bij jeuk

Als u vragen heeft over de huidverzorging kunt u die natuurlijk altijd stellen aan de radiotherapeutisch laboranten op het bestralingstoestel, aan de radiotherapeut-oncoloog of aan de verpleegkundigen van de afdeling Radiotherapie.