Grootste genetische studie van migraine levert 86 nieuwe genetische risicofactoren op

Als onderdeel van een internationaal consortium van vooraanstaande migrainewetenschappers heeft de Leidse Hoofdpijngroep meegewerkt aan het identificeren van erfelijke (genetische) risicofactoren voor migraine. Er werden meer dan 120, waarvan 86 nieuwe, genetische risicofactoren geïdentificeerd  die het risico op migraine verhogen.

Eerder onderzoek heeft aangetoond dat genetische factoren aanzienlijk bijdragen aan het risico op migraine. In de grootste genoomstudie van migraine tot nu toe hebben de onderzoekers het aantal genetische risicofactoren voor migraine dat nu bekend is meer dan verdrievoudigd. Onder de geïdentificeerde 123 genetische risicofactoren bevinden zich 86 die niet eerder zijn gedetecteerd.

In de genetische studie, een zogenoemde genoom-wijde associatie studie (GWAS), werd de genetische informatie van miljoenen genetische varianten van meer dan 100,000 migraine patiënten en ongeveer 770,000  controles vergeleken. Op deze manier werden genetische varianten geïdentificeerd die het risico op migraine verhogen.

Dr. Matti Pirinen, van de Universiteit van Helsinki, en één van de leiders van het onderzoek, zei: “We vonden twee nieuwe associaties in de buurt van genen die al het doelwit zijn van effectieve migrainemedicijnen, wat suggereert dat er andere potentiële doelwitten voor geneesmiddelen kunnen zijn onder de gevonden risicofactoren. Hiermee is er tevens een duidelijke reden voor toekomstige genetische studies van een nog grotere omvang.”. De studie toonde eveneens aan dat de twee migraine subtypes, migraine met en migraine zonder aura, zowel gedeelde risicofactoren hebben als risicofactoren die specifiek zijn voor één migraine subtype. Bovendien ondersteunen de resultaten het concept dat migraine wordt veroorzaakt door zowel neuronale als vasculaire mechanismen, waarmee is bevestigd dat migraine een neurovasculaire aandoening is.

Wat betekent dit voor de patiënt? “Het is duidelijk dat verschillende genetische risicofactoren een rol spelen bij migraine. Maar het is niet zo dat als je een van deze varianten in je DNA hebt je zeker migraine hebt of gaat krijgen. Je kan het dus niet gebruiken als een diagnostische test.”, zegt Arn van den Maagdenberg, een van de onderzoekers vanuit het LUMC. “Dit onderzoek zal een belangrijke stap zijn in het ontrafelen van de oorzaak van migraine wat tot nieuwe aangrijpingspunten voor behandeling gaat leiden. Tegelijkertijd kan best heel lang duren voor het zo ver is dat er een beter behandeling is.”, volgens migraine expert Gisela Terwindt.

De studie is een gezamenlijke inspanning van onderzoeksgroepen uit Australië, Denemarken, Estland, Finland, Duitsland, IJsland, Nederland, Noorwegen, Zweden, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.

De resultaten van de studie zijn gepubliceerd in het blad Nature Genetics.

Klik hier voor de publicatie van het onderzoek.