Borstkanker

Diagnose

Een afwijking in de borst kan veel bezorgdheid geven. Juist daarom is sneldiagnose zo belangrijk. Niet elke afwijking is kwaadaardig. Maar ook goedaardige afwijkingen hebben soms behandeling en controle nodig. Wij streven er naar de periode van onzekerheid voor u zo kort mogelijk te houden. Een groot deel van de vrouwen kunnen we binnen 2 dagen geruststellen, omdat ze geen kanker blijken te hebben.

Sneldiagnose op de mammapoli

Op de mammapolikliniek zien we vrouwen die worden doorverwezen voor sneldiagnose, maar ook via de polikliniek erfelijke tumoren komen patiënten bij ons terecht. Zij hebben een erfelijke vorm van borstkanker. 

Afspraak maken voor sneldiagnose

Om een afspraak te maken voor sneldiagnose heeft u een verwijzing van uw huisarts of een specialist nodig op basis van een afwijking van de borst. De secretaresse van de mammapolikliniek zal naar aanleiding van de verwijzing contact met u opnemen voor een afspraak. 

De mammapolikliniek vindt u op locatie B-3-P (routenummer 35).

Wie komt u tegen en wat staat u te wachten?

De uitvoering van de onderzoeken is in handen van het “mammateam” van het Universitair Kankercentrum Leiden | Den Haag (UKC). Dit team is gespecialiseerd in het onderzoek naar borstafwijkingen en de behandeling daarvan. Het mammateam bestaat uit verschillende specialisten en zorgprofessionals:

  • de oncologisch chirurg (een chirurg gespecialiseerd in kanker, in het bijzonder borstkanker)
  • de internist-oncoloog (een arts die gespecialiseerd is in hormoontherapie en chemotherapie)
  • de radioloog (beoordeelt scans)
  • de patholoog-anatoom (onderzoekt weefsel)
  • de radiotherapeut (een arts die is gespecialiseerd in bestraling)
  • de plastisch chirurg (een arts die reconstructies van de borsten uitvoert)
  • de verpleegkundig specialist (casemanager van de patiënt)

De verpleegkundig specialist en de chirurg zijn vaak de eerste medewerkers uit het UKC met wie u te maken krijgt als er een knobbeltje of afwijking in de borst moet worden onderzocht. Vervolgens worden de andere specialisten uit het team betrokken om de diagnose te stellen en - als het inderdaad om kanker gaat - een behandelplan te maken. 

Het onderzoek naar borstkanker

U heeft een afspraak met de verpleegkundig specialist voor onderzoeken op de mammapolikliniek. De verpleegkundig specialist stelt u vragen over uw klachten en uw medische voorgeschiedenis. Dit wordt de anamnese genoemd.

Bij het lichamelijk onderzoek onderzoekt de verpleegkundige uw beide borsten en oksels op eventuele voelbare afwijkingen. Hierna besluiten we welke onderzoeken verder nodig zijn.

Wij plannen de onderzoeken aaneensluitend voor u in. Het kan zijn dat u tussen de onderzoeken door even moet wachten. De volgende onderzoeken zijn mogelijk: 

Mammografie  

Dit onderzoek is vrijwel altijd nodig. Het wordt uitgevoerd op de afdeling Radiodiagnostiek (op locatie  C2-S, routenummer 322). Een laborant maakt van beide borsten twee röntgenfoto’s: één in verticale en één in horizontale richting. Om een zo duidelijk mogelijke opname te kunnen krijgen wordt de borst stevig samengedrukt tussen twee kunststof platen. Dit kan pijnlijk zijn. De laborant probeert hier zoveel mogelijk rekening mee te houden.

Het aandrukken van de borst is niet schadelijk, ook niet als u een knobbeltje of borstprotheses heeft. Meteen na het onderzoek kijken we of de foto’s duidelijk en compleet zijn. Soms moeten we aanvullende opnames maken. 

Bent u doorverwezen naar aanleiding van het bevolkingsonderzoek? Dan maken we altijd een nieuwe mammografie. De foto’s van het bevolkingsonderzoek zijn dan vergelijkingsmateriaal. Een mammografie uit een ander ziekenhuis zal opnieuw worden beoordeeld.

Het onderzoek duurt ongeveer 20 tot 45 minuten. 

Echografie 

In een aantal gevallen maken we na de mammografie een echografie van de borst. Bijvoorbeeld als we een afwijking zien op het mammogram of als een voelbare afwijking niet terug te vinden is op het mammogram. Dit onderzoek gebeurt ook op de afdeling Radiodiagnostiek. Echografie maakt eventuele afwijkingen met behulp van geluidsgolven zichtbaar. De huid van de borst wordt ingesmeerd met gel waarna de borst wordt afgetast met een instrument dat geluidsgolven uitzendt en weer opvangt. De onderzoeksmethode is vergelijkbaar met een echografie tijdens de zwangerschap. Er wordt bij een echografie geen gebruik gemaakt van röntgenstralen en het onderzoek is niet belastend of pijnlijk.

Het onderzoek duurt ongeveer 10 tot 20 minuten.

Punctie 

Is er een afwijking te zien is op de mammografie en/of de echografie? Dan kan verder onderzoek nodig zijn. De radioloog doet dan een punctie tijdens de echografie. Met behulp van een dunne naald zuigt hij of zij cellen op uit de afwijking in de borst. Het weefsel wordt in het laboratorium onderzocht op de eventuele aanwezigheid van kwaadaardige cellen. 

Dit onderzoek kan zonder verdoving plaatsvinden en duurt ongeveer 10 minuten. De uitslag van de punctie is dezelfde dag bekend. 

Biopsie  

Leveren voorgaande onderzoeken onvoldoende informatie om een goede diagnose te stellen? Dan kan een biopsie nodig zijn. Een biopsie gebeurt onder plaatselijke verdoving. Met behulp van een naald wordt een klein stukje weefsel uit de afwijking in de borst gehaald. Dit weefsel wordt in het laboratorium onderzocht. 

Dit onderzoek kan na het uitwerken van de verdoving pijnklachten geven. U kunt zo nodig een Paracetamol tablet van 500 mg innemen tegen de pijn.  Het onderzoek duurt ongeveer 20 minuten. De uitslag is pas na een week bekend.

Uitslag van het onderzoek 

Het mammateam bespreekt ’s middags de onderzoeken die bij u zijn verricht. Diezelfde middag nog heeft u een afspraak bij de verpleegkundig specialist om de voorlopige uitslag van de onderzoeken te bespreken. 

Heeft u een biopsie gehad? Dan maken we een tweede afspraak voor de week erna. Tijdens deze afspraak bespreekt u met de chirurg de definitieve uitslag en het eventueel hieruit volgende behandelplan. Gezamenlijke besluitvorming vinden wij hierbij erg belangrijk. Uw arts weet veel, maar u weet zelf het beste wat u belangrijk vindt. U zult, voor zover mogelijk, dus altijd kunnen meebeslissen over uw behandeling.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

  • Schrijf uw vragen op, zodat u ze niet vergeet.
  • Neem een recente medicatielijst mee.
  • Neem iemand mee om u te ondersteunen en met u mee te denken.
  • Bekijk de patiëntenfolders van de mammapoli.