Borstkanker

Behandeling

De keuze voor een behandeling bij borstkanker maken we niet zomaar. U krijgt een behandelplan op maat, opgesteld door een team van verschillende specialisten. Gezamenlijke besluitvorming vinden wij daarbij erg belangrijk; u als patiënt heeft een belangrijk stem bij het komen tot de behandeling die het beste bij uw situatie past. Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. 

Operatie

Afhankelijk van de grootte en plaats van de tumor zijn er verschillende soorten operaties mogelijk. Een borstsparende behandeling bestaat uit het verwijderen van de tumor in de borst gevolgd door uitwendige bestraling. De bestraling duurt ongeveer 3 tot 4 weken. U hoeft hiervoor niet te worden opgenomen; de bestraling vindt op de polikliniek plaats. Bij een borstamputatie wordt de gehele borst aan de te opereren zijde verwijderd. Bestraling is daarna vaak niet nodig.

Zowel bij een borstamputatie als bij een borstsparende behandeling kan de schildwachtklierprocedure worden uitgevoerd. Hierbij kijken we of de kanker naar de lymfeklieren is uitgezaaid.

In onze patiëntenfolder leest u meer over operatie bij borstkanker.

Bestraling

Het doel van bestraling (radiotherapie) is om een tumor of eventuele resterende tumorcellen in een gebied te vernietigen. De gezonde cellen in het gebied dat bestraald wordt, raken eveneens beschadigd, maar kunnen zich in de rustperiode tussen de dagelijkse bestralingsbehandelingen herstellen. Bestraling is een plaatselijke behandeling: het deel van uw lichaam waar de tumor zit wordt bestraald. De straling komt uit een bestralingstoestel. U wordt van buitenaf, door de huid heen bestraald. De radiotherapeut en radiotherapeutisch laborant bepalen nauwkeurig de hoeveelheid straling en de plek waar u wordt bestraald.

Chemotherapie

ChemotherapieDe keuze van chemotherapie is afhankelijk van het type borstkankercellen dat bestreden moet worden. De internist-oncoloog zal dit uitgebreid met u bespreken. 

Voor de start van de chemotherapie doen wij nog enkele onderzoeken, zoals een bloedonderzoek. De verpleegkundig specialist plant daarnaast een voorlichtingsgesprek met u in en begeleidt u tijdens het gehele behandeltraject. 

Immunotherapie

Immunotherapie is een behandeling die een afweerreactie tegen kankercellen stimuleert. Deze behandeling versterkt of verandert uw eigen afweersysteem, zodat het de kankercellen beter kan herkennen en doden.

Een voorbeeld van immunotherapie is Herceptin® (Trastuzumab). Dit medicijn bevat eiwitten die zich richten op bepaalde structuren op het oppervlakte van de borstkankercel. Het signaal voor groeistimulatie van de kankercel wordt zo geremd. Deze medicatie wordt via een infuus of injectie gegeven.

Hormonale therapie

Borstkanker is vaak gevoelig voor de vrouwelijke geslachtshormonen oestrogeen en progesteron. Hormoontherapie remt de productie van oestrogeen en progesteron in het lichaam of voorkomt dat oestrogenen de groei van het gezwel kunnen stimuleren. Hierdoor hebben kankercellen minder oestrogeen beschikbaar en zullen ze minder snel of helemaal niet meer groeien.

Oncofysiotherapie

In de behandelfase is alles gericht op het bestrijden van de ziekte. De oncofysiotherapeut kan in deze fase voorlichting geven over bewegingsproblemen en helpen bij het beperken van conditieverlies en het verlichten van spanningsklachten. Uit onderzoek is gebleken dat bewegen tijdens en na de behandeling belangrijk is. 

De herstelfase draait om het herwinnen van beweeglijkheid, herstel van vertrouwen in het eigen lichaam en het ontdekken en verleggen van grenzen. Ook het hervinden van plezier is een belangrijk onderdeel. De oncofysiotherapeut kan bijvoorbeeld helpen bij het opstellen van een bewegingsprogramma om uw conditie te verbeteren en u adviseren bij het hervatten van werk en sport.

Als u klaar bent met de behandeling zijn er soms blijvende gevolgen, zoals bewegingsbeperkingen of vermoeidheid. Goede nazorg is dan belangrijk. Ervaart u dit soort klachten, dan kunt u dit bespreken met uw behandelaar. De verpleegkundig specialist of arts kan u adviseren en een oncofysiotherapeut bij u in de buurt zoeken. In veel gevallen wordt dit grotendeels gefinancierd door een aanvullende verzekering.

Alternatieve therapie

Alternatieve behandelingen worden niet door medisch specialisten aangeboden, maar door alternatieve artsen of genezers. Het belangrijkste verschil is dat van een reguliere behandeling wetenschappelijk is aangetoond dat deze bij een groot aantal patiënten kan werken. Bij een alternatieve behandeling is dat niet of in onvoldoende mate wetenschappelijk bewezen.

Borstkanker en kinderwens

EierstokWanneer u de diagnose (borst)kanker krijgt, kan de behandeling daarvan gevolgen hebben voor uw kinderwens. Zo kan bestraling of chemotherapie uw eierstokken beschadigen. Door deze schade kunt u vervroegd in de overgang raken en dat heeft grote gevolgen als u een kinderwens heeft. Het LUMC biedt diverse technieken om uw vruchtbaarheid voor de toekomst te proberen veilig te stellen. Dit heet fertiliteitspreservatie.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

Te horen krijgen dat u borstkanker hebt is ingrijpend. De behandelingen die u te wachten staan zijn dat ook. We zullen u zo goed mogelijk begeleiden en voorlichten en staan open voor al uw vragen. Daarnaast kunt u over de ziekte lezen en erover praten met uw familie en vrienden. Soms is het prettig van lotgenoten te horen hoe zij de behandeling hebben ervaren. Via de Borstkankervereniging Nederland kunt u in contact komen met lotgenoten.

Prognose

Een jaar na de diagnose borstkanker zijn vrijwel alle patiënten nog in leven als zij stadium I borstkanker hebben. Ook na 3 jaar is vrijwel 100% van deze patiënten nog in leven. Voor stadium IV is ruim 70% van de patiënten na 1 jaar nog in leven en ruim 40% na 3 jaar. Sinds 1999 is de overleving van borstkanker licht verbeterd (bron: kanker.nl). Uw arts of verpleegkundig specialist kan u meer vertellen over uw persoonlijke situatie.

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

Wetenschappelijk onderzoek is hard nodig om vroegtijdige opsporing, behandeling en het ziektebeloop van borstkanker te verbeteren. Regelmatig vragen we patiënten om mee te doen aan onderzoek, bijvoorbeeld naar nieuwe medicijnen of operatietechnieken. Uw arts of verpleegkundig specialist kan u hier meer over vertellen.