homepage LUMC website
Afdelingen en diensten Vacatures in het LUMC Agenda van activiteiten Cicero, het nieuwsmagazine van het LUMC Het laatste nieuws
algemene informatie over het LUMC
informatie voor patienten en bezoekers
both fundamental and patient and care oriented  research/ zowel fundamenteel als patientgebonden onderzoek
opleiding tot medisch specialist
postacademisch, post HBO en MBO / Boerhaavecommissie
Informatie voor (aanstaande) werknemers
links naar diverse organisaties
E-mail
Frequent Asked Questions / Veel gestelde vragen
zoeken binnen de LUMC website
naar de website van de Universiteit Leiden

Algemeen > nieuws > promoties

Promoties Geneeskunde

In deze rubriek treft u een overzicht van de promoties, de 'promotie-agenda'.
Waar mogelijk wordt doorgelinkt naar de Nederlandse en Engelse samenvattingen van het proefschrift.

De promoties vinden plaats in het Academiegebouw, Rapenburg 73, Leiden
(routebeschrijving vanaf station Leiden naar het Rapenburg) 

(voor meer evenementen zie de 'agenda')

archief promoties

dinsdag 1 februari 2005
14.15 uur Q. Gao
Titel: Basic and clinical aspects of mucosal inflammation and healing in Crohn’s disease
Promotor(en) Prof.Dr. C.B.H.W. Lamers
Korte samenvatting De ziekte van Crohn en de darmziekte colitis ulcerosa ontstaan door chronische darmontstekingen. Bij zo’n ontsteking zijn beschadiging én herstel van darmweefsel aan de orde en het staat vast dat daarbij een groot aantal stoffen samenspeelt. Maar wat die stoffen allemaal precies doen, is nog niet bekend.
Qiang Gao bespreekt de rol van een aantal eiwitten: fibroblast groeifactoren, matrix metalloproteinasen en tumor necrosis factor-α (TNF-α). Hij kijkt bovendien naar de invloed van infliximab (Remicade®), een geneesmiddel waarbij veel Crohn-patiënten baat hebben. Het neutraliseert TNF-α, wat invloed heeft op veel andere betrokken stoffen. Gao bracht wat helderheid in het effect van infliximab.
woensdag 2 februari 2005
16.15 uur R.C. Bakker
Titel: Renal structural changes after kidney allograft transplantation
Promotor(en) Prof.Dr. M.R. Daha
Prof.Dr. J.A. Bruijn
Korte samenvatting Bij ongeveer de helft van de patiënten die een donornier ontvangen ontstaat na enige jaren een langzaam progressief verlies van de nierfunctie. Celverlies en toename van bindweefsel naast tubuli en in glomeruli, een conditie aangeduid als chronische allograft nefropathie (CAN), wordt mogelijk veroorzaakt door langdurige blootstelling aan CyclosporineA, een calcineurineremmer die weefselafstoting tegengaat (CAN wordt immers tot staan gebracht bij verlaging van de CsA-dosering). CsA lijkt geen celdood te veroorzaken in tubuli. Wel heeft het bindweefsel in CAN-nieren duidelijk een andere biochemische samenstelling. CAN kan vermoedelijk worden voorkomen door CsA drie maanden na transplantatie te vervangen door het middel azathioprine.
donderdag 3 februari 2005
15.15 uur Mw. M. Verschuur
Samenvatting:
Nederlands / Engels
Titel: Functional aspects of fibrinogen B and plasminogen activator inhibitor-1 promoter variants
Promotor(en) Prof.Dr. R.M. Bertina
Korte samenvatting Genetische variatie in de promotorgebieden van genen is medebepalend voor de reactie van deze genen op externe stimuli. Voorbeelden zijn polymorfismen in promotorgebieden van stollingsfactor fibrinogeen-β en fibrinolysefactor plasminogen-activator-inhibitor-1 (PAI-1). De fibrinogeen-β-promotor kent tot nu toe zes polymorfismen, de PAI-1-promotor twee. 
Binding van ontstekingsfactor interleukine-6 aan de fibrinogeen- β-promotor stimuleert aanmaak van fibrinogeen-β optimaal als ook transcriptiefactor hepatocye-nuclear-factor-3 aan deze promotor gebonden is. Klaarblijkelijk speelt HNF-3 een rol in de acuut-fase-respons.
PAL-1 promotorvariaties vertalen zich in verschillen in PAL-1 bloedniveaus. Maar dat laatste was alleen meetbaar in slanke individuen. PAL-1 promotorvariatie is daarom minder relevant als risicofactor voor hart- en vaatziekten.
donderdag 3 februari 2005
16.15 uur S.J. White
Samenvatting:
Nederlands / Engels
Titel: Detecting copy number changes in genomic DNA – MAPH and MLPA
Promotor(en) Prof.Dr. M.H. Breuning
Prof.Dr. G.J.B. van Ommen
