| woensdag
12 oktober 2005
|
| 16.15
uur |
H.A.M.M. Meyer
|
|
| Titel:
Het vuil de stad en de dokter
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. H. Beukers
|
| Korte samenvatting
|
Wat kunnen goedwillende artsen als ze worden geconfronteerd met een mysterieuze, dodelijke epidemie? Har Meijer deed bronnenonderzoek naar de wisselwerking tussen stadsbestuurders en geneeskunstbeoefenaren (en tussen die laatsten onderling) gedurende de cholera-epidemieën in het negentiende-eeuwse Leiden (1832-1866). Zijn conclusie: de Leidse stads- en geneeskundigen hebben gefaald. Ze waren het oneens over de oorzaak van de ziekte, hun aanpak was niet uniform en er ontstond een vertrouwensbreuk met de patiënten. Dit leidde tot repercussies bij de overheid, die de dokters niet meer serieus nam en haar eigen oplossingen creëerde. In die competentiestrijd werd de patiënt uiteindelijk het kind van de rekening.
|
| donderdag
13 oktober 2005
|
| 14.15
uur |
Mw. S.M. de Sousa do Espirito Santo
|
Samenvatting:
Nederlands
/ Engels
| Titel:
Modulation of lipoprotein metabolism and
atherosclerosis in transgenic mouse models
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. Ir. L.M. Havekes
|
| Korte samenvatting
|
Mutaties in lipoproteïnereceptoren kunnen aderverkalking bevorderen. Lipoproteïn receptor-related protein (LRP) is betrokken bij opname door levercellen van cholesterolrijke restanten van lipoproteïnen uit de darm. Een relatie met verhoogd cholesterol ligt dus voor de hand. Maar Sónia Maria de Sousa do Espirito Santo ontdekte in transgene muismodellen dat de beschermende werking van LRP vermoedelijk te maken heeft met andere functies van LRP dan regulatie van vetstofwisseling. Ook onderzocht ze of chemisch goed gekarakteriseerde,
door gecontroleerde productie verkregen knoflookcomponenten hypolipidemische, anti-inflammatoire of anti-atherogene effecten hebben in APOE3-Leiden-muizen en in personen met bekende riscicofactoren voor hart- en vaatziekten. Dat bleek niet het geval.
|
| donderdag
13 oktober 2005
|
| 15.15
uur |
Mw. L.B. Rozeman
|
Samenvatting:
Nederlands
/ Engels
| Titel:
Molecular profiling of solitary and ollier
disease-related central chondrosarcomas
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. P.C.W. Hogendoorn
|
| Korte samenvatting
|
Leida Rozeman deed onderzoek naar kraakbeenvormende tumoren in het middendeel van het bot. Ze wilde onder meer weten of er verschillen zijn tussen de goedaardige variant (enchondroom) en de kwaadaardige variant (chondrosarcoom), waarbinnen drie stadia worden onderscheiden (graad I tot III). De kwaadaardigste bottumoren bleken meer gebruik te maken van de zuurstofloze manier om energie op te wekken (glycolyse). Ook bleken bij graad III tumoren de genen instabieler: ze vertoonden veel willekeurige veranderingen. De enchondromen die bij patiënten met de ziekte van Ollier door het hele lichaam optreden, bleken in haar onderzoek op moleculair niveau niet te onderscheiden van enchondromen die op zichzelf voorkomen.
