Veelgestelde vragen over Familiaire Hemiplegische Migraine

Hoe wordt FHM behandeld? 

De behandeling van hemiplegische migraine is ongeveer gelijk aan die van gewone migraine met aura. Net als bij gewone auraverschijnselen zonder krachtsvermindering kunnen deze niet met een acute behandeling verminderd worden. De hoofdpijn kan wel met acute behandeling verminderen. Preventieve behandeling om aanvallen te voorkomen wordt vaak toegepast, omdat de HM-aanvallen heftig kunnen zijn met langdurige auraverschijnselen en een langdurige herstelperiode van dagen tot weken. 

Erfelijkheidsonderzoek naar FHM/SHM 

Er is al het een en ander bekend over de erfelijke oorzaak van FHM en SHM. In 1998 heeft onze onderzoeksgroep ontdekt dat er bij een deel van de HM-families een afwijking is in het DNA van chromosoom 19. Deze erfelijke aanleg leidt tot een stoornis in een calciumkanaal (CACNA1A-gen), waardoor signaalstoffen in de hersenen (glutamaat en kalium) verhoogd worden en dit leidt weer tot een verlaging van de drempel voor het opwekken van de migraineaanvallen. Deze bevinding is dus uitermate belangrijk geweest voor het begrijpen van de oorzakelijke mechanismen die betrokken zijn bij deze bijzondere vorm van migraine, maar ook voor het begrip van de processen die een rol spelen bij de gewone vormen van migraine (met en zonder aura). Het is namelijk gebleken dat hetzelfde gen op chromosoom 19 ook een rol speelt bij de gewone vormen van migraine. Bij andere families wordt een afwijking gevonden in het DNA van het zogenaamde ATP1A2-gen op chromosoom 1. Een derde afwijking in het DNA, ditmaal van het zogenaamde SCN1A-gen op chromosoom 2, kan ook hemiplegische migraine veroorzaken. Genetische afwijkingen in alle drie de genen leiden tot eenzelfde verhoging van glutamaat en kalium en een verlaagde drempel voor het opwekken van een migraineaanval. De kennis van de erfelijke oorzaken kan van groot belang zijn voor de ontwikkeling van medicijnen ter voorkoming van migraineaanvallen.