Botbreuk, knie

Uw diagnose

Een botbreuk (fractuur) van de knie kan ontstaan na een val op de knie of een directe klap op de knie vaak in combinatie met een verkeersongeval. De knie is een gewricht dat bestaat uit het uiteinde van het bovenbeen (femur) en het uiteinde van het scheenbeen (tibia). De knie kan breken bij het uiteinde van het bovenbeen (distale femur fractuur) of bij het uiteinde van het scheenbeen (tibiaplateau fractuur). Daarnaast kan bij een val direct op de knie ook alleen de knieschijf gebroken zijn (patella fractuur). Daarnaast kan het bot rondom een knieprothese ook nog steeds breken na een flinke val, dit heet dan een periprothethische (peri = rondom) botbreuk. 

Óf een operatie noodzakelijk is, hangt heel erg af van het type breuk en de stand van de breuk. Als een operatie nodig is, wordt meestal gebruik gemaakt van platen en/of schroeven. Ook het soort operatie hangt af van het type breuk en eventuele bijkomende letsels. 

Bij een botbreuk rondom een knieprothese (periprothethische fractuur) is niet altijd een operatie nodig. Als er wel een operatie nodig is, kan het zijn dat in sommige gevallen de prothese vervangen moet worden. 

De behandeling (met of zonder operatie) is afhankelijk van het type breuk en eventuele bijkomende letsels. Uw behandelend arts zal u advies geven wat in uw situatie de meest geschikte behandeling is. Voor rokers is de belangrijkste stap in de behandeling te stoppen met roken. Roken kan ertoe leiden dat het bot niet geneest.

Na het oplopen van deze botbreuk is het risico op een volgende botbreuk verhoogd wanneer u ouder bent dan 50 jaar én osteoporose (botontkalking) heeft. Daarom zal er automatisch een verwijzing plaatsvinden naar de Endocrinoloog in het LUMC. Via deze afdeling zal onderzoek plaatsvinden of u eventueel osteoporose heeft, indien dit het geval is, zullen zij u daarover verdere adviezen geven.