Primaire leverkanker

Behandeling

Als bij u leverkanker is vastgesteld, dan krijgt u bij ons een behandeling op maat. Welke behandeling voor u het beste is, hangt af van de vorm en het stadium van de ziekte. Ook uw leeftijd en conditie spelen een rol.

Welke behandelingen zijn er mogelijk?

Behandelingen van primaire leverkanker kunnen worden onderverdeeld in vier groepen:

  • plaatselijke behandelingen in de lever door de interventieradioloog
  • operatieve verwijdering van de tumor
  • levertransplantatie
  • behandeling met geneesmiddelen

De eerste drie groepen passen we toe bij patiënten bij wie de leverkanker niet is uitgezaaid buiten de lever en de tumor beperkt is in aantal en omvang. Soms voeren we combinaties van deze behandelingen uit. Is de kanker uitgezaaid in of buiten de lever? Dan biedt de oncoloog mogelijk een behandeling met geneesmiddelen aan. Het specialistische team zal aan de hand van uw tumorkenmerken, de leverfunctie en de algemene conditie een behandeling adviseren.

Plaatselijke behandeling door de interventieradioloog

Er zijn meerdere radiologische technieken waarmee een primaire kwaadaardige levertumor plaatselijk behandeld kan worden. Twee technieken zijn wereldwijd het meest onderzocht en effectief gebleken: radiofrequente ablatie (wat onder narcose wordt verricht) en transarteriële chemoembolisatie (TACE). In het verleden werd ook regelmatig gekozen voor lokale alcoholinjectie, maar dat wordt tegenwoordig nog maar zelden gedaan.

In het LUMC gebruiken we ook nieuwe behandeltechnieken, zoals transarteriële Yttrium-radioembolisatie. Dit is een behandeling waarbij we via de leverslagader radioactieve bolletjes in de tumor brengen. Het LUMC heeft zeer veel ervaring met het uitvoeren van alle bovengenoemde radiologische behandelingen bij patiënten met primaire leverkanker.

Enkele weken na een behandeling beoordelen we met behulp van een MRI- of CT scan het effect. Als dat nodig blijkt, vindt daarna nog aanvullende plaatselijke behandeling plaats.

Operatieve behandeling

Tijdens een operatie verwijdert de chirurg één of meer leversegmenten. Zo’n operatie is alleen mogelijk als er voldoende functionerend leverweefsel overblijft. Dit zal van tevoren altijd zo goed mogelijk worden onderzocht door middel van verschillende onderzoeken. Soms kunnen we de levertumor door middel van een laparoscopische techniek (kijkoperatie) verwijderen. Tijdens de operatie maken we vaak nog een echo om te beoordelen of operatieve verwijdering echt mogelijk is. Na de operatie gaat het verwijderde stuk lever naar de patholoog, die een definitieve diagnose stelt en de snijvlakken beoordeelt.

Levertransplantatie

Sommige patiënten met primaire leverkanker kunnen in aanmerking komen voor een levertransplantatie. Het gaat dan om patiënten met HCC-tumoren van een beperkt aantal en diameter of kleine, in de lever gelegen, galwegcarcinomen die niet operatief te verwijderen zijn. Ook de leeftijd en eventuele bijkomende ziektes van de patiënt spelen een rol om te bepalen of iemand op de wachtlijst voor levertransplantatie kan worden geplaatst.

In een serie uitgebreide onderzoeken kijken we of er sprake is van contra-indicaties (redenen waardoor een transplantatie niet mogelijk is) en of er bijzondere voorzorgsmaatregelen nodig zijn. In de wachttijd tot aan de transplantatie zal meestal plaatselijke behandeling (zie boven) door de interventieradioloog worden uitgevoerd. Dit om de tumoren zou klein mogelijk te houden.

Behandeling met geneesmiddelen door de internist-oncoloog

Bij uitgezaaide of niet meer lokaal te behandelen leverkanker kan het zinvol zijn om behandeld te worden met medicijnen. Deze behandeling is erop gericht de klachten te verminderen (palliatief) of de levensverwachting te verlengen. Deze behandelingen worden gegeven door de internist-oncoloog.

Bij HCC (de meest voorkomende vorm van primaire leverkanker) kan behandeling met het geneesmiddel Sorafenib  plaatsvinden. Sorafenib wordt in tabletvorm ingenomen. Ook is het mogelijk dat er behandeling met andere geneesmiddelen, al dan niet binnen wetenschappelijk onderzoek wordt gegeven. Bij galwegkanker (cholangiocarcinoom) bestaat de behandeling uit chemotherapie die via een infuus wordt toegediend.

Prognose

Het is van belang om te beseffen dat landelijke cijfers slechts een indruk geven. Uw behandelend arts kan u meer vertellen over uw persoonlijke situatie. We werken bovendien continu om de prognose bij leverkanker te verbeteren.

De gemiddelde overleving bij primaire leverkanker is afhankelijk van het stadium . Van de patiënten met leverkanker stadium I is na 1 jaar nog bijna 80% in leven en na 3 jaar iets meer 60%. 1 op de 5 (20%) patiënten met leverkanker stadium IV is na 1 jaar nog in leven en 1 op de 20 (5%) na 3 jaar.

Van de patiënten die een levertransplantatie kregen wegens leverkanker, is ongeveer 70 procent na 5 jaar nog in leven.

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

In het LUMC doen we veel klinische studies op het gebied van primaire leverkanker. Hierbij worden nieuwe geneesmiddelen of behandeltechnieken onderzocht bij patiënten met primaire leverkanker. U kunt gevraagd worden om in onderzoeksverband veelbelovende, nog niet geregistreerde behandelingen te ondergaan. Bijvoorbeeld als het standaard medicijn bij u niet (meer) goed werkt. Maar ook om uit te zoeken of de toepassing van deze geneesmiddelen voor of na een operatie de kans op genezing vergroot. Uw arts kan u hier meer over vertellen.