Baarmoederhalskanker (cervixcarcinoom)

Behandeling

De keuze voor een behandeling bij baarmoederhalskanker maken we niet zomaar. Uw gynaecoloog-oncoloog neemt alle factoren met u door die voor u van belang zijn. Samen met het multidisciplinaire team stelt uw gynaecoloog-oncoloog een behandelplan op dat het beste bij uw situatie past. Met de hulp van geavanceerde operatietechnieken proberen we zo de gevolgen van de behandeling zoveel mogelijk te beperken.

Overleg tussen patiënt en arts

De behandeling van baarmoederhalskanker draait vaak niet alleen om het verwijderen van een tumor. Daarom neemt uw gynaecoloog-oncoloog alle tijd om de verschillende behandelmogelijkheden met u en uw naasten door te spreken. We zullen altijd zoveel mogelijk rekening houden met uw persoonlijke omstandigheden, uw wensen en wat u belangrijk vindt. En u krijgt zo altijd volledig inzicht in de overwegingen die bij de behandelkeuze een rol spelen. 

Welke behandelingen zijn er?

Als bij u baarmoederhalskanker is vastgesteld, is het meestal nodig om te opereren. Wat voor soort operatie, hangt af van het stadium waarin de ziekte zich bevindt en of u bijvoorbeeld nog een kinderwens hebt. In sommige gevallen is het nodig om een operatie te combineren met bestraling en/of chemotherapie. Ook kan de behandeling bestaan uit een combinatie van bestraling en chemotherapie, zonder dat u eerst wordt geopereerd. 

Operatie

Bij baarmoederhalskanker zijn er twee soorten operaties mogelijk:

  • De gynaecoloog-oncoloog neemt uitgebreid de tijd om uit te leggen wat er tijdens een operatie precies gebeurtDe meest gangbare ingreep bij baarmoederhalskanker is verwijdering van de baarmoeder. Naast de baarmoeder verwijdert de gynaecoloog-oncoloog ook de ophangbanden, het bovenste stukje van de vagina en de lymfklieren in de onderbuik. De gynaecoloog-oncologen van het LUMC hebben deze operatietechniek verder ontwikkeld, zodat er minder schade optreedt aan de zenuwen. Deze zenuwen zijn van belang voor het functioneren van de blaas en de endeldarm, en voor de seksualiteit. Zenuwsparend opereren van baarmoederhalskanker is al jarenlang de standaard in het LUMC.
  • Als u nog een kinderwens hebt, kijken we altijd eerst of het mogelijk is om bij u een baarmoeder besparende operatie uit te voeren. Dit heet ook wel een radicale trachelectomie. Via de buik verwijdert de chirurg de baarmoederhals, omliggend weefsel, het bovenste stukje van de vagina en de lymfklieren. De baarmoeder blijft behouden en wordt weer aangesloten op de vagina. De kans op een zwangerschap blijft zo bestaan. De gynaecoloog-oncologen van het LUMC hebben in Nederland de meeste ervaring met het uitvoeren van deze complexe operatie, die uitkomst biedt bij kleine beginnende tumoren. In uitzonderlijke gevallen is deze behandeling zelfs mogelijk in een gevorderd stadium van baarmoederhalskanker. Hier gaat dan chemotherapie aan vooraf. 

Chemotherapie

Als de tumor te groot is voor een baarmoeder besparende behandeling, proberen we deze met chemotherapie te verkleinen. Zo kunnen we de operatie technisch toch mogelijk maken. Dit noemen we neo-adjuvante chemotherapie. 

Daarnaast kunt u ook chemotherapie krijgen als er uitzaaiingen zijn buiten de onderbuik of als de tumor na een behandeling toch terug is gekomen. Soms gebeurt dit in combinatie met bestraling. Deze gecombineerde behandeling heet chemoradiatie.

Bestraling 

Als de tumor zich niet tot de baarmoedermond heeft beperkt, en bijvoorbeeld is uitgezaaid naar de lymfklieren, is het nodig om te bestralen. Eventueel gecombineerd met chemotherapie. Soms is meteen al duidelijk dat bestraling nodig is, maar vaak blijkt pas tijdens of na de operatie dat de tumor zich buiten de baarmoedermond heeft uitgebreid. Dan krijgt u na de operatie nog aanvullende bestraling en eventuele chemotherapie.

Hoe kunt u zich voorbereiden?

Te horen krijgen dat u baarmoederhalskanker hebt is ingrijpend. De behandelingen die u te wachten staan zijn dat ook. Daarom is het belangrijk dat u zo veel mogelijk vertrouwen hebt in uw behandelaren en dat u zich bij hen op uw gemak voelt. Stel gerust alle vragen die u hebt aan de gynaecoloog-oncoloog, de radiotherapeut, de oncoloog of de verpleegkundige. Zo weet u ook precies wie de mensen zijn die u in het ziekenhuis tegenkomt.

We zullen u zo goed mogelijk begeleiden en voorlichten, zodat u zich kunt oriënteren. Daarnaast kunt u over de ziekte lezen en erover praten met uw familie en vrienden. Soms is het prettig van lotgenoten te horen hoe zij de behandeling hebben ervaren. Via de patiëntenvereniging kunt u in contact komen met lotgenoten: www.olijf.nl.

Voor elke behandeling geldt dat het goed is om tijdens de behandeling zo goed en gezond mogelijk te blijven eten. Ook voldoende lichaamsbeweging is belangrijk, mits uw conditie dat toelaat. Stoppen met roken vermindert de kans op complicaties, ook als u kort voor de operatie stopt.

Wat is de prognose?

De kans dat de behandeling effectief is en de kanker niet terugkeert, hangt af van de grootte van de tumor en of er uitzaaiingen zijn. Bij kleine tumoren die beperkt zijn tot de baarmoedermond (stadium IA2 en IB1), is de kans op een succesvolle behandeling meer dan 90%. Is er een uitzaaiing naar een lymfklier, dan is de kans 80-85%. Bij meerdere uitzaaiingen neemt de kans op succesvolle behandeling verder af. 

Het is van belang om te beseffen dat deze cijfers slechts een indruk geven. Uw gynaecoloog-oncoloog kan u meer vertellen over uw persoonlijke situatie. We werken bovendien continu om de prognose bij baarmoederhalskanker te verbeteren.  

Meedoen aan wetenschappelijk onderzoek

Het LUMC is niet alleen een centrum van medische zorg, maar ook van medisch onderzoek. Dit houdt in dat u soms gevraagd kunt worden om mee te doen aan nieuwe studies, bijvoorbeeld naar nieuwe medicijnen of operatietechnieken. Mogelijk hebben deze bij u meer effect dan de standaardbehandeling. Uw gynaecoloog kan u vertellen aan welke onderzoeken u kunt meedoen.