Methode pollentelling

De luchtmonsters voor de pollentellingen worden verkregen met behulp van een soort stofzuiger (Burkard sampler), die op het dak van het Leids Universitair Medisch Centrum staat.

In de pollensampler zit een ronddraaiende trommel met daarop een dunne cellulose strip. De strip is bedekt met een dun laagje vaseline. Via een opening zuigt de sampler met een constante snelheid buitenlucht aan. De lucht komt tegen de strip, en de kleine deeltjes uit de lucht blijven achter op de vaseline.

De trommel draait in 7 dagen eenmaal rond en verzamelt zo gedurende 1 week de deeltjes uit de buitenlucht.

De pollensampler op het dak van de zesde verdieping van het LUMC.
De pollensampler op het dak van het LUMC.

De rol met de strip, waarop de pollen zijn verzameld, wordt uit de pollensampler getild.
De rol met de strip waarop de pollen zijn verzameld, wordt uit de pollensampler getild.

Wekelijks pollen tellen

De strip wordt wekelijks van de schijf gehaald en vervangen. Van de strip met de verzamelde luchtdeeltjes worden 7 microscopische preparaten gemaakt. De pollenkorrels die in de preparaten aanwezig zijn worden onder een microscoop geteld.

Op deze wijze wordt bepaald welke soorten en concentraties pollen de voorgaande week in de lucht voorkwamen. Dit leert ons wanneer de bloei van bepaalde planten begint, piekt of eindigt.

In het laboratorium wordt de strip  met de pollen van de rol afgehaald.
In het laboratorium wordt de strip met de pollen van de rol afgehaald.

De 7 preparaten die onderzocht zullen worden in de microscoop.
De 7 preparaten die onderzocht zullen worden in de microscoop.