Prolactinoomonderzoek

Algemene informatie voor patiënten 

Bij patiënten met een verhoogd gehalte van prolactine is er meestal sprake van een kleine, goedaardige tumor in de hypofyse, een prolactinoom. Dit kan klachten geven als tepelvloed en verminderde vruchtbaarheid. De standaardbehandeling van een prolactinoom bestaat uit medicijnen die de afgifte van prolactine verminderen, zoals Cabergoline. Deze medicijnen leiden bij de meeste patiënten (90%) tot een daling van het prolactine. Indien op proef gestopt wordt met medicatie, stijgt bij 60-80% van de patiënten het prolactine weer. De medicijnen moeten dus vaak langdurig gebruikt worden. Terwijl helaas ongeveer 40% van de patiënten last heeft van bijwerkingen, zoals misselijkheid, obstipatie of hoofdpijn.

Een alternatieve behandeling is operatie. Via de neus wordt dan met een endoscopische operatie het prolactinoom verwijderd. Na zo’n operatie wordt het prolactine in meer dan 90% van de gevallen vrijwel direct normaal.  Wel keert bij 15% van de patiënten het prolactinoom in loop van de tijd terug. Daarnaast brengt een operatie natuurlijk een kans op complicaties met zich mee. In totaal is die kans echter, met het verbeteren van de operatietechnieken, nu kleiner dan 5%.

Meer informatie over prolactinomen en de voor- en nadelen van de verschillende behandelingen kunt u lezen op de betreffende pagina’s onder de sectie "Wat is een prolactinoom?".

Tot op heden zijn de behandelmogelijkheden voor prolactinomen nooit in een wetenschappelijk onderzoek met elkaar vergeleken, wat wel nodig is om te weten wat de beste behandeling is. Onze onderzoeken zijn erop gericht om in kaart te brengen hoe het de patiënten met een prolactinoom in Nederland vergaat (ProlaC) en te vergelijken welke behandeling de beste is in welk specifieke geval (PRolaCT). Meer informatie over onze onderzoeken kunt u vinden op de betreffende pagina’s: "ProlaC – het cohortonderzoek" en "De PRolaCT-studie".