Luxatie, schouder

Uw diagnose

De schouder kan in sommige gevallen uit de kom schieten, dit heet een schouderluxatie (uit de kom schieten). De schouder bestaat uit de kop van de bovenarm (humerus) en een kom (glenoïd) die in het schouderblad ligt. Een schouderluxatie kan optreden na een val op de betreffende arm, een sport- of verkeersongeval of bij epilepsie. 

De schouder schiet in het grootste deel van de gevallen naar voren uit de kom. In sommige gevallen (bijvoorbeeld bij een ernstig verkeersongeval of bij epilepsie) kan de schouder ook naar achteren uit de kom schieten. In de meeste gevallen moet een schouderluxatie in het ziekenhuis (op de SEH) weer in de kom getrokken worden. In zeer uitzonderlijke gevallen zelfs op de operatiekamer wanneer de patiënt in een zeer diepe slaap is en de spieren volledig verslapt zijn. Door de pijn en de verkramping van de spieren die daarmee gepaard gaat, is het belangrijk om goede, sterke pijnstillers te geven om de schouder er weer in te kunnen krijgen. 

In nog zeldzamere gevallen kan het zijn dat de schouderkop en/of de kom ook gebroken is/zijn. Dan kan er een operatie nodig zijn om de schouder weer in de kom te krijgen en ook in de kom te kunnen houden. 

Wanneer er geen operatie nodig is om de schouder weer in de kom te krijgen, kan men direct weer naar huis. U krijgt dan een speciale mitella mee om de beweeglijkheid van de schouder te beperken, zodat deze kan herstellen van de schouderluxatie. Na enkele weken bouwt u deze speciale mitella af onder begeleiding van een fysiotherapeut. Deze zal samen met u de schouderspieren trainen zodat deze sterker worden en de schouder daardoor niet meer makkelijk uit de kom kan schieten. Er geldt een ander nabehandelingstraject wanneer u een operatie moet ondergaan om de schouder weer in de kom te krijgen en stabiel te houden in de kom. 

Na een eerste schouderluxatie is het risico op een volgende schouderluxatie verhoogd. Bij mensen met een ziekte waarbij de gewrichtsbanden te slap zijn (bijvoorbeeld bij de ziekte van Ehlers Danlos), is dat risico nog meer verhoogd. Door het sterker maken van de schouderspieren wordt deze kans aanzienlijk verkleind, echter soms is er in uitzonderlijke gevallen op de langere termijn toch eventueel een operatie nodig om de schouder weer stabiel te krijgen. 

De behandeling is afhankelijk van het soort schouderluxatie (naar voren of naar achteren), of er sprake is van een bijkomende botbreuk, de mate van instabiliteit van de schouder en de onderliggende afwijking die ervoor zorgt dat de schouder er uit blijft schieten. Uw behandelend arts zal u advies geven wat in uw situatie de meest geschikte behandeling is.