|
| donderdag
20 oktober 2005
|
| 15.15
uur |
Mw. T.C.A. Tolboom
|
|
| Titel:
The role of fibroblast-like synoviocytes in cartilage degradation
during rheumatoid arthritis
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. T.W.J. Huizinga
|
| Korte samenvatting
|
De promovendus onderzocht of de ingroei van fibroblasten vanuit het synovium in het kraakbeen een rol speelt bij het ontstaan van schade aan de gewrichten bij patiënten met reumatoïde artritis (RA). Daartoe ontwikkelde ze een model waarmee deze ingroei werd nagebootst. Inderdaad bleken de fibroblasten bij RA-patiënten sterker in te groeien. Een erg hoge ingroeisnelheid ging daarnaast samen met veel gewrichtsschade. Ook deelden fibroblasten van RA-patiënten sneller. Uit het onderzoek kwam verder naar voren dat de bedekkende laag van het synovium niet bestaat uit fibroblasten, zoals werd aangenomen, maar uit epitheelcellen. De fibroblasten zouden bij RA-patiënten transformeren uit deze epitheelcellen onder invloed van een groeifactor. Mogelijk kunnen de getransformeerde cellen in de toekomst selectief gedood worden met behulp van het eiwit apoptine.
|
| dinsdag
25 oktober 2005
|
| 15.15
uur |
Mw. K.E. Templeton
|
|
| Titel:
Improved detection of respiratory pathogens by
real-time PCR
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. A.C.M. Kroes
Prof. Dr. H. Goossens
|
| Korte samenvatting
|
Katherine Templeton ontwikkelde een snelle en nauwkeurige techniek om luchtweginfecties aan te tonen. Hiermee kan de bacterie of het virus al binnen zes uur geïdentificeerd worden. Met Templetons real-time PCR wordt het DNA van de ziekteverwekker vermenigvuldigd en tegelijkertijd wordt begonnen met de identificatie. Real-time PCR heeft voordelen boven klassieke technieken als bacterie- en viruskweek en het aantonen van antilichamen. Het is erg gevoelig, stelt minder kritische eisen aan het afgenomen monster en de uitslag is meestal dezelfde dag nog binnen. Naar verwachting zal real-time PCR in de diagnostiek van luchtweginfecties dan ook steeds meer in de plaats komen van de conventionele technieken.
|
| dinsdag
25 oktober 2005
|
| 16.15
uur |
Mw. N.L.G. Sieben
|
|
| Titel:
Genetic profiling of serious borderline tumors of
the ovary
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. G.J. Fleuren
Prof. Dr. C.J. Cornelisse
|
| Korte samenvatting
|
Nathalie Sieben bestudeerde borderlinetumoren in de eierstokken. Deze categorie tumoren zit tussen goedaardige en kwaadaardige tumoren in en hebben meestal een gunstig verloop. De promovenda ontdekte dat tumoren die op verschillende plaatsen in de vrouwelijke geslachtsorganen optreden vaak dezelfde oorsprong hebben. Ook identificeerde zij twee genen (Dusp 4 en Serpina 5) die actiever zijn in borderlinetumoren dan in kwaadaardige tumoren en waaraan zij waarschijnlijk hun mildheid danken. Het effect van deze genen is dat enzymen die tot agressieve tumorgroei leiden in borderlinetumoren hun werk niet kunnen doen. Of deze kennis gebruikt kan worden bij de bestrijding van eierstokkanker, zal toekomstig onderzoek moeten uitwijzen.
|
| woensdag
26 oktober 2005
|
| 14.15
uur |
R. van Doorn
|
Samenvatting:
Nederlands
/ Engels
| Titel:
Cutaneous T-cell lymphoma: molecular pathogenesis and clinical
behaviour
|
Promotor(en)
| Prof.
Dr. R. Willemze
Prof. Dr. Th.M. Starink (VU A'dam)
|
| Korte samenvatting
|
Cutane T-cel-lymfomen (CTCL) zijn kwaadaardige woekeringen van T-lymfocyten in de huid. Men onderscheidt een aantal ziektebeelden met verschillende klinische en histopathologische kenmerken. Remco van Doorn evalueerde het ziektebeloop van de meest voorkomende vorm, Mycosis fungoïdes (MF), in een grote, representatieve patiëntengroep en identificeerde prognostische determinanten. Een variant waarbij niet de epidermis, maar haarfollikels worden aangetast had een relatief slechte prognose. Moleculair genetisch onderzoek leerde dat in CTCL-cellen het Fas-gen vaak is geïnactiveerd door alternatieve splicing, waardoor ze minder gevoelig zijn voor apoptose. Microarray-analyse onthulde veranderingen in expressie van verscheidene oncogenen en tumorsuppressorgenen. Ook afwijkingen in DNAmethylatiepatronen blijken de oorzaak van tumorsuppressorgeninactivatie in CTCL.