Korte samenvatting Een gen dat spierdystrofieziekten veroorzaakt werd geanalyseerd m.b.v. nieuwe DNA-technieken, MAPH en MLPA, waarmee je het aantal kopieën in iemands DNA kunt detecteren: in 70% van de gevallen waren stukjes DNA verdwenen of verdubbeld. Ook bleken de technieken geschikt om bij mensen met een vertraagde verstandelijke ontwikkeling te kijken naar herschikkingen van DNA bij de chromosoomuiteinden. De MLPA-techniek werd verder verbeterd en getest op genen betrokken bij Erfelijke Mutiple Exostosen en Rubinstein-Taybi-syndroom. Ook kon dankzij MPLA worden aangetoond dat DNA-herhalingen (Multiple Site Variants) zich kunnen voordoen als Single Nucleotide Polymorfismen (gebruikelijke DNA-tests laten dus méér SNPs zien dan er zijn!)
woensdag 9 februari 2005
14.15 uur V. Bezrookove
Samenvatting:
Nederlands / Engels
Titel: pq-COBRA-FISH and premature chromosome condensation
Promotor(en) Prof.Dr. A.K. Raap
Prof.Dr. H.J. Tanke
Korte samenvatting Chromosomen, de verpakking van het DNA, zijn uiterst kleine lichaampjes waarvan er 46 in elke celkern zitten. Door ze te kleuren brengen onderzoekers eventuele afwijkingen aan het licht, bijvoorbeeld dat een stuk van het ene chromosoom is verhuisd naar het andere chromosoom. Zulke chromosoomafwijkingen kunnen ten grondslag liggen aan aangeboren ziekten of aan het ontstaan van kanker.
Dat kleuren gaat bijvoorbeeld met fluorescerende stofjes, die gekoppeld zijn aan DNA-stukjes die op bepaalde stukken van het chromosoomplakken. Vladimir Bezrookove bespreekt een in Leiden ontwikkelde techniek om met vijf kleuren fluorescerende stoffen elk chromosoom en bovendien van elk chromosoom de twee armen een eigen kleur te geven: pq-COBRA-FISH.
donderdag 10 februari 2005
16.15 uur Mw. A.M. Aartsma - Rus
Samenvatting:
Nederlands / Engels
Titel: Development of an antisense-mediated exon skipping therapy for Duchenne muscular dystropyhy
Promotor(en) Prof.Dr. G.J.B. van Ommen
Korte samenvatting Spierdystrofie van Duchenne is misschien te wijzigen in Becker spierdystrofie. Dat zou voor patiënten een verbetering zijn. Bij beide ziekten is er iets mis met het eiwit dystrofine, dat een brug vormt tussen het skelet van spiercellen en de extracellulaire matrix daarbuiten. Bij Duchenne mist dat eiwit een uiteinde en kan het dus geen verbinding maken. Bij Becker mist het eiwit een tussenstuk; het vormt nog steeds een brug, zij het een wat kortere. Vandaar dat deze ziekte minder ernstig is.
De eiwitten missen een stuk doordat er een gat (deletie) zit in het boodschapper-gen dat het recept voor het eiwit vormt. Bij Duchenne-deleties kan het boodschapper-RNA voorbij het gat niet meer worden afgelezen, bij Becker-deleties wel. Aartsma en collega’s kunnen Duchenne-deleties in principe veranderen in Becker-deleties. De methode is nog niet rijp voor klinische toepassing.
donderdag 17 februari 2005
14.15 uur I. Tchetverikov
Titel: Matrix metalloproteases involvement in rheumatoid arthritis
Promotor(en) Prof.Dr. F.C. Breedveld
Prof.Dr. T.W.J. Huizinga
Korte samenvatting Bij de chronische gewrichtsontstekingen die kenmerkend zijn voor reumatoïde artritis zijn enzymen betrokken die het kraakbeen in het gewricht afbreken: de matrix metalloproteinasen (MMPs). Ze zitten niet alleen in de aangetaste gewrichten, maar ook in het bloed en Ilja Tchetverikov liet zien dat het gehalte aan MMPs in het bloed iets zegt over het beloop van de ziekte en het effect van behandeling.
Reumapatiënten blijken meer MMPs in het bloed te hebben dan anderen, en de concentratie is hoger naarmate de ziekte actiever is. Bovendien voorspelt het gehalte aan één van de MMPs, MMP-3, hoe snel de gewrichtsschade zal toenemen. En bij mensen die leflunomide of methotrexaat kregen tegen hun ziekte dalen de MMP-gehaltes in het bloed.
donderdag 24 februari 2005
15.15 uur M. van der Neut Kolfschoten
Samenvatting:
Nederlands / Engels
Titel: Structural and functional studies on human coagulation factor V
Promotor(en) Prof.Dr. R.M. Bertina
Korte samenvatting Stollingsfactor V is één van de vele enzymen die bij de bloedstolling betrokken is. Het is normaal in een inactieve vorm in het bloed aanwezig en wordt actief als er een groot stuk uit geknipt wordt. Als de bloedstolling achter de rug is, wordt het eiwit opnieuw geknipt, op drie plaatsen, en stopt het met zijn werk. Er zijn verschillende afwijkende vormen van dit enzym bekend, er kunnen bijvoorbeeld knipplaatsen ontbreken. Marijn van der Neut ontdekte tot nu toe onbekende knipplaatsen, die een grote invloed hebben op het inactievatieproces. Hij kon dat proces er tot in detail mee bestuderen.