|
Suzanne Zuyderduyn studeerde Biomedische Wetenschappen. Eind 2007 promoveerde ze en sindsdien werkt ze als postdoc-onderzoeker op de afdeling Longziekten. “Als onderzoeker moet je vooral nieuwsgierig zijn. Van te voren vroeg ik me af: krijg ik wel ideeën? Nu, die kreeg ik. Het is heel leuk die voor je eigen onderzoek in te zetten.”
Wat onderzoek je?
Ik onderzoek de rol van gladde spiercellen en epitheelcellen bij astma en COPD, twee ziektes aan de luchtwegen. De spiercellen zitten in de wanden van de luchtwegen. De epitheelcellen vormen de bekleding van de luchtwegen. Bij astma trekken de gladde spiercellen samen waardoor benauwdheid ontstaat. Naast een verkramping van de luchtwegen komen bij astma en COPD ook ontstekingen voor. Die verergeren de benauwdheid. Uit mijn onderzoek blijkt dat de gladde spiercellen en de epitheelcellen stoffen uitscheiden die ontstekingscellen uit het bloed aantrekken. Er zijn veel meer factoren die een rol spelen, maar deze cellen zouden de ontsteking in stand kunnen houden.
Wat is het mooiste van je werk?
De vrijheid! Tijdens je promotie word je begeleid door je promotoren. Maar je bepaalt zelf wat je doet. Door te lezen, door je in je resultaten te verdiepen, kies je je pad. Het werk is heel abstract. Je doet onderzoek en daar komt iets uit. Met dat resultaat ga je verder. Je komt in een stroom terecht die je van te voren niet precies kunt voorspellen. En in die stroom van uitkomsten en ideeën kun je je eigen weg gaan.
Onderzoek verloopt in fases en is daardoor afwisselend: je werkt in het lab, je verwerkt de gegevens achter de pc, je presenteert je resultaten op congressen, et cetera.
Zijn er ook schaduwkanten?
Als onderzoeker moet je tegen tegenslagen kunnen. Soms ben je een jaar bezig met een project en blijkt dat je niets met de resultaten kunt. Een negatief resultaat is meestal niet interessant genoeg voor een publicatie. Dat is niet altijd makkelijk. Gelukkig wist ik door mijn stages wat me te wachten stond. Onderzoek gaat met ups en downs.
Verder heb je als postdoc-onderzoeker enigszins een onzeker bestaan. Tot je een vaste aanstelling hebt, moet je zelf voor je inkomsten zorgen, door fondsen aan te schrijven of door onderzoek te doen voor de farmaceutische industrie. Organisatorisch talent komt hier goed van pas.
Is onderzoeker geen eenzaam beroep?
Tijdens mijn studie realiseerde ik me al snel dat ik het heel interessant vind processen te onderzoeken. De continue interactie met patiënten trekt me minder. Mijn onderzoek speelt zich af in het lab. Ik bekijk met behulp van kweken hoe processen in het lichaam functioneren. Maar dat doe ik natuurlijk niet alleen. Je werkt in een team en ik heb bijvoorbeeld hulp van een analist. Dat is een prettige samenwerking. Ik houd ervan in het lab te zijn, maar in de loop der jaren zul je als onderzoeker meer tijd gaan besteden aan het managen van het onderzoekteam. Omdat ik graag in het LUMC wil blijven werken, ben ik nu ook mijn onderwijstaken aan het uitbreiden en dat betekent dat ik veel contact heb met studenten.
Heb je een toekomstdroom binnen je vakgebied?
Ik heb niet de illusie een nieuw geneesmiddel tegen astma te ontdekken. Ons onderzoek is zo fundamenteel: ik bekijk op een heel basaal niveau hoe een klein onderdeel van het ziekteproces in zijn werk gaat. De stappen die je maakt zijn klein. Soms vraag ik me wel af: wat draag ik nu eigenlijk bij? Aan de andere kant: als uit mijn onderzoek blijkt dat de gladde spiercel bij het beloop van astma en COPD belangrijker is dan werd aangenomen en als er daardoor meer aandacht komt voor dit onderwerp, dan heb ik toch iets bereikt. Daar zou ik heel tevreden mee zijn.
Suzanne Zuyderduyn - postdoc-onderzoeker |