|
| woensdag
26 oktober 2005
|
| 16.15
uur |
R.J. Verburg
|
Samenvatting:
Nederlands
/ Engels
| Titel:
High dose chemotherapy and autologous hematopoietic stem cell
transplantation for rheumatoid arthritis
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. F.C. Breedveld
|
| Korte samenvatting
|
De promovendus onderzocht of hoge dosis chemotherapie in combinatie met stamceltransplantatie reumatoïde artritis, een chronische gewrichtsziekte, kon genezen. Ondanks het feit dat tweederde van de behandelde patiënten met reumatoïde artritis goed reageerden op de therapie, bleken ze niet volledig genezen te zijn. Na twee jaar vertoonden de meesten weer ziekteverschijnselen, maar reageerden wel beter op conventionele medicijnen, waar ze eerder resistent voor waren.
Daarnaast peilde hij de meningen van patiënten en reumatologen over de nadelen van deze risicovolle therapie. Ook bleek dat T-cellen een belangrijke rol spelen in het ontstaan en het onderhouden van reumatoïde artritis.
|
| donderdag
27 oktober 2005
|
| 14.15
uur |
Mw. M.T. Barel
|
|
| Titel:
Downregulation of MHC class I molecules by human
cytomegalovirus-encoded US2 and US11
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. E.J.H.J. Wiertz
|
| Korte samenvatting
|
Als een virus cellen van zijn gastheer is binnengedrongen, plaatsen die cellen fragmentjes van viruseiwitten op speciale moleculen op hun oppervlak, de MHC klasse I moleculen. Dat is voor cytotoxische T-cellen het sein om de geïnfecteerde cellen te doden. Maar het humane cytomegalovirus heeft eiwitten, US2 en US11, die weten te voorkómen dat er MHC klasse I moleculen met virusfragmenten aan het oppervlak van de gastheercellen verschijnen en de cytotoxische T-cellen in actie komen.
Het afweersysteem vertrouwt cellen zonder MHC klasse I moleculen echter ook niet en zulke cellen worden opgeruimd door de natural killer-cellen. Nu zijn er verschillende typen MHC I moleculen met binnen die typen nog vele varianten, en een slechts deel daarvan is belangrijk voor de presentatie van virusfragmentjes. Martine Barel keek welke varianten van MHC I moleculen precies door US2 en US11 aangepakt worden en welke niet.
|
| maandag
31 oktober 2005
|
| 16.15
uur |
J.W.A. Straathof
|
Samenvatting:
Nederlands
/ Engels
| Titel:
Reflux mechanism in gerd: analysis of the role of transient lower
esophageal sphincter relaxations
|
| Promotor(en)
| Prof.
Dr. C.B.H.W. Lamers
|
| Korte samenvatting
|
Jan Willem Straathof en Ad Masclee onderzochten de slokdarmmotiliteit, met name TLESR (Transient Lower Esophagal Sphincter Relaxations: het spontaan ontspannen van de kringspier in de onderste slokdarm) in gezonde controles, patiënten met GastroOesofagale Reflux-ziekte (GORZ) en patiënten na laparoscopische Nissen-fundoplicatie. TLESR bleken te kunnen worden gestimuleerd door distensie van de proximale maag. Toediening van gastrine, somatostatine, bombesine of arginine had geen effect op de frequentie van kringspierontspanningen. TLESR kunnen worden onderdrukt, maar afwezigheid of ernstige onderdrukking van deze complete relaxaties kunnen de veiligheidsklep-functie van de onderste slokdarmsfincter negatief beïnvloeden. Dit is het opboeren van overtollige intergastrische lucht.
|